Elvira Becks staat doelstelling WK duidelijk voor ogen

LEERSUM, 7 SEPT. Van de kwantitatief sterke Nederlandse delegatie in Indianapolis staat de doelstelling van het verblijf uitsluitend turnster Elvira Becks helder voor ogen. In de Noordamerikaanse stad wil de 15-jarige Nijmeegse haar deelnemersticket voor het Olympisch toernooi in Barcelona afdwingen. Het wereldkampioenschap turnen dat vanaf vandaag negen dagen lang zal voortduren is tevens de enige kwalificatie voor het Olympisch turntoernooi.

In 1976 participeerde het vaderlandse turnstersteam voor het laatst op Olympisch niveau. Middels een door vele landen bekritiseerde kwalificatieprocedure wist de vrouwenequipe onder aanvoering van de in Montreal gekozen "Miss Olympische Spelen' Jeannette van Ravenstijn het tot de elfde en voorlaatste plaats te brengen. Helaas voor ons land greep de wereldturnbond (FIG) na Montreal drastisch in en stelde voor de Spelen van Moskou in 1980 een kwalificatieprocedure vast die alle kritiek in de kiem smoorde.

De wereldkampioenschappen turnen werden een tweejaarlijkse in plaats van een vierjaarlijks evenement. Het WK in het voor-Olympisch jaar werd tevens aangewezen als de enige kwalificatiemogelijkheid. Alle teams onder het oog van één en dezelfde jury en de beste twaalf landenteams bij zowel de vrouwen als mannen zijn verzekerd van Olympische deelneming. Voor de Nederlandse turnsters behalve in 1976 ook in 1972 (München) present, betekende deze verandering dat alleen nog maar van Olympische deelname gedroomd kon worden. Immers in 1979 eindigde het turnstersteam als zeventiende, in '83 als negentiende en in 1987 (nota bene in Rotterdam) als zestiende. Het heeft tien jaar geduurd maar nu zijn ook de KNGB-beleidsmakers tot de conclusie gekomen dat Olympische kwalificatie voor het team niet meer realiseerbaar is. De enorme concurrentie in een geëvalueerde sportdiscipline als het turnen vereist diepte-investeringen in kader, accommodatie en gymnasten die de financiële draagkracht van de gymnastiekbond al vijftien jaar lang te boven gaan.

De Roemeense Nadia Comanecci zette in 1976 een trend in die Nederland slechts met grote vertraging kon volgen. De achterstand op de top twaalf landen werd steeds groter. Vandaar ook dat de technisch directeur van de gymnastiekbond Dieter Weymans als doel voor dit WK stelde: het handhaven, zo mogelijk verbeteren van het WK-resultaat in 1989. De turnsters eindigden in het landenklassement twee jaar geleden in Stuttgart als twintigste, de mannen op een 25e plek.

Gelukkig laat de FIG ook individueel presterende gymnasten toe in Barcelona en hier liggen de kansen voor Evira Becks. Want de 38 kilogram lichte Nijmeegse bewees drie weken geleden in het Britse Newcastle dat haar aspiraties serieus genomen moeten worden. In de drielandenwedstrijd Groot-Brittannië, Duitsland, Nederland dolf het team weliswaar het onderspit, maar zegevierde Becks in het individuele klassement met het "historische' achtkamptotaal van 77,525 punten.

Met een gemiddelde van 9,600 bij de mondiaal verplichte oefeningen en van (bijna) 9,800 in het keuzeprogramma heeft Elvira Becks op vreemde bodem bewezen te kunnen presteren op mondiaal sub-topniveau. Ze versloeg de Engelse Sarah Mercer (23e bij het vorige WK) en de komplete Duitse selectie, waartoe nu ook het voormalig Oostduitse deel behoort.

Haar eerste opgave in Indianapolis zal dan ook zijn om door te dringen tot het individuele WK-toernooi dat aanstaande vrijdag plaatsvindt. Ruim 200 turnsters uit 44 landen zullen vandaag en morgen de verplichte oefeningen uitvoeren op de onderdelen paardsprong, brug met ongelijke liggers, evenwichtsbalk en vloer. Dinsdag en woensdag zullen dan in teamverband de keuzeoefeningen aan bod komen. Eenendertig landen hebben een team ingeschreven, dertien landen een tot drie individuele gymnasten. Alleen de beste 36 meisjes komen in aanmerking voor het persoonlijk wereldkampioenschap in de meerkamp. Naar verwachting is in Indianapolis ten minste 77 van de maximaal haalbare 80 punten nodig om kans te maken op deelneming aan de individuele meerkampfinale. Zes jaar geleden had Therese Wilmink nog genoeg aan 73,975 punten voor plaatsing en zeven jaar daarvoor in Straatsburg (1978) was Ingrid Bolleboom de eerste Nederlandse die in een finale mocht optreden.

Elvira Becks zal het jonge en matige vaderlandse team bestaande uit Linda en Monique Slootmaker, Morena Visje, Wyke Karten en Mirjam Ruhs dan ook alleen kunnen gebruiken als springplank naar het individuele toernooi. In een artistieke sport heeft de eenling een aantal helpers nodig om gelanceerd te worden. Voorwaarde is dan wel dat de rest van het team, de waterdragers, zonder grote fouten en met elan de composities uitvoert. En hier ligt de zwakte van het team. Alleen Elvia Becks is in staat haar komplete meerkamp zonder grote fouten te tonen. De andere vijf hebben dat nog nooit gepresteerd.

Is een WK-finaleplaats voor de FIG ruimschoots voldoende om een Olympische uitnodiging te ontvangen, het Nederlands Olympisch Comité stelt andere eisen. Het NOC vond een kans op de top acht van het Olympisch toernooi een reële eis, terwijl de Westeuropese topturnlanden zoals Spanje, Frankrijk, Engeland en Italië al blij zijn met een turnster in de staart van het individuele toernooi (van 36 finalisten).