Damrak wordt "rode loper' van hoofdstad

AMSTERDAM, 7 SEPT. De Amsterdammers lopen weer te schelden op straat: amper zijn de toeristenhordes geweken of de gemeente haalt de binnenstad overhoop. Na twee jaar discussie is een begin gemaakt met de nieuwe inrichting van een van de oudste en meest gezichtsbepalende straten in Amsterdam, het zeshonderd meter lange Damrak tussen Centraal Station en de Dam. Als half november Sinterklaas weer Amsterdam betreedt, moet dit een "rode loper' voor de stad zijn geworden. De operatie kost bijna zeven miljoen gulden, waarvan het rijk twee miljoen betaalt.

Het Damrak was aan een facelift toe, daarover bestaat ondanks de overlast nauwelijks verschil van mening. Op zaterdagmiddag komen gemiddeld vijfduizend mensen per uur er langs; door de uitbouwsels, rekken, vuilnisbakken en andere hindernissen bleef er een stoepje over van nauwelijks anderhalve meter breed. Het was fysiek onmogelijk om mensen te passeren zonder elkaar aan te stoten. Als een baken in de branding staat daar ruim honderd jaar boekhandel Allert de Lange. Maar de beroemde oranje pinguïn aan het uithangbord valt in het niet in de chaotische overdaad aan terrassen, reclameborden, dubbelgeparkeerde auto's en touringcars, goedkope restaurants, wisselkantoren, speelhallen en sex- en souvenirwinkels.

Na een studiereis naar Italië is de begeleidingscommissie Stadshart met een aantal voorstellen gekomen om de situatie van het Damrak te verbeteren. Op het vernieuwde Damrak komt eenrichtingverkeer vanaf de Dam richting station, langs de Beurs van Berlage. De parkeerplaatsen verdwijnen. In het midden rijden trams, met ernaast een fietspad en een zes meter brede "wandelpromenade'. De straat wordt aangekleed met nieuw ontworpen straatmeubilair.

De gemeente heeft een inkomstenderving van zestigduizend gulden per jaar ervoor over om een groot deel van de reclame te laten verdwijnen, maar in de strijd tegen de terrassen heeft het bestuur het onderspit gedolven: de middenstand mag na de herinrichting de terrassen opnieuw opbouwen. Het idee om een architect te vragen drie of vier verschillende terrasstypes te laten ontwerpen waar de ondernemers uit konden kiezen, is gesneuveld. Wel worden de bouwsels voorgelegd aan de Welstandscommissie, maar die heeft geen vetorecht.

Ook als na 2005 onder het Damrak een nieuw metrolijn wordt gelegd zal dat volgens een woordvoerder van de gemeente geen probleem zijn: het gemeentebestuur heeft het principebesluit genomen, dat uitsluitend met de diepboormethode, dertig meter onder de oppervlakte, zal worden gegraven.

Kegels en bollen

Als je kijkt naar het tamelijk banale karakter dat het Damrak in de loop der jaren heeft gekregen, worden begrippen als "wandelpromenade' en "rode loper' niet enigszins potsierlijk? Wim Hartman, stedebouwkundige en hoofd binnenstad van de Dienst Ruimtelijke Ordening: “De functies kunnen banaal zijn, daarom hoeft de vorm dat toch niet te zijn? De hoofd-entree van de stad moet er goed uitzien, ongeacht of er dure of goedkope winkels staan. Juist daar waar het grote publiek langs komt, moet de overheid haar beste beentje voorzetten.”

Hartman was ook het brein achter de omstreden herinrichting van de Nieuwmarkt. Het plein heeft veel kritiek uitgelokt, vooral de "modieuze' hekjes en straatlantaarns ontworpen door beeldend kunstenaars Lex Schabracq en Tom Posthuma. Toch heeft Hartman hen opnieuw opdracht gegeven straatmeubilair voor het Damrak te ontwerpen: fietsrekken, bankjes, twee verschillende typen lantaarnpalen van acht en twaalf meter hoog en vijf verschillende typen anti-parkeerpalen, Damrakkertjes genoemd. De lantaarnpalen zijn opgebouwd uit gestapelde geometrische vormen als kegels, bollen, kubussen, piramides en trommels; de armatuur daarentegen is een eenvoudige hoepel.

Het is de hoogste tijd, vindt Hartman, om straatmeubilair weg te halen uit het domein van de sobere industriële massaproduktie. “Aan het meeste straatmeubilair zie je, dat het in grote series wordt gemaakt en overal moet kunnen staan. Dat is mij te neutraal. Straatmeubilair is een middel om de stad - waar nodig - extra expressie te geven.”

Wordt het Damrak niet weer een modieus incident in het straatbeeld? “Modieus niet, maar wel van deze tijd,” zegt Hartman. “Bijzondere ruimtes in de stad, zoals de Nieuwmarkt en het Damrak, moeten met bijzondere ontwerpmiddelen worden aangepakt.” Anders dan in Rotterdam en Den Haag, waar gekozen is voor één stijl door de hele stad, wil Hartman in verschillende buurten verschillende straatbeelden. “Je hangt thuis toch ook niet allemaal dezelfde lampen in de slaapkamer, de keuken en de woonkamer?” vraagt hij retorisch. “Je mag op straat best zien dat de Dam een heel ander karakter heeft dan de Nieuwmarkt, net zoals de Plantagebuurt heel anders is dan de negentiende eeuwse woonwijken.”

Hartmans volgende project is de Kalverstraat. “Die vraagt juist om een veel terughoudender benadering. Maar van zo'n cruciale plek in de stad als het Damrak, moet je iets plastisch en monumentaals maken. Hier is behoefte aan een groot gebaar.”