Dienstplicht

In het artikel van 26 augustus over R. van der Ploeg, hoogleraar economie te Tilburg, trof mij diens pleidooi voor de afschaffing van de dienstplicht met als argumenten dat deze economisch inefficiënt en onrechtvaardig zou zijn. Deze argumenten worden niet uitgewerkt. Onbekend blijft welk alternatief betrokkene voor ogen heeft als de dienstplicht inderdaad zou verdwijnen. Geen leger of een beroepsleger?

De recente ontwikkelingen in de Sovjet-Unie ondersteunen het standpunt van degenen die vinden dat als er een leger moet zijn, dit overwegend uit dienstplichtigen moet bestaan. Omdat het leger naast de functie van verdedigingsmiddel tegen externe agressie ook de functie heeft van handhaving - in laatste instantie - van de interne orde. Wat nu als de handhavers van die orde tot een gevestigde orde zouden zijn geworden die niet meer gelegitimeerd wordt door de bevolking of zich zelfs tegen deze zou keren? In ons land gelukkig niet een direct voor de hand liggende situatie, maar toch. Het ligt voor de hand dat een leger van financieel volledig van de overheid afhankelijke beroepskrachten in een dergelijke situatie een ondemocratische instelling en een leger dat hoofdzakelijk uit dienstplichtigen bestaat heeft niet automatisch een democratisch karakter. Maar de dualiteit van een krijgsmacht die enerzijds uit een permanent deel van beroepspersoneel en anderzijds een vlottend en omvangrijker deel van dienstplichtigen bestaat vormt op zichzelf een factor die de integratie van de krijgsmacht in de gehele samenleving bevordert en het leven van een eigen leven binnen die samenleving, met alle risico's vandien, belemmert.