Bij weigering steunaanbod; d'Ancona dreigt omroepen met lager uurbedrag

DEN HAAG, 11 SEPT. Minister d'Ancona (WVC) zal haar aanbod om tot 1993 ruim 220 miljoen gulden bij te dragen aan de vernieuwing van het publieke bestel intrekken, als de omroepen hun activiteiten voor de verbetering van de programmering opschorten. Dit schrijft de minister in een brief aan de Tweede Kamer.

Als haar aanbod niet wordt geaccepteerd, schrijft de minister, dan zullen de tekorten bij de omroep worden verrekend door de uurbedragen te verlagen die omroepen ontvangen voor het maken van programma's. De negatieve gevolgen die dat voor de budgetten zal hebben, kan volgens d'Ancona door de omroepen voor een groot deel worden gecompenseerd door efficiënter te werken.

De omroepen kondigden eerder deze week aan hun medewerking aan de vernieuwing van het bestel te zullen opschorten, als de minister van WVC niet bereid zou zijn "structureel' de tekorten aan te vullen. De minister noemde deze stap gisteren in een eerste reactie “kortzichting”. Ze vond het “allerslechtst” dat "Hilversum' zich op deze manier verzet tegen de voorstellen die zij heeft gedaan om de tekorten van de komende jaren te dekken.

d'Ancona wijst er in haar brief aan de Kamer op dat zij haar “genereus aanbod” heeft gedaan ondanks het feit dat het Meerjarenplan van de NOS op essentiële onderdelen (programma-onderbrekende reclame, toedeling van zendtijd en budget) de steun van een aantal omroeporganisaties ontbeert.

“De publieke omroepen hebben hun toekomst in eigen hand”, aldus d'Ancona. “Het gaat er mij nu om te bewerkstelligen dat de aanloop tot handelen niet zo lang wordt dat men al moe aan de sprong begint. De kritische grens daarvan wordt genaderd.”

Maandag bespreekt minister d'Ancona met de Tweede Kamer haar nota "Publieke omroep in Nederland'. In die notitie, die in juni werd gepresenteerd, stelt zij nog voor dat de omroepen 125 miljoen gulden per jaar uit eigen middelen bijdragen aan het versterken van de programmering. Enkele weken geleden toonden de omroepen zich bereid 50 miljoen gulden per jaar op te brengen, waarna d'Ancona bekendmaakte daar uit de algemene omroepreserve de komende jaren 220 miljoen gulden tegenover te willen zetten. De omroepen beschouwen dat als eigen geld en geven de voorkeur aan een meer structurele oplossing van de financiële problemen, in de vorm van hogere omroepbijdragen en-of invoering van programma-onderbrekende reclame. Voor de minister is dat onbespreekbaar.