Aukje Marije Boonstra (20) studeerde twee jaar ...

Aukje Marije Boonstra (20) studeerde twee jaar psychologie aan de Universiteit van Amsterdam, toen ze besloot om de veilige voortgang op te geven en naar Engeland te vertrekken. Ze werkt sinds kort in Londen als vrijwilliger met lichamelijk gehandicapten.

Dinsdag 27 augustus

"I can't believe it, I can't believe it!' Dat spookt nog steeds voortdurend door mijn hoofd. Ik voel me zo onwezenlijk! Alsof ik droom en ieder moment gewoon wakker zal worden in mijn eigen bedje in Amsterdam. Maar Amsterdam is een heleboel liters zee van Londen vandaan. En ik zal de komende zes maanden hier m'n draai moeten vinden. Dat valt vooralsnog niet mee!

Zo af en toe vraag ik me af wat ik hier in hemelsnaam doe. Waar kwam toch die drang vandaan? Waarom besloot ik mijn vrienden, studie, roeien, ouders en vriend en alles achter te laten zonder dat ik wist wat ik ervoor terug zou krijgen? Ik weet het niet. Misschien dat het me dit jaar wat duidelijker zal worden, misschien ook niet...

Na een paar afschuwelijke eenzame dagen gaat het nu een stuk beter. Ik leer langzaam de mensen die hier werken en wonen wat kennen en dat bevalt tot nu toe goed. De andere vrijwilligers zijn aardig en de meesten van de gediplomeerde staf ook. De mensen die hier in Arnold House wonen zijn lichamelijk gehandicapt. Dat houdt in dat er niks mis is met hun "geestelijke vermogens'. En dat is duidelijk te merken. Ze vinden het leuk om te plagen en geplaagd te worden en om grapjes te maken. Leuk! Ik denk dat het me hier wel zal bevallen. Alhoewel half acht 's ochtends beginnen wel vroeg is! Daar moet ik even aan wennen...

Woensdag

Vandaag is de eerste dag dat ik echt zelf gewerkt heb. Vanmorgen heb ik Alan geholpen met zijn ontbijt. Alan heeft multiple sclerose (zoals negen van de twintig bewoners hier) en suikerziekte. Daarbij heeft hij veel gevoel voor humor. ""I thank God for it every day'', zegt hij. Dus Alan helpen is leuk. Hij is geduldig en makkelijk. Hij vindt het niet erg als ik iets drie keer vraag en dan nog fout doe.

Na Alan heb ik Sue geholpen. Sue heeft ook multiple sclerose en iedereen vindt haar erg vervelend. Ik vind haar lief. Ze is wel lastig. Ze vraagt allerlei nutteloze dingen zoals tellen hoeveel vieze panty's er in de wasmand zitten, maar ik vind het leuk om met haar te praten en dat lijkt wederzijds.

Ik begin langzaam de bewoners beter te leren kennen. Iedereen weet wie ik ben: vrijwilligers zijn zeer geliefd omdat ze graag willen werken en omdat ze meestal jong zijn. Het leren kennen van de rest van de staf levert wat meer problemen op. Er werken hier alles bij elkaar (keukenpersoneel meegeteld) zo'n 60 mensen, dus het duurt nog wel even voordat ik die allemaal ken! 's Ochtends zijn er vijf of zes gediplomeerde mensen en twee vrijwilligers. 's Middags en 's avonds zijn er minder mensen omdat er dan minder te doen is. 's Ochtends zeven of acht mensen lijkt redelijk, op 20 bewoners. In Nederland in een verzorgingstehuis waren we met drie gediplomeerden en één hulp op 20 bewoners... Misschien is de gezondheidszorg in Engeland toch niet zo slecht als iedereen altijd denkt!

Donderdag

Vandaag had ik een vrije dag. Ik was van plan om eens lekker uit te slapen, maar om half negen was ik zo wakker dat ik besloot Londen in te gaan. Daar heb ik rondgewandeld en St. Paul's Cathedral bekeken. Mooi! Het is raar om hier te wonen en toch alle toeristische attracties te bekijken, maar zeker de moeite waard!

Morgen ga ik met de bewoners mee op een "uitje'. We gaan naar Tate Gallery. Iedere week (soms twee keer per week) is er zo'n uitstapje voor de bewoners, waarop ze kunnen intekenen als ze mee willen. Dat vind ik heel goed, want de meeste bewoners hebben weinig te doen. Sommigen blijven de hele dag in bed of in hun kamer, sommigen zitten in de tuin, anderen rijden door het huis in hun rolstoel of kijken televisie. Een paar mensen praten met anderen, maar de meesten doen eigenlijk niks. Ze moeten echt aangemoedigd worden om iets te ondernemen. Daarvoor zijn die uitstapjes.

Verder is er een hobbykamer waar een dame de bewoners helpt bij wat ze willen doen. Stewart werkt iedere dag op de computer, John maakt allerlei beesten van klei en de meest lekkere taarten, Bob maakt mooie rieten manden en George schildert. De resultaten van dit werk worden verkocht en verloot op het jaarlijkse feest in de tuin, dat volgende week zaterdag gehouden zal worden. De opbrengst van dat feest is voor het huis. Ik ben heel benieuwd!

Vrijdag

Gisteravond heb ik tot laat in de avond zitten praten met Sid. Hij werkt hier fulltime als verpleger en is absoluut niet tevreden met de manier waarop alles hier in huis wordt geregeld. Er is te veel staf, waardoor er altijd mensen zijn die niets te doen hebben behalve 's ochtends vroeg. Hierdoor gaan de bewoners allerlei pietluttige dingen vragen die ze eigenlijk best zelf kunnen doen. Daardoor worden ze luier en luier totdat ze op een gegeven moment in een situatie komen waarin ze helemaal niks meer willen ondernemen. De meeste bewoners zijn in een soort apathie terechtgekomen doordat ze niks hoeven.

Het gekke is dat er veel staf is, maar dat er aan de andere kant voortdurend bezuinigd moet worden. Sid kan eigenlijk alleen voldoende rondkomen als hij weekends werkt, omdat dat twee keer zoveel betaalt als door de week. Maar hij krijgt haast geen weekend-dienst, omdat er bezuinigd moet worden. In het weekend werken er voornamelijk vrijwilligers, die zijn goedkoop! Sid verdient door de week vier pond per uur, dat is ongeveer 14 gulden. Datzelfde zegt Irene. Ze is Noors en verdiende in Noorwegen twee keer zoveel als hier voor minder uren en minder moeilijk werk.

Dat klinkt allemaal niet zo positief. Ik hoor van alle kanten dat er nauwelijks geld door de overheid beschikbaar wordt gesteld. Tehuizen als deze zijn voor een groot deel afhankelijk van vrijwilligers zoals ik, donaties en sponsors. Maar dat maakt mijn situatie er niet minder om. Ik heb een prima kamer, we hebben een keuken, zitkamer met televisie, badkamer met bad en we kunnen al het eten dat we willen bestellen. Wat wil een mens nog meer!

Zaterdag

Vandaag ben ik een week hier. Het lijkt al maanden. Alles van thuis lijkt heel ver weg. Het bevalt goed, ik vind het leuk om zo met mensen in de weer te zijn.

Gisteren ben ik mee geweest op het uitstapje naar Tate Gallery. Dat is nog een hele onderneming met drie mensen in een rolstoel. Ik heb me blauw geërgerd aan alle meewarige blikken van de andere bezoekers in het museum. Bah! Voordeel is wel dat iedereen onmiddellijk opzij gaat voor een rolstoel, zodat je alles heel goed kunt zien!

Ik duwde Alans rolstoel. Hij kan niet goed zien, omdat hij door de multiple sclerose z'n ogen niet stil kan houden. Eerst had ik dat niet in de gaten, maar na een tijdje ben ik gaan vertellen wat er op de schilderijen te zien was. Daar reageerde Alan heel enthousiast op. Toen bleek dat hij heel veel van schilderkunst af weet, dus werd het een zeer interessante en leerzame middag! Het was ook hondsvermoeiend, omdat Alan heel zacht en moeizaam praat, zodat ik heel goed op moet letten om hem te verstaan. Maar ik vond het erg leuk, omdat ik hem nu een beetje beter heb leren kennen.

Zondag

Vandaag heb ik voor het eerst late dienst gedaan, van twee uur 's middags tot tien uur 's avonds. Niks leuk. Het enige wat er te doen is, is wachten tot er iemand belt. Iedereen heeft een pieper en degene die niets te doen heeft beantwoordt het belletje. Ik had de pech dat ik met drie tamelijk vervelende en luie mensen moest werken. Ze hebben de helft van de tijd staan roken en roddelen over de bewoners en staf, terwijl ik als een kip zonder kop rondholde om alle belletjes te beantwoorden. Toen ik vervolgens ook nog eens op mijn kop kreeg dat ik te veel tijd bij Sue was geweest had ik het wel even gehad: stelletje soepkippen!

Iedereen heeft zo de pest aan Sue. Niemand doet zijn best om aardig voor haar te zijn, waardoor zij alleen maar vervelender wordt. Sneu... Tegen mij doet ze echt haar best om lief te zijn en niet te zeuren over bananen die vijf centimeter meer naar rechts moeten liggen. En dat allemaal alleen maar omdat ik vriendelijk ben en niet voortdurend tegen haar snauw, zoals de rest!

Ik heb veel tijd doorgebracht bij Joyce. Joyce is zo'n schat. Ze heeft, zoals iedereen hier, een of andere rare, ingewikkelde ziekte en bovendien twee gebroken benen. Daarvan heeft ze ontzettend veel pijn, maar toch is ze lief en geduldig en altijd vriendelijk. Een zeer bijzonder mens!

Ik voelde me vanavond belabberd. Ik wilde naar huis bellen, maar niemand kon geld wisselen voor de telefoon. Een beetje last van heimwee, geloof ik. Hopen dat het morgen beter gaat. Maar dat zal haast wel. Dingen zien er altijd zonniger uit als je uitgerust bent.

Maandag

Vroege dienst vandaag. Een hectische boel dus, zoals te doen gebruikelijk. Ik heb allerlei mensen met verschillende dingen geholpen. Het is verbazingwekkend hoe snel je alles leert als je het maar gewoon doet. Er zijn al zoveel dingen die ik nu kan doen waarvan ik de eerste dag dacht dat ik ze nooit zou kunnen. Ik kan mensen van een rolstoel in hun bed krijgen met een speciaal apparaat, ik kan urinezakken van mensen die hun blaas niet meer kunnen beheersen legen en aanbrengen en nog veel meer. En wat veel belangrijker is: ik vind het erg leuk om te doen. Ik vind het echt prettig om hier te werken!

Alhoewel er natuurlijk ook minder prettige kanten zijn. Vandaag moest ik helpen met Judy. Judy kan niet naar de WC; ze kan haar darm- en blaasspieren niet meer gebruiken. Dat betekent dat ze een slangetje uit haar blaas heeft lopen voor de urine en dat haar darmen met de hand geleegd moeten worden. Daar heb ik vandaag mee geholpen en dat was bepaald geen pretje. Ik viel bijna flauw, stom genoeg....

Verder had ik de schrik van mijn leven. Ik bracht wat servies naar de keuken en toen ging het brandalarm. Ik liet alles zo ongeveer uit mijn handen vallen van schrik en holde naar de stafkamer om te kijken waar de brand was. Daar zat iedereen gewoon rustig te praten: het was alleen een test! Dat doen ze iedere maandag om half drie om te kijken of alles nog werkt, maar niemand had even de moeite genomen om mij te waarschuwen. Leuk.

Dinsdag 3 september

Vandaag ben ik weer mee geweest op een uitje, naar Margate, aan de kust. Dat was me het dagje wel. Om negen uur vanmorgen vertrokken we. Om twaalf uur waren we in Margate. Een weinig opwindende badplaats. De meeste bewoners wilden naar de souvenirwinkels of gewoon wat rondkijken. Om zeven uur waren we weer thuis; alweer overuren gemaakt. Niet dat iemand zich daar iets van aantrekt, ik ben ten slotte een vrijwilliger.

Ik heb gemerkt dat ze je alleen als vrijwilliger beschouwen als hun dat goed uitkomt. Je mag absoluut niet bepalen wat je doet hier. Je wordt gewoon als ieder ander behandeld en krijgt voortdurend opdracht tot het doen van allerlei rotklusjes. Er wordt van ons verwacht dat we de benen uit ons lijf hollen omdat we vrijwilligers zijn. Zo werkt het bij mij niet helemaal.

Ik zou het liefst zien dat je als vrijwilliger 's ochtends, wanneer het het drukste is, gewoon helpt met de verzorging. 's Middags zou je dan moeten kunnen doen wat jezelf wilt, vooropgesteld dat er bewoners in betrokken zijn en dat je niet elke dag bij dezelfde bewoner bent. Ik zou graag meer tijd echt met de bewoners door willen brengen zonder voortdurend urinezakken te legen, thee te halen, sinaasappels te "voeren', enzovoorts. Gewoon praten, wandelen, knutselen, voorlezen, naar muziek luisteren, dat soort dingen. Maar dat schijnt niet te kunnen binnen het "regime' in dit huis. Toch ga ik het eens ter sprake brengen in een stafvergadering. Het moet toch mogelijk zijn om een paar uur per dag sociaal bezig te zijn in plaats van puur verzorgend?!