Enquête: te weinig mensen aan het werk

DEN HAAG, 7 SEPT. In Nederland bestaat geen eenstemmigheid over de economische doelstellingen die moeten worden nagestreefd, noch over de instrumenten die daarvoor het beste kunnen worden ingezet.

Dat blijkt uit een enquête die is gehouden onder lezers van het economenblad ESB, de tijdschriften Osmose en Eclaire en deze krant. Ruim zesduizend mensen hebben aan de enquête deelgenomen.

Grootste zwakte van de Nederlandse economie is volgens de deelnemers aan de enquête de arbeidsparticipatie - het deel van de bevolking dat is opgenomen in het arbeidsproces. Direct hierop volgen het financieringstekort van de overheid en de omvang van de collectieve sector. Langdurige werkloosheid, belastingdruk, regelgeving en verschillende aspecten van de loonpolitiek werden eveneens vaak genoemd. Opvallend laag is het aantal keren dat milieukwesties zijn genoemd als teken van zwakte.

Vrouwen en jongeren beoordelen de economie over het algemeen minder negatief dan mannen. Vrouwen oordelen positiever over de flexibiliteit van het arbeidsaanbod, de hoogte van het minimumloon en de bescherming bij gedwongen ontslag. Ook jongeren zijn positiever over de flexibiliteit van de arbeidsmarkt.

Het negatieve oordeel over overheid en overheidsbeleid komt uit alle geledingen. Ook vrouwen en jongeren oordelen negatief over belastingdruk en omvang van de collectieve sector, maar iets minder dan ouderen en mannen.

De resultaten van het onderzoek vormen de basis van het Nationaal Economiedebat, een initiatief van de Stichting Maatschappij en Onderneming, NRC Handelsblad, ESB en de Koninklijke Vereniging voor de Staatshuishoudkunde. Het debat heeft tot doel een openbare gedachtenwisseling uit te lokken over de toekomst van de Nederlandse economie.