Meubels verschuiven in Vredespaleis

DEN HAAG, 5 SEPT. Van koortsachtige opwinding over een mogelijke vredesconferentie over Joegoslavië is nog weinig te merken in het Vredespaleis. “Gewoon wat meubels verschuiven”, zegt J.C. Schalekamp, plaatsvervangend directeur van de Carnegiestichting die het paleis in Den Haag beheert. De zaak is onder controle.

Twee dagen zijn er nog om het Vredespaleis gereed te maken, nadat gisteren bekend werd dat de conferentie over de toekomst van Joegoslavië zaterdag in Den Haag moet beginnen. Drie dagen voor de dienst Kabinet en Protocol van het ministerie van buitenlandse zaken om alle zaken betreffende protocol, beveiliging en logistiek af te ronden.

Bij Buitenlandse Zaken is men vol vertrouwen dat het goed zal verlopen. “We moeten het even in het vat zien te krijgen”, aldus een woordvoerster. Het is een conferentie van beperkte omvang, het totaal aantal betrokkenen bij de onderhandelingen zal volgens haar de honderdvijftig niet overschrijden. Daar omheen lopen dan nog tientallen ambtenaren en secretaresses. “We hopen dat het tot een dag beperkt blijft”, zegt ze.

Het eerste dat geregeld moet worden, is de communicatie. De afgevaardigden moeten op elk gewenst moment ruggespraak kunnen voeren met hun regering. Alleen al uit Joegoslavië worden acht delegaties verwacht. De PTT zal speciale verbindingen moeten leggen. Daarnaast moeten tolken worden gehuurd, ze moeten faciliteiten krijgen. Er moet voor honderden mensen worden "gecaterd'.

“Zijn jullie al een beetje bijgekomen van de schrik?”, vraagt een medewerkster vrolijk terwijl de portier de slagboom voor haar auto opent. Koos, de bewaker van het Vredespaleis, knikt bevestigend. Hij heeft de strikte opdracht gekregen niemand toe te laten - “Ieder zijn vak”, verontschuldigt hij zich. Er komen als altijd veel toeristen aan het hek. Ze moeten zich tevredenstellen met maken van foto's van de tuin. Alleen groepen die al besproken hadden, wordt deze week nog toegang verleend.

Zijn eigen mensen horen bij "het huis' en zullen geen last hebben van veiligheidsmaatregelen, volgens Schalekamp. Op het bureau in zijn gerieflijke kamer liggen kranteknipsels over de conferentie. Hij zal zaterdag moeten verhuizen of, zoals hij het zelf zegt: “Gaarne zijn kamer ter beschikking stellen aan de gasten”.

In de gangen van het Vredespaleis is het doodstil. Schalekamp toont een aantal statige kamers voor de verschillende delegaties. De "toonbare' vertrekken worden voor hen in gereedheid gebracht. Dat gebeurt, aldus Schalekamp, “een beetje op ex-aequo basis”. Het is belangrijk dat de delegaties niet met scheve ogen naar elkaar kijken. “Dat er geen wrijvingen ontstaan over elkaars accommodatie.”

Pag 3:

Grote zaal blijft in sfeer

De grote zaal van het Vredespaleis, waar zaterdag onderhandeld zal worden, ziet eruit als altijd. “Hier komt een grote tafel te staan”, weet Schalekamp. Tafels en stoelen van de rechters van het Internationaal Gerechtshof blijven op hun podium “om de sfeer te handhaven”.

In een der kamers zitten twee medewerksters haast verstopt achter hoge stapels boeken en periodieken. Zijn zij slachtoffer geworden van het "meubels verschuiven'? Nee, de stapels liggen hier opgetast, omdat er nog geen ruimte voor is gevonden in het paleis. Het budget voor de bibliotheek is vervijfvoudigd, maar dat betekent niet dat de nieuwe aanschaf kan worden verwerkt.

De medewerkers van het Vredespaleis hoeven niets te doen voor de organisatie. Ze zitten in hun kamers te werken of lopen onhoorbaar door de gang. Schalekamp spreekt een van hen aan voor hij de bibliotheek binnengaat: “Hugo, kijk jij even of de kopieermachines in orde zijn? Die hebben ze van BuZa zaterdag nodig.”

Een groep toeristen uit Tsjechoslowakije (“Dit zijn vandaag de laatsten; morgen nog een groep Duitsers”) staat in de Japanse zaal, de zaal van het Hof van Arbitrage. Ze bewonderen de gobelins en de stoelen van de vertegenwoordigers uit verschillende landen. Schalekamp herinnert zich hoe vorige week donderdag demonstrerende Koerden bezit namen van de zaal. Toen de politie de zaal wilde ontruimen, vreesde Schalekamp dat zijn wandkleden en zijn vazen zouden sneuvelen. Hij heeft de Koerden uiteindelijk kunnen bewegen de zaal te verlaten.

De eerste kluitjes Tsjechen verzamelen zich inmiddels in de tuin. Jaloers kijken andere toeristen door het hek. Een groepje Duitsers begrijpt niet wat er aan de hand is. Bewaker Koos geeft hun ook niet meer informatie dan strikt noodzakelijk. Hun verbazing blijft. Een conferentie? Over Joegoslavië? Wieso denn?