Kok verlangt snel duidelijkheid over zijn positie als partij-leider; Sint treedt af als PvdA-voorzitter

DEN HAAG-DOORN, 31 AUG. De voorzitter van de Partij van de Arbeid, M. Sint, is gisteren afgetreden.

Zij is van mening dat zij zo omstreden is geworden dat haar aanblijven het WAO-debat in de partij zou hinderen. Vice-premier Kok wil dat zijn partij snel duidelijk maakt of hij nog wel als aanvoerder van de PvdA kan aanblijven.

Sint trad gistermiddag af bij het begin van een speciale PvdA-bestuursvergadering in Doorn. In een schriftelijke verklaring liet zij weten “de ruimte te willen maken om het debat te concentreren op de inhoudelijke koers waarvan de hoofdlijnen door kabinet en fractie zijn uitgezet”. Het partijbestuur moet het congres over de WAO en het inkomensbeleid voorbereiden. Sint zegt de lijn van fractie en partijtop te steunen. Tevens moet het rapport van de commissie-Van Kemenade worden behandeld waarin een grootscheepse reorganisatie van de partij wordt bepleit.

Sint meent dat er nu zoveel discussies over haar persoon worden gevoerd dat “een moeilijk en cruciaal debat” wordt verhinderd. Het bestuur zegt in dezelfde verklaring Sint “veel dank te zijn verschuldigd voor de betrokken manier” waarop zij de PvdA heeft geleid.

Vice-premier Kok zei gisteravond na afloop van de ministerraad dat er nog in september een partijcongres moet komen dat zich over hem uitspreekt. Het congres van de PvdA is nu nog gepland voor 26 oktober. “Ik heb dringend nodig dat het hoogste orgaan van de partij mijn leiderschap herbevestigt. Ik wil niet blijven bungelen”, aldus Kok.

Hij reageerde met zijn verzoek om een spoedcongres op de storm van kritiek die deze week in de partij opstak omdat hij in het kabinet akkoord is gegaan met de WAO-plannen en de ontkoppeling van uitkeringen en lonen. Uit een opiniepeiling gisteren van het onderzoeksbureau Interview bleek bovendien dat 61 procent van de PvdA-kiezers Kok nu ongeloofwaardig vindt.

Kok zei niet in te willen gaan op de wens van het PvdA-gewest Overijssel om te kiezen tussen het partijleiderschap en het ministerschap. Tijdens een vergadering in Nijverdal werd donderdagavond een motie van die strekking aangenomen. Kok zei er wel over te willen discussiëren met zijn partij, maar “nog niet zover te zijn” om ermee te stoppen.

Op 17 september biedt Kok als minister van financiën de Miljoenennota aan in de Tweede Kamer. Op 7 oktober beginnen vervolgens de algemene en financiële beschouwingen in het parlement. Premier Lubbers zei na afloop van de ministerraad dat de kritiek in de PvdA op de dubbelfunctie van Kok onjuist is. “De balans is positief”. Juist omdat Financiën onder druk staat door economische tegenslagen “moet je je eigen man steunen. Ik doe dat”.

Pag.3: Sint; CDA-bestuur reageert met spijt op vertrek Sint

Van het vervangen van Kok in het kabinet wilde premier Lubbers niet horen. Tegenover een radioverslaggever zei de premier dat het kabinet zeker is beschadigd door het rumoer in de PvdA-achterban.

Het CDA-bestuur reageerde spijtig op het vertrek van PvdA-voorzitter Sint. De oplossing van de problemen is er volgens CDA-partijvoorzitter Van Velzen niet dichterbij door gekomen. Hij liet weten “te doen te hebben met collega Marjanne Sint, juist nu we samen als CDA en PvdA moeilijke maar noodzakelijke boodschappen moeten uitleggen aan de samenleving”.

De woordvoerder van PvdA-fractievoorzitter Wöltgens wilde niet reageren op het aftreden van Sint. Wöltgens zou vandaag met een reactie komen, evenals CDA-fractievoorzitter Brinkman. De voorzitter van het gewest Noord-Holland-Zuid van de PvdA, J. Nagel, noemde Sints besluit “moedig”. “Ik denk dat ze is opgestapt omdat ze door alle kritiek niet meer goed kon functioneren, maar ze is niet de hoofdpersoon in de hele WAO-misère. Zowel partijbestuur als voorzitter hebben fouten gemaakt.” Burgemeester J. van Kemenade van Eindhoven, voorzitter van de commissie die voorstellen heeft gedaan voor wijzigingen in de PvdA-organisatie, betreurt Sints aftreden bijzonder. Voor de NOS-radio zei hij dat de partij in een heel rare spiraal terecht is gekomen. Het aftreden van Sint beschouwt hij als het gevolg van kritiek die op de persoon gespeeld is.