Duitse topbankier: G-7 moet USSR snel helpen

BONN, 9 SEPT. Hilmar Kopper, president van Deutsche Bank, de grootste bank van Duitsland, heeft de groep van zeven sterkste economieën (G-7) in de wereld opgeroepen de Sovjet-Unie een overbruggingskrediet van vijf miljard dollar te geven.

Het alternatief is een moratorium op de buitenlandse schuld van de Sovjet-Unie, nu zo'n 50 miljard dollar groot. Het land zou dan worden afgesneden van Westerse fondsen wat tot gevolg kan hebben dat de nieuwe politieke structuur ineenstort, aldus de Duitse bankier afgelopen weekeinde tegenover verslaggevers.

Kopper vindt dat de lening kan worden verstrekt door de in Bazel gevestigde Bank voor Internationale Betalingen (BIB; de "centrale bank der centrale banken') voor een termijn van drie tot vijf jaar.

Koppers uitspraak volgde op een soortgelijke oproep van Friedel Neuber, de president van de Westdeutsche Landesbank Girozentrale, de vijfde bank van Duitsland, vorige week in Frankfurt.

Beide topbankiers beklemtoonden dat de Sovjet-Unie een liquiditeitscrisis tegemoet gaat wegens politieke onrust en het drastisch slinken van zijn reserves aan harde valuta. Maar volgens beide is het niet nodig de buitenlandse schuld van de Sovjet-Unie te herstructuren of haar schulden te verminderen.

Kopper zei dat dat banken in het Westen met grote belangstelling en zorg de ontwikkelingen in de Sovjet-Unie volgden. Hij deed een beroep op de leiding in Moskou het voortbestaan van financiële instellingen als Staatsbank en Bank voor de buitenlandse handel te garanderen. “De Bank voor buitenlandse handel is de navelstreng met de internationale financiële gemeenschap”, zei Kopper. Ontmanteling van de bank, een gevestigde en solide instellingen met tot dusver erg goede relaties met het Westen, zou volgens hem de kans op Westerse kredieten snel kleiner maken. Voortbestaan van de bank zou publieke en private crediteuren in het Westen verzekeren dat ze zich geen zorgen hoeven te maken over hun uitstaande kredieten.

Kopper waarschuwde de republieken niet op eigen houtje een nieuwe munt in te voeren, dat zou een stap in de verkeerde richting zijn en enorm veel technische problemen met zich meebrengen, zeker nu sommige republieken voor 90 procent van hun handel afhankelijk zijn van Rusland, veruit de grootste republiek van de Sovjet-Unie. (Reuter)