Investeringen Nederlandse offshore fors gestegen

ABERDEEN, 4 SEPT. De bestedingen in de offshore industrie (olie- en gaswinning) op het Nederlandse deel van de Noordzee zijn vorig jaar gestegen tot circa 2,4 miljard gulden en voor 1991 wordt hetzelfde niveau verwacht. In 1989 bedroegen de uitgaven nog 1,4 miljard.

Dit maakte de organisatie van Nederlandse offshore bedrijven, de IRO, gisteren bekend op een vakbeurs in Aberdeen. De IRO heeft zich van platform-organisatie omgevormd tot een vereniging om de belangen van de 320 aangesloten bedrijven beter te kunnen behartigen. Bestuurslid mr. A.J. Rouwenhorst: “Wij willen een branche-organisatie worden waardoor alle offshore-aannemers met één stem kunnen spreken. Daardoor kunnen we beter voor onze belangen opkomen, zowel bij de Europese Commissie als bij het ministerie van economische zaken in Den Haag.”

Bij de reorganisatie speelt ook mee dat de offshore-aannemers een steviger positie willen in het overleg met hun belangrijkste opdrachtgevers, de oliemaatschappijen. Tot voor kort maakten de belangrijkste oliemaatschappijen deel uit van de IRO. Maar een grote meerderheid van de leden vond het beter als de nieuwe vereniging alleen de aannnemers vertegenwoordigt, omdat zij andere zakelijke belangen hebben, vooral op het gebied van de prijzen voor contracten.

Norman Smith, energie- analist en directeur van het bureau Smith Rea in Kent, zei dat ook op het Britse Continentaal Plat de offshore-investeringen de komende jaren fors toenemen. Na het inzakken van de olieprijs in 1986 is het aantal contracten sterk teruggelopen, vooral omdat de oliewinning op de Noordzee te duur werd. Nu zijn er weer volop activiteiten in het Britse en ook het Noorse deel van de Noordzee. Omdat de olie- en gasbronnen op het Britse deel langzamerhand uitgeput raken, lopen de offshore-activiteiten na 1992 geleidelijk weer terug. In Noorwegen en Nederland wordt daarentegen een vrij stabiele ontwikkeling verwacht.

Norwegian Contracters, de aannemer die het betonnen fundament voor een boorplatform voor het vorige maand gezonken Sleipnerveld heeft gebouwd deelde gisteren mee dat het fundament geheel verwoest op de bodem van een fjord bij Stavanger ligt. Statoil, het Noorse staatsoliebedrijf, probeert nu uit andere velden meer gas te winnen om zijn contracten vanaf oktober 1993 na te komen. Niet uitgesloten is dat een beroep op de Nederlandse Gasunie wordt gedaan om tijdelijk een deel van de leveranties over te nemen.