Gladde akker omgeploegd voor de natuur

VLAGTWEDDE, 7 SEPT. De chauffeur van de bulldozer komt uit Wijster, is 55 jaar oud en heet Johannes Stel. Hij ploegt met zijn machine door een voormalige, tien hectare grote akker - het Eemboerveld - bij Vlagtwedde in Zuidoost-Groningen om hier de voorwaarden te scheppen voor herstel van de natuur. Dat betekent reliëf aanbrengen, anders gezegd: dalen uitgraven en heuvels opwerpen, zodat de bodem, bestaande uit lemige zandgrond, zijn voor-agrarische glooiingen terugkrijgt.

Stel doet dit werk met vreugde - liever, zegt hij, dan grondverzet in omgekeerde richting. Egaliseren heet dat en hij weet ervan mee te praten. Hier, op dezelfde plek in de landstreek Westerwolde, moest hij op de kop af twintig jaar geleden de oude hoogteverschillen gladstrijken in het kader van een ruilverkaveling, dus ten gunste van de landbouw. En nu wordt de zaak opnieuw overhoop gehaald.

Zo blijft het werk in de wereld en dat mag in dit geval kenmerkend heten voor veranderingen die zich hier en daar in de provincie afspelen: boerenland wordt weer in dienst gesteld van de natuur. De tijd van ontginningen is definitief voorbij; nu volgt, aarzelend en nog incidenteel, het tegengestelde proces. Natuurtechniek in plaats van cultuurtechniek.

De man uit Wijster werkt voor ingenieursbureau Oranjewoud, dat op zijn beurt een opdracht uitvoert voor Natuurmonumenten. Deze vereniging bezit in Westerwolde, in het beekdal van de Ruiten A, enkele reservaten, waardoor het stiefmoederlijk met natuur bedeelde Groningen niet helemaal van de ecologische kaart is verdwenen.

En er komt meer, al is het voorlopig maar tien hectare, nu Natuurmonumenten de hand wist te leggen op het Eemboerveld daar bij Vlagtwedde. Waar enkele jaren terug nog tarwe, aardappelen en bieten groeiden, moeten straks bomen, doornige struwelen, struikhei en wilde orchideeën tot wasdom komen, compleet met bijbehorend dierenleven. Hier wordt de zogenoemde natuurontwikkeling beproefd, wat betekent dat de bewuste grond, aan agrarisch gebruik onttrokken, na een fase van menselijk ingrijpen weer op eigen, natuurlijke benen leert te staan. “Een creatieve, zo men wil offensieve dimensie aan de gangbare, defensieve politiek van natuurbehoud”, zoals het in die kringen wordt uitgedrukt.

In het Groningse veld, dat op het moment de trekken van een maanlandschap vertoont, verricht Stel met zijn bulldozer het voorbereidende werk, dat ook een aanpassing van de waterhuishouding omvat. Het peil moet omhoog om het kwaad van verdroging te keren. Er is een poel gegraven om te zijner tijd kikkers te huisvesten (nu zwemt er trouwens al een onvolgroeid, eenzaam exemplaar rond) en in een volgende fase worden niet alleen solitaire bomen, maar ook bosjes aangeplant.

Een voordeel is dat de voormalige akker grenst aan het bestaande reservaat Metbroekbos. De twee moeten in de toekomst naadloos in elkaar overgaan, zodat hier het "postzegelformaat' van de natuur wordt overschreden. De term is van een medewerker van Natuurmonumenten, die - om het doel te bereiken - de hulp inroept van het Natuurbeleidsplan: hetzelfde plan dat men in gevaar ziet komen door kortingen op de begroting van Landbouw.

Hoe dan ook, wie wil weten hoe het Eemboerveld er volgens de plannen uit komt te zien, kan zich het best in het Metbroekbos vervoegen: een combinatie van loofbomen en grasland, waar een kudde Lakenvelder koeien graast. Op zichzelf al een curieus verschijnsel. Van dit oude cultuurras telt Nederland slechts enkele honderden dieren, die opvallen door een brede, witte strook over hun zwarte of rode lijf. Alsof er een laken omheen is gespannen. Toch komt volgens ingewijden daar hun naam niet vandaan; die is ontleend aan de Zuidhollandse buurtschap Lakenveld.

Een mooi gebied, dat Metbroekbos en ook nog rijk aan vogels. Hier broeden de havik, buizerd en wielewaal en zelfs de grauwe klauwier, die nationaal tot de zeldzaamheden behoort en de gewoonte heeft zijn prooi in de vorm van insekten bij wijze van voorraadvorming aan de stekels van de bramenstruik te spietsen. Daar vlakbij ligt het gehucht Smeerling, dat de status van beschermd dorpsgezicht geniet en waar Natuurmonumenten diverse boerderijen bezit. Reeën leven hier ook en niet de boer, maar de bulldozerchauffeur ploegt voort.