Vertrouwen in dollar

Na de hectische week van de (mislukte) putsch in de Sovjet-Unie was het in de afgelopen twee weken (23 augustus tot en met 5 september) relatief rustig op de valutamarkten.

De ontwikkelingen in de Sovjet-Unie (of wat daar van over is) bleven niettemin een rol spelen die met name voor enige neerwaartse druk op de Duitse mark zorgden. Op de eerste plaats ontstond op de markt discussie over de mate waarin het westen - en dan vooral Duitsland - financiële steun zou verlenen, in elk geval om de Russen voor de tweede keer door de winter te helpen. Een extra financieringslast voor de Duitsers zou de Duitse mark uiteraard niet ten goede komen. Op de tweede plaats waren sommigen van mening dat de kans op een nieuwe coup nog steeds aanwezig is. Ook werd wel gewezen op de weinig stabiele situatie in de diverse republieken. Politieke spanningen in Oost-Europa (de SU inbegrepen) werken nu eenmaal negatief uit voor de valuta van de belangrijkste frontlijnstaat. Voor het overige ging de aandacht als vanouds weer uit naar het economisch nieuws, dat vooral uit de Verenigde Staten kwam. Op 23 augustus werd een pracht van een cijfer voor de orderpositie van duurzame goederen gepubliceerd, waarvan het positieve effect op de dollar op de daaropvolgende woensdag ongedaan werd gemaakt door de publicatie van het herziene groeicijfer voor het BNP voor het tweede kwartaal (van +0,4 procent naar -0,1 procent). Het optimisme over de groeivooruitzichten voor de economie van de Verenigde Staten neemt niettemin toe, hoewel de onzekerheid blijft bestaan. Reeds anderhalve week kijkt de valutamarkt uit naar het vandaag te publiceren cijfer over de Amerikaanse werkgelegenheid over juli. Verwacht wordt dat de Fed het disconto zal verlagen, indien het cijfer tegenvalt. Gezien de verwachting van een verder dalende inflatie en negatieve reële geldgroeicijfers tot nu toe is uit monetair oogpunt weinig bezwaar tegen zo'n renteverlaging. In afwachting van het werkgelgenheidscijfer was het in de afgelopen dagen tamelijk rustig rond de dollar.

De Spaanse centrale bank heeft op 23 augustus de rente fractioneel verlaagd op grond van een voortgaande positieve ontwikkeling van de inflatie. Aan de kracht van de nog steeds fors renderende peseta deed dit niets af. Ook de Britse centrale bank heeft de rente verlaagd en wel met (de zowat traditioneel geworden) 0,5 procentpunt. De timing was onverwacht, maar het pond hield zich staande. Optimistische inflatieverwachtingen alsmede een versterkte positie van de Conservatieven in de opiniepeilingen verklaren de kracht van Sterling ondanks de renteverlaging. Voor de Fransen lijkt zo'n stap nog niet in het vat te zitten, gezien de zwakke positie van de franc in het EMS.

Bron: Rabobank Nederland-Directoraat Financiële Markten