ODE AAN HET OUDE AMBACHT

Oude Techniek door Alex den Ouden 2 delen: 258 en 255 blz., geïll., De Archaeologische Pers 1991, f 42,50 per deel (gebonden: f 58,00), rechtstreeks te bestellen onder 040-520048 geen ISBN

Net als de auto van nu eindigde het paard van toen bij ernstig gebrek of onoverkomelijke schade op de sloop. De eigenaar kreeg er dan tenminste nog iets voor terug want een dood paard leverde nuttige materialen als cyaankali (onmisbaar bij de fabricage van Pruisisch blauw), diverse mestsoorten, ivoorzwart, ruwe lijm, ammoniakzouten, gelatine, darmen, leer, haar, vilt, uitgesmolten vet (voor de zeepzieder), hoorn en smeerolie. Tegelijk betekende een paardenvilderij voor de directe omgeving een bron van overlast: hij verspreidde een ondraaglijke stank en ook ongedierte en ziekten.

De paardenvilderij is een van die "oude technieken' waarvan Alex den Ouden, specialist op het gebied van historisch-technisch onderzoek, studie heeft gemaakt. Hoe werkte het?, vraagt de Eindhovense ingenieur zich aldoor af. Hoe werd het gemaakt? Hoe ging het er in de bedrijven aan toe? Sociale en economische aspecten, zo stelt Den Ouden, zijn afdoende door anderen belicht en komen op het tweede plan.

Van bierbrouwen tot worstmakerij, van roterende vliegtuigmotoren tot klapbruggen, van asbest tot vlakglas; in ruim vijftig hoofdstukjes (eerder verschenen in de bijlage Wetenschap & Onderwijs van deze krant) worden de meest uiteenlopende technieken met liefde opgepoetst. Beide delen van Oude Techniek zijn volledig in eigen beheer gemaakt. Lay-outen, illustreren, zetten, drukken, binden en afwerken: de eenmansuitgeverij De Archaeologische Pers draait er zijn hand niet voor om. ""Beter een eenvoudige uitvoering die kleinere oplagen mogelijk maakt dan een grote oplage en na een jaar verramsjen', is het credo. Den Ouden baseert zich op vakliteratuur, archiefmateriaal, bewaard gebleven machines en - voor zover mogelijk - gesprekken met bedienend personeel. Het resultaat van zijn naspeuringen is een ode aan het oude ambacht, aan de degelijke vakkennis van weleer, aan de klassieke produkten die op klassieke wijze uit klassieke materialen worden vervaardigd. En aan de authentieke vakterm. ""Als polijstpasta diende tripoli en voor het fijnere werk Parijsch rood', heet het solide en poëtisch in een paragraaf over galvanotechniek.

Schrijven over oude techniek is niet afdoende, het beste zou zijn de procédés te reconstrueren. Een mooie taak voor musea? Graag zou Den Ouden zien dat moderne technologen het belang van "historisch perspectief' eens leerden onderkennen. Zoals DAF-trucks, dat een verzamelaar met een privémuseum ten langen leste onderdak bood (eerder stelde de Raad van Bestuur dat een modern bedrijf zich niet moest bezighouden met iets als "verleden'). Op het moment heeft het conserveren van technische objecten een wel zeer lage prioriteit. Dat zit hem voor een deel in de grootschaligheid. In de ambachtelijke sfeer is veel mogelijk maar een afgedankte hoogoven met hulpapparatuur zou jaarlijks vele tonnen aan onderhoud vergen. ""Dan maar 'ns geen overgewaardeerd modern schilderij kopen?' oppert Den Ouden voorzichtig, om terecht te constateren dat, wil het ooit zover komen, eerst het imago van de oude techniek flink zal moeten worden opgevijzeld. Waarna hij de daad bij het woord voegt.