Sovjetmatroos

De krans die een delegatie van de Sovjet-marine legde bij het Nationale monument op de Dam in Amsterdam, was de volgende ochtend alweer weg, toen de scheepskapel - inclusief gitarist, solozanger, koor, folkloristische dansers en danseressen, swingende en twistende matrozen èn tapdansers in zilveren colbertjes - voor het Koninklijk Paleis met veel succes optrad. Maar behalve gedachten over vredige verbroedering - de Russen werden naar de Dam vervoerd met DAF-bussen van het Nederlandse leger - heeft het eerste bezoek van Sovjet-marineschepen aan ons land ook iets tastbaarders achtergelaten, waarover ik mij verplicht voel hier te berichten.

Met mijn nieuwe bootje voer ik 's middags langs de twee muisgrijze schepen aan de Oostelijke Handelskade en groette de rij matrozen aan dek. Een van hen zwaaide met iets in de hand en beduidde dringend dat ik langszij moest varen. Toen ik daar stil lag liet de matroos een boekje in de boot vallen.

De steven snel afgewend van de vervaarlijk dichtbije scheepswand, scheurde ik saluerend weg. Met de boeg hoog uit het water gleed het boekje binnen handbereik: The summer of 1941 - An anatomy of the tragedy. Op de voorkant foto's van een Duits bombardement en van krijgsgevangen gemaakte Russische soldaten, de handen in de lucht. Op de achterkant foto's van de twee auteurs in militair uniform met tal van onderscheidingen. Nikolaj Raminitsjev en Robert Savoesjkin blijken hoofdredacteur en lid van de redactieraad van de tiendelige serie The Great Patriotic War of the Soviet People. Ze zijn dus de Russische Lou de Jongs.

Dobberend op het zonnige IJ las ik het voorwoord. “De nederlaag van het Sovjet-leger in het begin van de Grote Vaderlandse Oorlog (22 juni-midden juli 1941) vormt een van de meest tragische bladzijden in de militaire geschiedenis van ons land. Het had ernstige gevolgen voor het gehele vervolg van de operaties aan het Russisch-Duitse front. Verantwoordelijkheid daarvoor lag bij zeer bepaalde personen en toch deden deze mensen tijdens en na de oorlog alle mogelijke moeite de schuld bij anderen te leggen en hun eigen misdaden, vergissingen en incompetentie weg te poetsen door te verwijzen naar "omstandigheden buiten onze controle'.”

Daarna is het boekje een felle aanval op Stalin, die niets had gedaan om de Sovjet-Unie te beschermen tegen de Duitse Wehrmacht, ondanks talloze waarschuwingen dat Hitler zich niets zou aantrekken van het in 1939 gesloten niet-aanvalsverdrag tussen Duitsland en de Sovjet-Unie. De Wehrmacht viel aan met 170 divisies terwijl het Rode Leger nog niet eens was gemobiliseerd en naar de grens gebracht.

De schrijvers vertellen dat de schuld voor dit alles door Stalin werd gelegd bij een paar officieren die een maand na het begin van de oorlog werden geëxecuteerd en in 1956, drie jaar na Stalins dood, werden gerehabiliteerd. De officiële geschiedschrijving beweerde sindsdien dat Stalin inderdaad fouten had gemaakt, maar dat de hoofdverantwoordelijkheid voor de aanvankelijke nederlaag van het Rode Leger lag bij de verraderlijke nazi's.

Volgens Raminitsjev en Savoesjkin is die voorstelling van zaken verkeerd: de politieke en militaire leiders van de Sovjet-Unie hadden zélf een situatie geschapen die gunstig was voor het uitdelen van zo'n slag, die uitliep op 25 miljoen slachtoffers.

In 75 bladzijden komen Raminitsjev en Savoesjkin tot de conclusie dat het persoonlijke repressieve bewind van Stalin het land had beroofd van elk talent, activiteit en creatief denken. Hij schiep een sfeer van angst en terreur waarin niemand anders een beslissing mocht nemen dan hij.

Sindsdien is er veel veranderd: op de laatste pagina worden de lezers door uitgeverij Novosti Publishers (7 Bolshaya Pochtovaya Street, 107082 Moscow USSR) uitgenodigd hun mening te geven over het onderwerp, het ontwerp, de kwaliteit van de druk en de vertaling van het boekje.

De gemiddelde Sovjet-matroos neemt tegenwoordig het initiatief bij de verspreiding van het inzicht dat de mensen persoonlijke verantwoordelijkheid hebben èn herkent feilloos de juiste boodschapper.