Nieuw Front Suriname "doodmoe' van bemoeizucht leger

ROTTERDAM, 2 SEPT. De Surinaamse regering moet zo snel mogelijk na het aantreden van een nieuwe president besprekingen aangaan met Nederland over het versterken van de relatie tussen beide landen. Daarbij dient ook de positie van het Surinaamse leger ter discussie te staan.

Dat zei de vice-voorzitter van de Nationale Partij Suriname (NPS), drs. A. Jessurun, zaterdag tijdens een bijeenkomst van NPS-aanhangers in Rotterdam. De NPS maakt deel uit van het Nieuw Front van politieke partijen dat in Suriname een regering wil vormen na de presidentsverkiezing van aanstaande vrijdag.

De positie van het leger moet daarna zo spoedig mogelijk worden besproken met Nederland, dat volgens Jessurun vooral “technische hulp” moet bieden. Hij wilde niet zeggen wat die hulp precies moet inhouden, maar legde er de naduk op dat Suriname niet in staat is alle problemen op eigen houtje op te lossen. Gedacht wordt in elk geval aan het uitwisselen van informatie en deskundigheid. Jessurun, die vandaag is teruggekeerd naar Suriname, heeft tijdens zijn verblijf in Nederland "oriënterende' gesprekken gevoerd met Tweede-Kamerleden.

In Rotterdam onderstreepte hij zaterdag dat het Front niet meer zal buigen voor de militairen. “U kunt ervan verzekerd zijn dat wij een niet-legitieme ingreep van de militairen in het staatsbestel niet langer zullen toestaan”, beloofde hij de ongeveer vijftig toehoorders. Hij doelde daarmee op het omstreden compromis dat het Front na de zogenaamde "Kerstcoup' december vorig jaar met de militairen bereikte over de afwikkeling van de coup, die een eind maakte aan de eerste democratisch gekozen regering sinds 1980. Het Front sprak toen met het leger af dat er een zakenkabinet zou komen dat nieuwe verkiezingen zou uitschrijven.

Volgens de NPS-vicevoorzitter zijn de Front-partijen “doodmoe van het gedoe van militairen die zich overal mee bemoeien” en is ook de persoon van Front-presidentskandidaat R. Venetiaan, die bekendstaat als zeer principieel, een waarborg tegen verdere corrumpering van het staatsbestel.

De keuze van de nieuwe president wordt na twee onbesliste stemrondes in het parlement (waar een tweederde meerderheid vereist is) vrijdag bepaald in een speciale Verenigde Volksvergadering van parlement en districts- en ressortsraden. De installatie vindt waarschijnlijk twee weken later plaats. Front-kandidaat en oud-minister van onderwijs R. Venetiaan kan rekenen op overweldigende steun in de Volksvergadering, waar een gewone meerderheid voldoende is.

Het Front - dat bij de eerste parlementsverkiezingen na de Kerstcoup, in mei dit jaar, negen zetels verloor maar een absolute meerderheid (30 van de 51 zetels) in het parlement behield - wil na de verkiezing van de president alleen een nieuwe regering vormen. Samenwerking met het hervormingsgezinde en kleinere Democratisch Alternatief 91 is daarbij niet noodzakelijk. Jessurun noemde DA 91 wel “de andere democratische groepering in het parlement”, met voorbijgaan aan de aan het leger gelieerde Nationale Democratische Partij, de derde partij in het parlement.

Volgens Jessurun, die nauw betrokken is bij de besprekingen over het te vormen kabinet, zal de nieuwe regering drastische maatregelen moeten nemen om de rampzalige economische en sociale toestand van het land te verbeteren. Zo wordt gedacht aan een devaluatie van de Surinaamse gulden met 300 procent. Officieel geldt voor de Surinaamse en Nederlandse gulden een parallelkoers, maar op de zwarte markt wordt voor een Nederlandse gulden acht tot tien Surinaamse gulden betaald.

De deviezensituatie van Suriname is precair. “Het geld is op, daar komt het op neer”, aldus Jessurun. Hij wijt dat voor een belangrijk deel aan het uitgavenbeleid van de interim-regering die na de Kerstcoup aantrad onder leiding van president Kraag en vice-president Wijdenbosch. Dat kabinet heeft volgens hem met populistische maatregelen de staatskas geleegd. Wijdenbosch is nu presidentskandidaat voor de NDP.

Voor het herstellen van “ordening en rechtsbescherming” in het land is volgens Jessurun verder de steun van een “massale volksbeweging” nodig. Met het organiseren van zo'n beweging is reeds een begin gemaakt, zei hij. Jessurun meent dat het Front nu veel sterker staat dan na de verkiezingen in 1987, toen de in het Front gebundelde partijen NPS (creools), VHP (hindoestaans) en KTPI (javaans) een verpletterende overwinning behaalden. “We trokken toen wel meer stemmen, omdat het de eerste verkiezingen waren na 1980, maar daar waren veel stemmen uit onvrede bij. Bovendien was onze organisatiegraad erg laag.”

De komende regering zal voorts moeten optreden tegen de illegale gewapende groeperingen in het binnenland, aldus Jessurun. Hij doelde daarbij niet op “de groep die zich heeft verzet tegen de dictatuur” (het Junglecommando van Ronnie Brunswijk), maar op groepen als de Toecoejana-indianen en de Mandela-bosnegers die “zijn opgericht in de Front-periode om het land te destabiliseren ten gunste van, zo begrijp ik, economische activiteiten van anderen”. Jessurun verwees daarmee naar berichten dat de Toecoejana's betrokken zijn bij de handel in cocaïne.

Na afloop van de bijeenkomst maakte Jessurun duidelijk dat de situatie in Suriname wat het Front betreft kritiek is. “Ik ben ervan overtuigd dat de laatste ronde is ingegaan voor de militairen. Maar het kan ook onze laatste ronde zijn, als het misgaat.”