Ritzen wil meer geld besteden aan de "kleine letteren'

ROTTERDAM, 6 SEPT. Minister Ritzen (onderwijs) wil de komende jaren meer geld besteden aan het onderwijs en onderzoek in de zogeheten "kleine letteren'. Uit het Hoger onderwijs- en onderzoekplan (HOOP) dat tegelijk met de begroting wordt gepubliceerd blijkt dat Ritzen daarvoor in 1995 tien miljoen gulden extra beschikbaar wil stellen.

Twee miljoen gulden is bestemd voor een nog op te richten European Institute of Asian Studies dat in Leiden moet worden gevestigd. De vorming van zo'n instituut voor begaafde Europese onderzoekers was een van de aanbevelingen die een onderzoekscommissie begin dit jaar deed ter versterking van de positie van de Aziatische talen aan de universiteiten. Deze commissie-Staal wilde dat de minister het budget van de kleinere letteren, waar de Aziatische talen toe worden gerekend, verdubbelde tot veertig miljoen per jaar.

De resterende acht miljoen verdeelt Ritzen over de zes universiteiten die kleine letteren doceren. Het grootste deel, vijf miljoen, gaat naar de Leidse Universiteit waar veel van de verschillende talen zijn geconcentreerd.

In het HOOP kondigt de minister ook versoepeling aan van de net ingevoerde bezuinigingen op de studiebeurzen voor studenten in die technische vakken waar op de arbeidsmarkt grote behoefte aan bestaat. Hij wil een fonds vormen dat door de drie technische universiteiten wordt beheerd en waaruit zij deze studenten maximaal een half jaar extra een tegemoetkoming in de studiekosten betalen. Ritzen had eerder de periode waarop studenten aanspraak kunnen maken op een beurs bekort. Dat was zes jaar. Ritzen maakte er de cursusduur plus één jaar van. Daarna kunnen de studenten het beursbedrag nog maximaal twee jaar rentedragend lenen.

Vanuit de technische universiteiten is herhaaldelijk betoogd dat vijf jaar beurs te kort is voor studenten die een technische wetenschap studeren. Zij vrezen dat studenten worden afgeschrikt om techniek te kiezen door het vooruitzicht waarschijnlijk niet in vijf jaar te kunnen afstuderen. Door deze periode in een aantal gevallen te verruimen verwacht Ritzen deze studenten alsnog te stimuleren om techniek te gaan studeren. De minister doet geen uitspraak over de hoogte van het steunfonds.

De minister wenst voorlopig nog niet toe geven aan de wens van de universiteiten om de cursusduur in de technische wetenschappen te verlengen van vier tot vijf jaar. In het HOOP herhaalt hij zijn eerdere toezegging een vergelijkend onderzoek te zullen laten doen naar de inhoud en zwaarte van de ingenieursopleidingen in Europa.