Lesgelden onderwijs worden fors verhoogd

DEN HAAG, 31 AUG. De lesgelden voor leerlingen van 16 jaar en ouder gaan fors omhoog.

Deelnemers aan algemeen vormende opleidingen en het middelbaar beroepsonderwijs moeten het volgend schooljaar (1992-1993) bijna ƒ 300 meer betalen: het lesgeld stijgt van ƒ 1.163 naar ƒ 1.450.

Dit is een van de bezuinigingsmaatregelen die minister Ritzen aankondigt in de Memorie van toelichting op de begroting van Onderwijs voor 1992. Deze zal officieel op Prinsjesdag worden gepresenteerd.

Bovenop deze algemene lesgeldverhoging komt er een aparte verhoging van ƒ 250 voor leerlingen die meer dan één keer zijn blijven zitten. Zo moeten leerlingen in het HAVO die op 1 oktober 18 jaar zijn en degenen in het VWO die dan 19 jaar zijn ƒ 1.700 gaan betalen. Ook leerlingen die in het onderwijs een "omweg' maken die langer dan één jaar duurt, gaan jaarlijks de ƒ 250 extra betalen. Hierbij gaat het bijvoorbeeld om leerlingen die met een VWO-diploma een opleiding in het middelbaar beroepsonderwijs volgen.

Voor leerlingen uit de lagere inkomensgroepen wordt het hogere lesgeld via de studiekosten-regeling en de studiefinanciering vergoed. Van de extra verhoging met 250 gulden moeten ook deze leerlingen evenwel honderd gulden zelf betalen.

Om het gebruik van "ondoelmatige leerwegen' te verminderen wil Ritzen eveneens fors bezuinigen op de studiefinanciering voor het voortgezet onderwijs en MBO. HAVO-leerlingen krijgen nog maar één jaar een basisbeurs, VWO-leerlingen twee jaar. Studenten in het MBO hebben vanaf hun 18de jaar nog maar recht op maximaal vijf jaar basisbeurs (waarvan eventueel "verbruik' in HAVO en VWO wordt afgetrokken).

De basisbeurs voor leerlingen in het voortgezet onderwijs gaat omlaag tot het niveau van de enkelvoudige kinderbijslag. Thuis wonende leerlingen krijgen vanaf 1 augustus 1993 ƒ 120 per maand in plaats van de huidige ƒ 235, kamerbewoners ƒ 455 (nu: ƒ 570).