FRANKRIJK

De non-fictie boekentoptien van L'Express zag er vorige week als volgt uit:

1: Dieu et la Science - Jean Guitton, Grichka et Igor Bogdanov, Grasset 2: L'Affrontement - Giscard d'Estaing, Cie 12 3: Chère George Sand - Jean Chalon, Flammarion 4: La Folle Avoine - Guy Georgy, Flammarion 5: Notre ami le roi - Gilles Perrault, Gallimard 6: Les Roucasseries - Jean Roucas, Edit. no.1-Michel Lafon 7: Proust - Ghislain de Diesbach, Perrin 8: Un si proche Orient - Marie Seurat, Grasset 9: Le livre des sens - Diane Ackerman, Grassset 10: L'Epreuve - Béatrice Saubin, Laffont

Dat een werk van wetenschappelijke popularisering maandenlang bovenaan de nonfictie-toptien staat, is op zichzelf al opvallend. Als dit dan ook nog in de vakantieperiode gebeurt, moet er iets bijzonders aan de hand zijn. In Dieu et la science discussieert de christelijke filosoof Jean Guitton met twee astrofysici over het ontstaan van het heelal. Er wordt een poging ondernomen tot overbrugging van de theologische exegese van de schepping en de materialistische benadering van het ontstaan van het heelal. Guitton en de tweelingbroers Grichka en Igor Bogdanov speculeren met name over de vraag in hoeverre de jongste ontdekkingen van de moderne fysica aansluiting vinden bij de theologische opvattingen over het ontstaan van de wereld.

Het commerciële succes van het boek is opmerkelijk. In enkele maanden zijn er meer dan 200.000 exemplaren van verkocht; dat de tweeling Bogdanov bekende televisiepersoonlijkheden in wetenschappelijk programma's zijn heeft zeker tot dit succes bijgedragen.

Wat de meeste kopers nog niet weten, is dat er een bedenkelijk luchtje aan dit best-sellerschap kleeft. Igor en Grichka Bogdanov worden namelijk van plagiaat en andere onheuse zaken verdacht. De tweeling wordt ervan beschuldigd zonder bronvermelding passages, en soms hele pagina's, te hebben overgenomen uit twee eerder verschenen boeken over hetzelfde onderwerp.

De broers bekennen deels schuld, maar verdedigen zich met het argument dat dit ontlenen aan andermans boeken een gewone zaak in de wetenschap is. ""De boeken zijn oorspronkelijk, de elementen waaruit ze zijn opgebouwd zijn dat daarentegen meestal niet'', luidt hun verweer. De rel rondom Dieu et la science is een nieuwe variatie op de aloude vraag: waar eindigt het citaat, waar begint het plagiaat? De rechtbank in Parijs heeft de Bogdanovs in eerste instantie tot een geldboete veroordeeld; een vonnis over de kern van de zaak moet nog komen.

De doctoraten die de broers zeggen te bezitten (en die op de achterkant van het boek zijn vermeld) blijken merendeels alleen in hun verbeelding te bestaan. Een van de astrofysici die achterin het boek in het lijstje van geraadpleegde wetenschappers staat vermeld, zegt nooit door de auteurs te zijn benaderd. Kortom, de polemiek rondom Dieu et la science begint de dimensie van een echte affaire aan te nemen. Alleen de hoog bejaarde Jean Guitton (90) blijft voorlopig nog buiten schot.

De toptien van L'Express bevat twee nieuwe biografieën, die van Marcel Proust en van George Sand. Voeg daarbij de terugkeer op de lijst van het vorige herfst verschenen Notre Ami le Roi, de kritische beschouwing van Gilles Perrault over de regeermethoden van Hassan II (Boekenbijvoegsel 27-10-90), en het is duidelijk dat de belangstelling in Frankrijk voor het biografische genre nog steeds groeiende is.

Opvallend is de sterke positie die L'Affrontement, het tweede deel van de mémoires van Giscard d'Estaing, blijft innemen (zie het Boekenbijvoegsel van vorige week).

Een opmerkelijk boek is La Folle Avoine van Guy Georgy. Het bevat de jeugdherinneriungen van een ambassadeur en voormalig koloniaal ambassadeur, die zijn vroege jeugd als bastaardkind en wees in een daglonershuisje op het platteland van de Périgord noir doorbracht. Prachtig is het portret van zijn grootmoeder, die kon lezen noch schrijven en alleen een Occitaans dialect sprak. Kennelijk was de Franse revolutie aan haar voorbijgegaan, want zij noemde Frankrijk steevast een "koninkrijk'. Haar kennis van planten, dieren en het weer was daarentegen fenomenaal. Maar La Folle Avoine is vooral het verhaal van de emancipatie van de hoofdpersoon. Naast de pastoor heeft de onderwijzer de jonge Guy de weg naar kennis en zijn uiteindelijke carrière gewezen. Dankzij de talentvolle pen van Guy Georgy werd La Folle Avoine niet alleen een boek in het genre "Van boerenkinkel tot ambassadeur', maar ook een gevoelig geschreven verhaal over de Périgord van gisteren.

Béatrice Saubin vertelt in L'Epreuve, hoe zij in 1982 in Maleisië als 20 jarige vrouw op beschuldiging van heroïnesmokkel tot de strop werd veroordeeld. Haar Chinese minnaar had - buiten haar medeweten - een grote partij heroïne in de dubbele bodem van haar nieuwe koffer verstopt. Hoe de Maleisische douane dit ontdekte, blijft onduidelijk. Na een verblijf van tien jaar herkreeg Saubin vorig jaar tenslotte haar vrijheid. Zij schreef een hartverscheurend en tegelijk spannend verhaal over haar beproeving.