EG betaalt Hongaars graan voor Albanië

BRUSSEL, 4 SEPT. De Europese Gemeenschap zal de levering van 45.000 ton graan door Hongarije aan het noodlijdende Albanië betalen. Dit soort driehoekstransacties past de EG al toe in de Derde Wereld, maar het is voor het eerst dat dit in Oost-Europa gebeurt. Het graan zal nog deze week per trein worden gestuurd, zo maakte Brussel gisteren bekend.

De EG komt daarmee tegemoet aan Hongarije dat kampt met grote landbouwoverschotten. Zo'n constructie had de Commissie ook bedacht voor de eind 1990 aan Moskou toegezegde voedselhulp, maar sommige EG-landen verzetten zich daartegen omdat ze liever eigen spullen wilden leveren. Van die hulp ter waarde van zo'n 575 miljoen gulden is overigens tot nu toe een “beperkte” hoeveelheid geleverd.

De transactie kost de Gemeenschap circa 11,6 miljoen gulden. Het geld komt uit het zogeheten Phare-fonds dat 24 westerse landen hebben gevormd voor de hulpverlening aan Oosteuropese landen. Albanië is (nog) geen lid van die groep ontvangende landen, Hongarije wel.

Aangenomen wordt dat Albanië, dat al de noodzakelijke hervormingen op politiek en economisch gebied heeft genomen, Phare-land zal worden en zo op nog meer hulp kan rekenen. Dit jaar heeft het 150.000 ton graan nodig, die vermoedelijk door de EG gefinancieerd zal worden.

Eind juli beloofde de EG al 50.000 ton te leveren zodra de ministers van buitenlandse zaken en het Europees Parlement - dat volgende week in Straatsburg vergadert - ermee hadden ingestemd.

De ministerraad, komende vrijdag bijeen in Brussel, zal naar verwachting akkoord gaan met de noodhulp. Dan zal ook worden bekeken of de banden met Albanië, maar ook Bulgarije en Roemenië kunnen worden aangehaald. Dat zelfde geldt voor Estland, Letland en Litouwen, die vorige week door de EG als onafhankelijke staten zijn erkend.