Minderheden roepen onafhankelijkheid uit

MOSKOU, 3 SEPT. Binnen Azerbajdzjan en Moldavië hebben zich gisteren twee gebieden eenzijdig onafhankelijk verklaard. In Moldavië riep de Russische en Oekraïense minderheid de onafhankelijkheid uit van de zogenoemde Dnjestr-republiek, in Azerbajdzjan deed de Armeense enclave Nagorno Karabach hetzelfde.

De stap van de Dnjestr-republiek is een reactie op de uitroeping, vorige week, van de Moldavische onafhankelijkheid. De Russen en Oekraïeners in Moldavië verzetten zich heftig tegen die onafhankelijkheid en hebben hun eigen woongebied rondom de stad Tiraspol vorig jaar al tot eigen republiek binnen Moldavië uitgeroepen. De president van deze Dnjestr-republiek, Smirnov, werd vorige week door Moldavische commando's ontvoerd in Kiev, waar hij besprekingen voerde over de aansluiting van zijn gebied bij de Oekraïne. Smirnov zit nu in een Moldavische gevangenis. Het parlement van de Dnjestr-republiek dreigde gisteren de rest van Moldavië af te sluiten van gas en elektriciteit als hij niet wordt vrijgelaten.

Ook Nagorno Karabach, de heftig omstreden Armeense enclave in Azerbajdzjan, verklaarde zich gisteren onafhankelijk. In de hoofdstad Stepanakert riep de regering in een gezamenlijke zitting met die van het aangrenzende Sjaumjan-district de “Armeense republiek Nagorno Karabach” uit. In plaats van de Azerbajdzjaanse grondwet werd de Sovjet-grondwet van kracht verklaard. Nagorno Karabach verklaarde zich al in 1988 onderdeel van Armenië, maar die beslissing werd indertijd noch door de Sovjet-regering noch door die van Azerbajdzjan erkend. Bij gevechten in en om Nagorno Karabach zijn de afgelopen jaren naar schatting achthonderd mensen om het leven gekomen.

In Azerbajdzjan zelf riep gisteren de nationalistische oppositie op tot een algemene staking om de regerende communisten tot democratische hervormingen te dwingen. Twee weken geleden was de Azerbajdzjaanse president Moetabilov een van de weinigen die de staatsgreep in Moskou openlijk steunden. (Reuter)