Het geheime ideaal van paus Johannes Paulus II

In november is het tien jaar geleden dat paus Johannes Paulus II de Beierse kardinaal Josef Ratzinger benoemde tot hoofd van de Congregatie voor het Geloof in Rome. In die periode is Ratzinger erin geslaagd om in feite de kerkpolitiek in West-Europa en Amerika te bepalen in dienst van een bepaald type orthodoxie. Ratzinger is een bekwaam theoloog, maar ik heb er altijd aan getwijfeld of zijn opvattingen wel stroken met de zienswijze van de Poolse paus, die meer missionair, oecumenisch en profetisch is.

In een boekje over de toekomst van het geloof schreef Ratzinger in 1970: “Uit de tegenwoordige crisis zal ook dit keer een kerk te voorschijn treden, die veel verloren heeft. Zij zal klein worden en in vele opzichten helemaal opnieuw moeten beginnen. Veel gebouwen uit de tijd van de hoogconjunctuur zal ze niet meer kunnen vullen. Met het getal van haar aanhangers zal ze ook veel voorrechten in de maatschappij verliezen. Veel sterker dan tot nu toe zal ze een gemeenschap zijn op basis van vrijwilligheid en men zal slechts toetreden krachtens een persoonlijke beslissing”.

Dat er meer nadruk wordt gelegd op vrijwilligheid en persoonlijke keuze is een goede zaak. De vraag is echter of je massale uittredingen moet bevorderen. Volgens veel auteurs is Rome zelf de schuld aan de massale kerkverlating van veel actieve gelovigen. In hetzelfde jaar publiceerde Reinhard Raffalt, een Duits diplomaat die jarenlang het Vaticaan goed heeft geobserveerd, Das Ende des römischen Prinzips. Hij vergeleek de romeinse curie met een goede generale staf, die tot het laatste moment perfect heeft gewerkt en nu eenvoudig niet kan geloven dat de oorlog verloren is. Net als Ratzinger ziet hij een kleine groep traditionele gelovigen overblijven. Maar hij ziet ook een grote groep priesters en leken met een grote inhaalbehoefte aan vrijheid, waardoor zij anti-autoritair en anti-romeins zijn. Zij willen met revolutionair elan de kerk van de toekomst vormen.

Een derde groep kijkt vertwijfeld en werkeloos toe. De Franse theoloog Laurentin bevestigde dit. Hij voorspelde een grote uittocht uit de kerk, een stil bloedverlies. Ook hij zocht de oorzaak in het Vaticaans beleid. Het kerkapparaat zou wel worden gemoderniseerd, maar “dat geweldige en gemoderniseerde apparaat zal steeds meer geloofsarmoede vertonen en steeds minder actieve leden tellen”. Een geweldloze revolutie, die veel lijkt op de ineenstorting van het communisme.

In die situatie kwam de huidige paus aan het bewind. Hij treft nog steeds drie groepen aan: de traditionelen, de vechters voor een nieuwe kerk en de groep radelozen. De laatste tracht hij meer zekerheid te geven, maar de invloedrijkste curie-ambtenaren, die hij volgens Vaticaan-journalisten als Stehle en Zizola niet onder controle kan krijgen, blijven maar verdeeldheid zaaien. Dat is niet alleen in ons land, in de Verenigde Staten en in Latijns-Amerika het geval, maar in steeds meer brave geloofsgemeenschappen. In het Zwitserse Chur werd de conservatieve bisschop Wolfgang Haas benoemd, die volgens de Neue Zürcher Zeitung met zijn gelovigen omgaat "als een bijl in het bos'. In het Belgische Namen werd André Léonard benoemd, ook notoir conservatief waardoor de toch al kwetsbare katholieke gemeenschap in Wallonië in opstand is gekomen. Er gingen geruchten, dat de gehate hulpbisschop van Wenen, Kurt Krenn, de opvolger zou worden van monseigneur Franz Zak in St. Pölten. De scheidende bisschop raakte in paniek, want dat zou een ramp zijn. Van hoge zijde werd hem verzekerd, dat er van een benoeming van Krenn geen sprake was. Toch gebeurde het. Monseigneur Zak zei tegen de pers dat hij "persönlich beleidigt' was.

En in Der Standard van 13 juli staan weer die drie groepen genoemd. Eén groep zal zich aanpassen, met de stroom meezwemmen, andere zullen zich terugtrekken en een derde groep blijft doorvechten. Stehle schrijft, dat de paus er doodmoe van wordt en dat er onder zijn pontificaat de "meist lautlose Auszug' uit de kerk plaatsheeft Toch ziet de Poolse paus nog een perspectief op langere termijn. Hij zal nu al de geschiedenis ingaan als de paus, die de grote doorbraak naar het Oosten mede heeft voorbereid.

In 1983 kon Timothy Garden Ash na het tweede pausbezoek aan Polen nog schrijven: “Hoewel het totalitaire communistische systeem in zijn uiterlijke gedaante blijft bestaan, wordt het in werkelijkheid van binnenuit steeds verder ontmanteld”. De paus had toen ook niet kunnen vermoeden, dat Gorbatsjov, na de staatsgreep opgejaagd door Boris Jeltsin zelf die ontmanteling ter hand zou nemen om een nieuwe sociaal-democratie te vestigen met een gematigd kapitalisme, privaateigendom en vrijheid van godsdienst. Doelstellingen, die lijken overeen te stemmen met opvattingen die de paus in zijn zo geroemde encycliek Centesimus Annus heeft onderschreven, mits het "atheïstisch consumptiekapitalisme' van het Westen maar niet wordt overgenomen. Het is niet verwonderlijk dat de paus hoopt op een weldadige invloed van het arme Oosten en het rijke Westen.

Sommige auteurs voorspellen weinig goeds voor de sterk oplevende religiositeit in de landen van Oost-Europa. Als een soort waterbouwkundig mechanisme zullen daar ook de kerken leeglopen, naarmate vrijheid en welvaart stijgen.

Paus Johannes Paulus heeft een geheim ideaal. Hij wil de decadente Westerse kerk door een vernieuwde, oecumenische kerk in het Oosten van binnenuit hervormen. Ondanks de vrees van patriarch Aleksej II van de Russische Orthodoxe Kerk voor roomse penetratie en voor relaties tussen Moskou en het Vaticaan, laat de paus de pas tot kardinaal benoemde Edward Cassidy hard werken om de oecumenische dialoog gaande te houden.

In zijn afscheidsrede "Europa in de bijbel' heeft de Nijmeegse kerkhistoricus Jan van Laarhoven briljant aangetoond hoe Europa zijn zelfbewustheid, zelfvoldaanheid en zelfverzekerdheid liet steunen op de bijbel, maar ook hoe het oude continent onzeker, onvoldaan en schuldbewust streefde naar correctie en hervorming door aandachtige bijbellezing. Die vaststelling gold vooral de Latijnse cultuur, maar waarom zou die ook niet gelden voor de rijke geschiedenis van de Slavische cultuur? Wellicht komen de Slaven na hun democratische hervormingen een nieuwe orthodoxie in het Westen brengen.