Ineenstorten van de Sovjet-Unie komt voor Polen niet als een verrassing; "Het Westen onderschatte de republieken'

DEN HAAG, 4 SEPT. Krzysztof Skubiszewski kan een gevoel van voldoening niet helemaal onderdrukken: het Westen heeft zich laten verrassen door de snelle ineenstorting van de staatsstructuren van de Sovjet-Unie. Polen werd niet verrast: “Wij hebben die ineenstorting zien aankomen. We zijn er absoluut niet door verrast. Integendeel: we waren erop voorbereid.”

Het Westen, zegt de minister, even in Den Haag voor bilateraal overleg, heeft zich de afgelopen jaren te voorzichtig opgesteld ten aanzien van de beweging naar meer autonomie in de republieken. “Het was veel te voorzichtig, zelfs al verkeerde het Westen in een veel betere positie dan wij, met onze economische problemen. Het Westen heeft altijd naar Gorbatsjov gekeken, en het heeft de Balten en de Russen en de Oekraïeners op afstand gehouden.”

Polen heeft dat niet. “Wij zagen de centrifugale krachten, niet alleen in de Baltische landen, ook in Georgië, Rusland en de andere republieken. Nu stort alles ineen, maar die ineenstorting is al vorig jaar begonnen. We hebben daarom toen al kunnen inspelen op de bescheiden start die de republieken toen maakten” zegt Skubiszewski.

Daartoe heeft Polen vorig jaar bilaterale akkoorden getekend met bijvoorbeeld de Oekraïne en Rusland. In dat opzicht, zegt Skubiszewski tevreden, “liggen we voor op het Westen, en zelfs op landen als Tsjechoslowakije en Hongarije.” Met een land als Litouwen, door het Westen zo lang genegeerd om de betrekkingen met Gorbatsjov niet te bederven, heeft Polen meer dan hartelijke relaties, zegt de Poolse minister: hun minister van buitenlandse zaken is al wel vijf keer op bezoek geweest en ook president Landsbergis kwam langs. “We beginnen niet op het nulpunt. Jullie wel.”

Op dit moment, zegt Skubiszewski, weet niemand hoe het nieuwe Unieverdrag eruit gaat zien, wat er van de Sovjet-competenties overblijft, en welke relatie er zal bestaan tussen Rusland en de Sovjet-Unie. “Juist daarom ben ik blij dat we al vorig jaar hebben gedacht aan verdragen met de republieken. De Sovjet-Unie, vonden we, moet op twee niveau's worden benaderd, op dat van het centrum en op dat van de republieken. Het Westen wilde dat niet begrijpen.”

Niet dat de akkoorden met de republieken, die recentlijk in grote haast hun onafhankelijkheid hebben uitgeroepen, de Polen het afgelopen jaar veel hebben opgeleverd. “Het probleem was dat de republieken niet wisten waar hun competenties lagen en wat het centrum nog besliste. “Het centrum controleerde tot nu toe alles. Er ligt al maanden een handelsakkoord tussen Polen en de Oekraïne op ondertekening te wachten. Ik heb gezegd: laten we het tekenen, we zien wel wat ervan terecht komt, zelfs als we de helft van het handelsvolume halen is dat meegenomen. Maar dat kon niet, want de Oekraïne had geen valuta, al het geld was in handen van Moskou.”

In die zin past wat nu gebeurt heel aardig in het straatje van Polen. Skubiszewski: “Natuurlijk hebben we onze zorgen. We zijn bezorgd over wat er gebeurt, over de ineenstorting. We zijn bezorgd over de vraag wie de wapens in de Sovjet-Unie controleert, over de verplichtingen van de Sovjet-Unie ten aanzien van de conventionele bewapening in Europa: welke republiek neemt welke verplichtingen op zich? Maar er is ook hoop, als er klaarheid komt over de competenties op handelsgebied is dat al veel winst.”

Polen, zegt Skubiszewski, zal zich moeten neerleggen bij de onduidelijkheid die vooralsnog zal blijven bestaan over enkele voor Polen hoogst belangrijke kwesties, zoals de aftocht van de 50.000 Sovjet-militairen in Polen en de kwestie van de Sovjet-schuld aan Polen, die vorig jaar al zeven miljard dollar beliep, die dit jaar nog aanzienlijk zal groeien en die bij een afkalven van de competenties van het centrum Moskou zal moeten worden verdeeld over de verschillende republieken.

Het maakt de zaken ingewikkelder. Tot nu toe had Polen één oosterbuur, straks zijn het er vijf: Rusland, Litouwen, Wit-Rusland, de Oekraïne en de Sovjet-Unie. Er zijn Poolse investeringen in de Sovjet-Unie die moeten worden beschermd, er zijn de schulden en er zijn de troepen. Vice-premier Leszek Balcerowicz bevindt zich sinds maandag in Moskou om over vooral de economische en financiële aspecten van de relaties te praten. Hij praat er in de nieuwe situatie echter niet of nauwelijks met Sovjet-functionarissen, zegt Skubiszewski: “Hij praat met de Russen.”

Over de veiligheid, die voor Polen met zijn 1250 kilometer lange grens met de Sovjet-Unie ontstaat, maakt men zich in Warschau geen zorgen, zegt de minister: grensproblemen zijn er niet, aanspraken zijn er al evenmin ook al was Polen als gevolg van het akkoord van Jalta de grote verliezer: het verloor grote gebieden aan Litouwen, Wit-Rusland en de Oekraïne. “Maar alles ligt nu vast. Over grenzen wordt absoluut niet gepraat.” Polen, zegt hij, blijft zijn veiligheid baseren op drie pilaren: de goede betrekkingen met al zijn buren, ook die in het Oosten, de regionale akkoorden met Tsjechoslowakije, Hongarije, de Baltische republieken en de Hexagonale, waarbij naast Tsjechoslowakije en Hongarije ook Oostenrijk, Italië en Joegoslavië zijn aangesloten, en ten slotte de contacten binnen het kader van de CVSE en met NAVO, WEU en EG.

De staatsgreep van 18 en 19 augustus in Moskou was voor president Lech Walesa al tien minuten nadat men hem in Warschau wakker had gebeld, aanleiding de voorbereiding van een mobilisatie van de Poolse strijdkrachten op gang te brengen en tegelijkertijd te bevelen die stap geheim te houden om de bevolking niet aan het schrikken te maken. Een dag later, op 20 augustus, toen de afloop van de coup tegen Gorbatsjov nog lang niet duidelijk was, kwamen in het kader van de regionale samenwerking al legerleiders uit Hongarije en Tsjechoslowakije in Warschau aan om gezamenlijke stappen te bespreken.

Geschrokken en verrast was men door de staatsgreep dus wel, al zegt Skubiszewski wel signalen te hebben opgevangen die erop wezen dat er in Moskou “iets aan de hand was”. Maar na het verlopen van de coup was ook de bezorgdheid snel verdwenen, de Hongaren en Tsjechoslowaken konden weer naar huis en de mobilisatie werd afgeblazen. Wat resteert, zegt hij, is hooguit de bezorgdheid over mogelijke toeneming van het aantal vluchtelingen. “Er bestaat chaos, en we hopen maar dat men die chaos in de hand kan houden, in de Sovjet-Unie. Of wat er ten oosten van Polen ligt.”