Psychologische stress maakt vatbaarder voor verkoudheid

De volkswijsheid (van bezorgde moeders) wil dat je van tocht of koude voeten verkouden wordt. Bij wetenschappelijk onderzoek is het verband tussen een en ander echter nooit aangetoond.

Anders dan bij tocht en koude voeten is het verband tussen psychologische stress en vatbaarheid voor verkoudheid wel aangetoond (New England Journal of Medicine, 29 aug.). 420 Vrijwillige proefpersonen ondergingen psychologische tests waarin werd vastgesteld hoeveel stressveroorzakende gebeurtenissen ze het afgelopen jaar meemaakten, hoe vaardig ze met moeilijkheden en problemen omsprongen (coping) en welke ideeën ze over zichzelf hadden.

Na de psychologische tests kregen ze neusdruppels met een verkoudheid veroorzakende virussen ingedruppeld, ongeveer zoveel virus als er bij gewone mens-op-mens-besmetting ook binnenkomt en voldoende om bij 20 tot 60% een infectie te veroorzaken. Een groep van 26 mensen kreeg alleen druppeltjes zout water in de neus; zij vormden de placebogroep.

De 420 werden vervolgens een week lang met een tot drie personen in ruime appartementen gehuisvest, nabij de Common Cold Unit in het Engelse Salisbury. Dit onderzoeksinstituut is gespecialiseerd in verkoudheid, maar wordt met opheffing bedreigd. Na een week was bij 74 tot 90% van de geïnfecteerden het virus aantoonbaar; 27 tot 47% vertoonde de klinische verschijnselen van een verkoudheid. Ze waren snotterig, hees, ze snuifden, hoestten, proestten, hadden verstopte neusgaten of bijholten, een ruwe keel of gaven veel slijm op. Het verbruik aan papieren zakdoekjes in de appartementen werd geteld. Een aantal mensen in de placebogroep werd door medebewoners besmet.

Er was een statistisch significant verband tussen het aantal psychologische stressoren en de infectiegraad. In de groep die laag scoorde bij de meting van psychologische stress werd ongeveer een kwart verkouden. Van de mensen die hoog scoorden op de schaal werd bijna de helft verkouden. Het verband tussen stress en verkoudheid was rechtlijnig.

De vijf gebruikte virussen gaven verschillende besmettingspercentages, maar steeds was het verschil tussen mensen met en zonder psychologische stress vrijwel constant. Andere risicofactoren (roken, allergie, leeftijd en sexe) lieten geen verband zien. De serologische status bij aanvang van het onderzoek hield wel verband met de besmetting. Mensen bij wie al een virus in het bloed werd aangetoond werden in een veel lager percentage opnieuw besmet. Dat is natuurlijk logisch, want bij hen was de afweer al op toeren.

In een redaktioneel commentaar deelt de New England Journal of Medicine een compliment uit: het is het eerste onderzoek bij mensen naar psychologische oorzaken van infectieziekten waar methodologisch weinig op aan te merken is, in tegenstelling tot voorgaand werk waar tegenstrijdige resultaten uit kwamen. Maar de commentator heeft ook kritiek. Allereerst is het niet duidelijk of psychologische stress wel direct, via onderdrukking van het afweersysteem een verhoogde ziektekans geeft. Misschien zijn er niet gemeten variabelen zoals de alcoholinname en de slapeloosheid die het verschil bepalen. Vervolgens wordt vastgesteld dat het klinische belang van de uitkomst gering is.

Maar dit is de verkeerde conclusie. Een verkoudheid heeft vrijwel nooit de interesse van de medicus, en zal het ook niet hebben omdat de dokter er weinig aan kan doen. Voor bedrijfsartsen, personeelschefs en financiers van het ziekteverzuim betekent dit onderzoek het nieuws van de eeuw. Door stress te verminderen kan het ziekteverzuim tot de helft worden teruggebracht.