Rusland kan nog geduchte concurrent van OPEC worden; Olie-industrie speelbal van Jeltsin

ROTTERDAM, 3 SEPT. Onder de duizenden ambtenaren op de Sovjet-ministeries in Moskou die sinds vorige week niet meer zeker zijn van hun baan, lijdt een klein team van tien juridische deskundigen onder extra frustraties. Tot voor de staatsgreep van Janajev werkten ze al een jaar aan nieuwe wetgeving om buitenlandse investeringen in de olie- en gasindustrie van de Sovjet-Unie ruimer baan te geven.

Nu de toekomst van Unie onzeker is geworden en de energiepolitiek zo mogeljk nog ongewisser, zitten ze met de armen over elkaar. Blijft Gorbatsjov de baas over een uitgeklede Unie, wie zal de buitenlandse betrekkingen behartigen en wie beslist er over investeringen en deviezentransacties, worden dat allemaal bevoegdheden van de republieken?

De spierballentaal van de Russische president Boris Jeltsin, redder van het land, heeft alles wat met nationale wetgeving heeft te maken op losse schroeven gezet. Voor de energie-sector, belangrijkste steunpilaar van de Sovjet-economie, betekent dat waarschijnlijk een periode van onzekerheid die buitenlandse investeerders afschrikt. Terwijl financiële en technische hulp van Westerse oliemaatschappijen juist op korte termijn nodig is om de zieltogende olie- en gasindustrie nieuw leven in te blazen.

Een flink deel van de vijftien Sovjet-republieken zal zeer afhankelijk worden van Jeltsins luimen, nu de Russische president zich niet alleen per decreet alle bodemschatten van de republiek heeft toegeëigend, maar ook een sterke greep op de economie van de hele Unie wil. Vorige week woensdag moest Jeltsin ijlings terugkomen om zijn decreet om zeggenschap te krijgen over alle Sovjet-deviezentransacties, omdat die maatregel op felle kritiek van buitenlandse banken stuitte. Die bevoegdheid moest hij binnen een paar uur weer afstaan aan de Vnesjekonombank, de Sovjet-bank voor buitenlandse handel.Maar, zei een woordvoerder van de bank, er kunnen meer instructies van de Russische federatie worden verwacht.

Voor de energiesector kan dat grote gevolgen hebben, omdat Westerse maatschappijen tientallen joint ventures hebben gesloten voor samenwerking met lokale bedrijven in de Sovjet-Unie om in de toekomst een aandeel te krijgen in de olie-, gas- en kolenwinning. Ook staat Westerse hulp bij verbetering van de veiligheid van kerncentrales op het programma. Voor al die activiteiten zijn Westerse investeringen nodig. Jeltsins decreet lokte direct grote bezorgdheid uit over de solvabiliteit van de Sovjet-Unie, en dat was een al te veeg teken.

Onder het "oude' Unieverdrag, dat in de week van de staatsgreep zou worden getekend, was het beheer van alle grondstoffen al van de Unie naar de republieken overgegaan, maar Moskou zou federale bevoegdheden houden voor het monetair beleid, internationale verdragen, het vaststellen van exportvoorwaarden en om minimale handelsbetrekkingen binnen de Unie te regelen. Er moest immers een economische relatie tussen de republieken overeind blijven, inclusief de zes die het Unieverdrag wilden boycotten.

Een Europese energiegemeenschap met de Sovjet-Unie en Oost-Europa zoals het plan-Lubbers beoogt, wordt nu veel ingewikkelder omdat zaken moet worden gedaan met alle betrokken republieken. Mr. Charles Rutten, voorzitter van de Intergouvernementele Conferentie die het Handvest voor de nieuwe gemeenschap voorbereidt, zegt dat het ambtelijke werk in Brussel doorgaat, “Maar in dit stadium weet niemand precies met wie we moeten onderhandelen, dat moeten we afwachten. Een eventuele vertraging hopen wij te overwinnen door de Russen ervan te overtuigen dat het niet of pas later meedoen noch in het belang van de repubieken, noch in het belang van de Sovjet-Unie is”.

Jeltsin en zijn collega's van andere republieken zullen wel oren hebben naar deze waarschuwing, want hun oliewinning is de afgelopen drie jaar met maar liefst twintig procent afgenomen. Vooral vorig jaar is de terugval hard gegaan: met meer dan tien procent. Volgens de Wereldbank is dat de belangrijkste oorzaak voor de daling van het Sovjet-aandeel in de wereldhandel. De hogere opbrengsten voor ruwe olie in 1990, als gevolg van de Golfcrisis, hebben dat effect nog wat gemaskeerd. En Gorbatsjov voorspelde in april nog dat de export van olie, die zijn land in 1989 nog 10,5 miljard harde dollars opleverde - ruim de helft van alle deviezeninkomsten - dit jaar gehalveerd dreigt te worden. Meer uitvoer is voor de Sovjet-Unie van levensbelang, want negentig procent van alle aldus verdiende valuta is nodig voor aflossing van de buitenlandse schuld die tussen de 65 en 70 miljard dollar bedraagt.

Bij een compleet uiteenvallen van de Unie zou Jeltsins macht veel meer dan voorheen in de andere republieken voelbaar worden, want zijn Russische federatie levert 90,5 procent van alle olieprodukten, 75 procent van het aardgas, 55 procent van de kolen en de helft van de elektriciteit in de Sovjet-Unie. Maar omdat Rusland ook de helft van de Sovjet-bevolking huisvest is Jeltsin voor andere bodemschatten zoals landbouwprodukten op de graanschuur van de Oekraïne, op Kazachstan en Wit-Rusland aangewezen. Onderdelen en pijpleidingen voor de olie-industrie komen uit Azerbaidzjan. Waarom zijn er geen fabrieken voor die spullen dichtbij de Siberische olievelden gebouwd? Omdat de Sovjet-planeconomie nu eenmaal een verdeling van de industrie over de republieken voorschreef. Omdat systeem te doorbreken zijn er nog jaren van ingrijpende hervormingen nodig en het is dus geen wonder dat Rusland en de Oekraïne, die het meest van elkaar afhankelijk zijn, een samenwerkingsakkoord hebben gesloten.

Rusland exporteerde vorig jaar 18 procent van zijn energie- en industriële produktie naar andere republieken en bijna 9 procent ging naar landen buiten de Sovjet-Unie. Andere republieken slijten een veel groter deel van hun produktie aan de buren, voornamelijk door ruilhandel (tot bijna 70 procent in Wit-Rusland) en kunnen veel minder deviezen verdienen door export naar buiten de Unie. Volgens een studie van de Deutsche Bank hebben zes van de vijftien republieken goede kansen op economische ontwikkeling, vijf hebben veel minder groeikansen en de vier Aziatische republieken zijn uitgesproken arm en zeer afhankelijk.

Vooral door de winning van energie en andere grondstoffen zoals ertsen op te voeren, kunnen de republieken vooruitgang boeken, want dit zijn de enige produkten die op de exportmarkt veel geld waard zijn. Ruilhandel met andere republieken en Midden- en Oosteuropese landen blijft voorlopig belangrijk voor de minder bedeelde gebieden. Rusland, Kazachstan, Azerbaidzjan en in mindere mate Uzbekistan en Turkmenistan profiteren al het meest van hun olie- en gasvoorraden, want sinds vorig jaar moeten de voormalige satellietlanden van de Sovjet-Unie een groot deel van hun energie-import in harde valuta betalen. Bij een gelijk niveau van import kan deze eerste stap op weg naar een markteconomie de Oosteuropese landen 8 miljard dollar extra gaan kosten. Die veel hogere prijs dreigt nu ook voor de Baltische staten die volledig onafhankelijk willen worden en veel energie moeten invoeren, al beschikken zij over raffinaderijen waarmee ze veel waarde kunnen toevoegen, en havens die voor de Russische export een belangrijke functie krijgen.

In zijn toespraak tot het Sovjet-parlement, vorige week woensdag, onderstreepte Gorbatsjov de sterke onderlinge economische afhankelijkheid van de republieken in een poging een Unie-nieuwe stijl te verdedigen. Met een gevoel voor drama dat de Russen niet van hem gewend zijn, waarschuwde de president dat het uiteenvallen van het land “de dood voor onze mensen” zou betekenen. Als Gorbatsjov nog in staat wordt gesteld om zijn taak te volbrengen, kunnen ook de arme republieken delen in een betere toekomst en zal het land meer vertrouwen van het Westen winnen dan wanneer één republiek de baas speelt.

Ontwikkelingskansen zijn er voldoende in de Sovjet-Unie, al verkeert het land een "Crisis temidden van overvloed', zoals de titel van het vorig jaar verschenen boek van de Amerikaanse professor Thane Gustafson luidt. Waarom heerst er in dit land achttien jaar na de eerste oliecrisis nu nog steeds een ernstige energiecrisis? Omdat Gorbatsjov er nog niet in geslaagd was het rigide beleid van zijn voorganger Brezjnev om te buigen, schrijft Gustavson. Lukt dat nu niet, dan worden alle pogingen om de Sovjet-industrie te moderniseren verlamd, is zijn conclusie.

Nog steeds is de Sovjet-Unie de grootste olieproducent ter wereld en beschikt zij over 40 procent van de wereldreserves aan aardgas, 20 procent van de kolen- en 6 procent van de oliereserves. Dat zijn alleen nog de tot nu toe bewezen reserves. Volgens geologische experts zal vooral de olievoorraad binnen enkele jaren nog veel groter blijken te zijn. Boris Jeltsin, ook in dit opzicht de fortuinlijkste president in de Sovjet-Unie, kan nog een geduchte concurrent van de OPEC worden.