ELISE HOOMANS 1914 - 1991; Wars van bombast

De actrice en regisseuse Elise Hoomans, op 76-jarige leeftijd overleden, kan op twee manieren worden herdacht. Bij het publiek stond ze bekend om de unieke vrouwenfiguren die ze creëerde in een groot aantal rollen en zeer uiteenlopende genres, en binnen de toneelwereld was ze de pedagoge en docente die ook bij anderen zocht naar de essentie van een karakter. Sprekend over haar werk met toneelschoolleerlingen, zei ze in 1960: “Het gaat erom, dat je leert weerloos te zijn.” Daarmee omschreef ze ook haar eigen spelopvatting - wars van bombast, zo zuiver en zo open mogelijk.

Elise Hoomans bracht haar kinderjaren door in Nederlands Indië, waar haar vader ambtenaar was, en haalde in Haarlem haar hoofdacte als onderwijzeres. Ze stond al voor de klas, toen ze opeens - om redenen, die ze zelf nooit heeft kunnen verklaren - besloot naar de toneelschool te gaan. Ze haalde in 1941 haar eindexamen en leerde haar vak bij het Gemeentelijk Theaterbedrijf in Amsterdam. Na de oorlog trad ze in dienst bij het Amsterdams Toneelgezelschap van Van Dalsum en Defresne. Al in 1949 deed ze haar eerste regie, een Anouilh-voorstelling van Amsterdamse studenten.

Vrijwel vanaf het begin, in 1953, werkte Elise Hoomans bij de Arnhemse toneelgroep Theater. In kritieken uit die tijd worden over haar voorstellingen woorden gebruikt als doorzichtig en evenwichtig. Als actrice groeide ze uit van het jonge meisje met poëzie in haar stem tot de vrouw die kon fascineren door haar ogen te laten fonkelen en de woorden een eigenzinnige, soms tegendraadse melodie te geven. Bijna altijd was ze intrigerend, ze wist te suggereren dat ze slechts het puntje van de ijsberg liet zien en de rest onder bedwang hield achter haar hoge voorhoofd.

Ze hield van het vaste gezelschap, dat acteurs en regisseurs in staat stelde onderling vertrouwen op te bouwen. Als artistiek leidster hield ze koppig vast aan de traditionele functie van het repertoire-gezelschap, dat het publiek een programma van klassieken, modern-literaire stukken en blijspelen voorzette - ook toen in het toneelbestel andere opvattingen de overhand kregen. Omdat ze zich met hart en ziel aan haar werk wijdde, vatte ze kritiek vaak persoonlijk op: “Ik probeer alles zo goed mogelijk te doen en kritiek voel ik dan als een aantasting van mijn persoon.”

Toen ze in 1980 met pensioen moest, ging ze gastregies doen en gastrollen spelen. Haar fysiek kromp in elkaar, maar de felheid van haar inzet werd er alleen maar groter op. De moeder die ze in de film Vroeger is dood speelde, was al haast niet meer van deze wereld - zo etherisch en zo ver weg van het alledaagse gewoel.