Zweden wil gids zijn voor Baltische landen; Ambassadeur in Tallinn: trots op gewonnen race

TALLINN, 3 SEPT. In de internationale wedren om erkenning van de Baltische landen heeft Zweden vorige week een belangrijke "bergetappe' gewonnen: het was het eerste land ter wereld dat, na meer dan 51 jaar van Sovjet-bezetting in de Baltische landen, weer een volwaardig geaccrediteerde ambassadeur ter plaatse had.

Het record is gevestigd in Tallinn, hoofdstad van Estland, aan de Endlastraat 4 om precies te zijn, een grauwe verkeersader in het hart van de stad. Mijnheer de ambassadeur laat een flinke tijd op zich wachten, maar verschijnt dan met duizend excuses: hij moest zijn Duitse ambtgenoot op het vliegveld verwelkomen, de "nummer twee', op 96 uur achterstand.

De ambassadeur, Lars Grundberg, is een carrièrediplomaat van in de veertig, lang en mager, met snelle ogen achter een kleine bril. Tot zijn benoeming vorige week was Grundberg topambtenaar in het kabinet van de Zweedse minister van buitenlandse zaken Sten Andersson. Daarvoor was hij drie jaar ambassade-raad in Kairo. “Wat erkenning betreft waren de Denen ons te snel af”, zegt Grundberg in Tallinn met spijt in zijn stem en hij verklaart: “De Deense procedure is sneller dan de onze. Volgens het Zweedse staatsrecht behoeft erkenning van een land de goedkeuring van onze Hoge Raad voor Buitenlandse Zaken, zo'n beetje het enige staatsorgaan waarin onze koning nog zitting heeft. De Raad kon niet eerder dan vorige week dinsdag bijeenkomen. Vandaar onze op het oog wat trage reactie”.

In zijn werkkamer, uitgevoerd in kobaltblauw en grijs en met onvermijdelijk veel dof blank grenen alom, legt Grundberg uit dat Zweden zich van alle drie de Baltische staten het sterkst verbonden voelt met Estland. Estland immers was in het verleden lang onderdeel van het Zweedse koninkrijk. In augustus 1944, toen het Rode Leger de Baltische landen na drie jaar bezetting door nazi-Duitsland weer in zijn greep nam, vluchtten bovendien naar schatting 40.000 Esten naar Zweden om hier de grootste Estse kolonie buiten Estland te stichten. Grundberg: “Wij hadden al bootvluchtelingen toen het woord nog moest worden uitgevonden”.

Grundberg is in Tallinn voortvarend aan de slag gegaan. Binnen een week na zijn ambtsaanvaarding heeft hij al een stijlvoller onderkomen gevonden voor zijn ambassade: het Von Rosenpaleis, een 18de eeuws bouwwerk aan het Raadhuisplein in oud-Tallinn, dat is ontworpen door de Zweedse architect Alpinus. Het zijn mooie tijden voor historisch besef.

Zweden kon vorige week zo snel handelen omdat het in Tallinn, evenals in Riga, al beschikte over een consulaat. Halverwege de jaren tachtig werd een dagelijkse veerdienst geopend tussen Tallinn en Stockholm. Grundberg: “Aanvankelijk moesten Esten die naar Zweden wilden reizen een visum halen bij ons consulaat in Leningrad. Ze vonden dat vernederend. Een groep burgers heeft zelfs nog eens een protestbrief aan onze koning gestuurd: hoe kunt u ons, uw voormalige onderdanen, een visum laten ophalen buiten ons eigen grondgebied?”

In 1988 besloot het Zweedse parlement tot de opening van een consulaat in Tallinn. De Sovjet-autoriteiten verleenden alle medewerking. Grundberg werd in Stockholm aan het hoofd gesteld van een groep ambtenaren die het allemaal moest regelen. “Binnen zes weken hadden we het consulaat uit de grond gestampt. Zowel aan onze als aan Estse zijde heerste er de wil om snel te handelen”, aldus Grundberg.

Officieel hield het Zweedse consulaat zich alleen bezig met visumzaken. Officieus functioneerde het als een volwaardige ambassade, aldus Grundberg. De ambassadeur wil niet ontkennen dat er tussen de Zweedse diplomaten en de Estse autoriteiten nauw contact is geweest over de te volgen strategie bij het Estse onafhankelijkheidsstreven. Veelbetekenend voegt Grundberg toe: “Het consulaat in Tallinn beviel ons dermate goed dat wij in mei 1990 in Riga eenzelfde post openden. En wat ons betreft waren we ook in Vilnius neergestreken. Maar (de Litouwse leider) Landsbergis weigerde pertinent ons toe te laten. Hij zei: "Ik wil geen consulaat dat valt onder een ambassade in de hoofdstad van onze bezetter'. Hij liet zich er door ons niet van overtuigen dat de dingen in de buitenlandse politiek vaak niet zijn zoals ze lijken. In formele zin had hij natuurlijk gelijk. Maar in informele zin beging hij een grote blunder, vonden wij”.

Grundberg zegt uit Stockholm een drieledige opdracht te hebben meegekregen. In de eerste plaats is er het "gewone' ambassadeurswerk: contacten leggen en onderhouden en rapporteren aan het ministerie van buitenlandse zaken. Daarnaast zijn er twee bijzondere opdrachten. Grundberg: “Zweden wil een gids zijn voor de Baltische landen op weg naar vrije markt en democratie. We bedoelen dat in de breedste zin van het woord. Alles moet hier hervormd worden, niet alleen de politiek en de economie, ook het onderwijs, de gezondheidszorg, de cultuurbeoefening, de boerenbond en de huisvrouwenvereniging, alles”.

Grundberg wil niet ingaan op vragen over mogelijke Zweedse steun bij het aanvragen van het EG-lidmaatschap of, als tussenstap, toetreding tot het vrijhandelsverbond EVA door Estland. “Daarvoor is het nog te vroeg. Wel hebben wij de Baltische landen vorige week voorgedragen als volwaardig lid van de CVSE (voor Europese veiligheid en samenwerking, red.).” “De Balten zijn onze buren zoals de Denen en de Finnen dat zijn. In beginsel willen we ze zo snel mogelijk integreren in onze Noordse gemeenschap en niet alleen om hun mooie blauwe ogen maar ook uit welbegrepen eigenbelang: om politieke, economische en sociale redenen.” En om strategische. “De Baltische landen mogen nu bevrijd zijn uit Sovjet-handen, maar de situatie is er bepaald niet stabieler op geworden. Het is nooit makkelijk om met een olifant in één bed te liggen. Sterker nog: het is gevaarlijk.”

Het mede-bewaken van de Baltische oostgrens is dan ook een derde taak die Grundberg uit Stockholm heeft meegekregen, hoewel de ambassadeur het anders formuleert. “De politieke situatie analyseren”, noemt hij het. “De Baltische landen zijn niet echt vrij voordat de laatste Sovjet-militair is opgekrast.” Grundberg schrikt van zijn eigen woorden en zegt in de herkansing: “ (...) voordat eventuele Sovjet- of Russische militaire aanwezigheid in de Baltische landen is geregeld in internationaal erkende verdragen”. Het is even wennen ambassadeur te zijn.