Sluipende annexatie van bezet gebied belast Israels budget

TEL AVIV, 4 SEPT. Als de socialistische oppositieleider Shimon Peres het in Jeruzalem voor het zeggen zou hebben zou er onmiddellijk een einde komen aan de verkwisting van honderden miljoenen guldens aan de nederzettingenpolitiek in de bezette gebieden. “Ik wil in Israel geen Joegoslavische situatie scheppen”, zei hij deze week tijdens een ontspannen gesprek met de buitenlandse pers in Tel Aviv. “Ik wil niet dat wij over het Palestijnse volk heersen.”

Ver van de macht droomt Peres van een Jordaans-Palestijnse confederatie en van een vrede in het Midden-Oosten waarin Israel met zijn grote intellectuele en technologische potentieel als een Hongkong kan floreren. Voor zo'n vrede mogen wat hem betreft bestaande Israelische nederzettingen in de bezette gebieden best onder vreemde soevereiniteit komen. “Waarom niet, er zijn toch ook Arabische steden en dorpen in Israel?”

Shimon Peres heeft zich als een terriër in zijn vredesvisie vastgebeten. Hij is een van de weinige Israelische politici die het Israelisch-Arabische (Palestijnse) conflict in de context van de snel veranderende wereld plaatst. Zijn politiek denken wordt geleid door ecologische en economische motieven en niet meer door angst voor de Arabieren bepaald. Veiligheidsgrenzen hebben in het tijdperk van ballistische raketten en massa-vernietigingswapens na Israels ervaring met de Iraakse Scud-raketten tijdens de Golfoorlog veel aan waarde ingeboet. Likud zou volgens hem Israel dan ook een onschatbare dienst bewijzen indien de partij zich van haar verouderde nationalistische ideologie zou bevrijden en de vredeskans in het Midden-Oosten met beide handen zou grijpen. “Het is goed om vrede te hebben voordat het Midden-Oosten wordt vergiftigd met raketten en de klok niet meer kan worden teruggedraaid.”

Maar wie luistert er in dit land naar de stem van een man die nog steeds het politieke geweten wil zijn van zijn grote leermeester, Israels vader des vaderlands David Ben Gurion? Op de politieke pagina van Ha'arets werd vastgesteld dat de annexatie-politiek al zover is gevorderd dat Israel in feite al een bi-nationale staat is. “De minister van defensie en de opperbevelhebber vergissen zich als ze denken dat raketten uit ver en nabij gelegen landen het joodse land bedreigen. Die dreiging komt van een openlijke of verborgen burgeroorlog tussen twee elkaar vijandig gezinde volkeren die binnen de grenzen van groot-Israel gevangen zitten”, schreef Ha'arets.

Pijnlijke keuze

Het heftige begrotingsdebat tussen de verschillende Likud-ministers heeft de oppositie weer even de kans gegeven de koortsachtige en miljoenen verslindende bouwactiviteit in de bezette gebieden verantwoordelijk te stellen voor de pijnlijke keuze die de regering moet maken tussen boter of kanonnen. Bevriezing van de nederzettingenpolitiek zou dit debat volgens de oppositie overbodig maken. Op die manier zou volgens de socialist Gad Jacobi 1,8 miljard gulden gespaard kunnen worden. In dat geval zou Israel over de middelen beschikken om gelijktijdig zijn leger in vijf jaar te moderniseren en de massa-immigratie uit de Sovjet-Unie - misschien een miljoen immigranten binnen vijf jaar - op te vangen.

Maar zo worden de zaken niet door de Likud-regering voorgesteld. Met de vredesconferentie over het Midden-Oosten voor de deur houden de Likud-ministers nog steeds vast aan de nederzettingenpolitiek. Voor deze ideologische heilige koe moeten alle rationele overwegingen wijken.

De nu wel heel snel sluipende annexatie van de bezette gebieden is er een van de voornaamste oorzaken van dat de begroting voor volgend jaar niet sluitend kan worden gemaakt. Het begrotingstekort wordt volgens een vannacht bereikt compromis opgevoerd om ruimte te scheppen voor uitbreiding van de defensie-uitgaven met honderden miljoenen guldens. Yitzhak Shamirs regering steekt met de verkiezingen in 1992 in het vooruitzicht gelijktijdig drie vlaggen uit: nederzettingenpolitiek, defensie, en absorptie van honderdduizenden immigranten.

Dat is volgens de critici, die ook op het hoogste niveau bij de Bank van Israel moeten worden gezocht, een krachttoer die het land niet aan kan. Zij waarschuwen voor galopperende inflatie en massale werkloosheid.

Op welk wonder Shamir rekent om aan economische gevolgen van de kostbare nederzettingenpolitiek te ontkomen is een raadsel. Misschien denkt hij van Duitsland nog miljarden marken als nog niet betaalde Oostduitse schadeloosstelling in de wacht te kunnen slepen. Of mischien hoopt hij dat president George Bush Israel tien miljard dollar aan bankgaranties geven voor de opvang van Sovjet-immigranten nog voordat er voor Washington aanvaardbare vooruitgang in het vredesproces is gemaakt.