Tsjechoslowaaks amateurgezelschap speelt toneelstuk van president Václav Havel; Voor het Westen absurdistisch, voor het Oosten realistisch

Sinds het publiek in Wenen bij de première van Vaclav Havels toneelstuk Berghotel met tomaten gooide, is het stuk niet meer opgevoerd. Onlangs gaf Havel zijn vriend Nikolaj Krob toestemming het stuk op het repertoire van zijn amateurgezelschap te nemen. Jan Stavinoha woonde de generale repetitie bij.

Om de generale repetitie van het toneelstuk Berghotel, van Václav Havel, mee te maken, rijden wij door het heuvelige Zuidboheemse landschap naar het kasteeltje Elbancice. Mijn begeleider Jir Stach heeft het achttiende-eeuwse burchtje zeventien jaar geleden gekocht, samen met twee vrienden, voor het bedrag dat zij met het schrijven van een filmscenario hadden verdiend. Met de aankoop hebben ze het bijna tot een ruïne vervallen monument van de ondergang gered: het herstel heeft vijftien jaar in beslag genomen. Voor alle zekerheid hebben ze de buitenzijde van het gebouw in vervallen toestand gelaten, om niet het risico te lopen dat de een of andere partijfunctionaris bij de ontdekking van een aangenaam, gerestaureerd wooncomplex het kasteeltje zou confisqueren.

In het verleden hebben heel wat dissidente schrijvers en acteurs dankbaar gebruik gemaakt van Elbancice. Helaas heeft zich kort geleden een wettige eigenaar gemeld, die verwacht dat Jir Stach en de zijnen hun dierbare onderkomen voor een kleine vergoeding aan hem zullen overdragen. Voorlopig gaan de repetities en theatervoorstellingen, die hier al zolang en tot voor kort clandestien georganiseerd werden, gewoon door. Sinds een week heeft een nieuwe theatergroep, Divadlo na Tahu (Het theater aan zet) er zijn intrek genomen. Het gezelschap staat onder leiding van regisseur Nikolaj Krob, een oude vriend van Václav Havel. Dag en nacht zijn ze bezig met diens Berghotel.

Niemand schenkt aandacht aan onze binnenkomst. In het verleden zijn voorstellingen vaak verstoord door een inval van de politie of door de plaatselijke bevolking, die op last van de politie alle gebeurtenissen moest noteren en vervolgens doorgeven wat ze hadden gezien. Meestal had Jir Stach vantevoren een rapport voor hen op papier gezet, dat ze kant en klaar aan hun opdrachtgevers konden overhandigen, zodat ze weer snel naar huis konden. In de ogen van het Westerse publiek zijn Havels toneelstukken wellicht absurd van aard, maar de bewoners van dit land ervaren ze als realistisch.

Berghotel heeft enige jaren geleden een première in Wenen beleefd, die op een mislukking uitliep. Volgens sommige ooggetuigen zijn er zelfs tomaten naar het toneel gegooid. Sindsdien heeft Havel geweigerd om het te laten uitvoeren en pas kort geleden heeft hij zijn vriend Nikolaj Krob toegestaan het op het repertoire te nemen, mits hij zelf, voor zover de tijd hem dat zou toelaten, een oogje in het zeil mocht houden.

Voor Havels toestemming is doorslaggevend geweest, dat het nieuwe toneelgezelschap Divadlo na Tahu slechts uit werklozen en amateurs bestaat. In de ogen van de Tsjechiosche president vormen een directeur van een school, een mimespeler, de eigenaar van een restaurant, een psychologe, een operazangeres, een stoker, een fabrieksarbeider, een nachtportier en nog vele anderen met een onverwachte achtergrond een ideale groep om een absurdistisch stuk op te voeren.

Vandaag is het de eerste keer dat de regisseur zijn spelers laat doorspelen, zonder hen met zijn aanwijzingen te onderbreken. Na afloop wordt buiten op een lange tafel het eten geserveerd door een kokkin die de hele week voor het gezelschap heeft gekookt. Krob deelt mee, dat hij met de repetitie tevreden is en dat er gedronken mag worden. Alleen geen wodka. Na de ramp bij Tsjernobil heeft hij geholpen met de evacuatie van etnische Tsjechen uit een dorp waar zij generaties lang hadden gewoond. Uit woede, hulpeloosheid en verdriet heeft hij toen zo veel wodka gedronken, dat hij een fles met dat etiket niet meer kan zien.

Graag had ik met hem over Berghotel gesproken, maar hij heeft het te druk. Bovendien zou het volgens hem zinvoller zijn om het over Tsjernobil of de Tweede Wereldoorlog te hebben, omdat de mensheid zich die gebeurtenissen altijd moet blijven herinneren. Wat de toekomst van zijn toneelgezelschap betreft, kan hij slechts meedelen dat ze misschien gaan optreden in Theater Na zabradl in Praag, waar Havel en hijzelf jarenlang gewerkt hebben. Als de nieuwe leiding van het theater deze belofte niet nakomt - hij heeft nog niet zoveel hoogte van de nieuwe directeur gekregen - dan gaat hij met zijn mensen gewoon buiten, op openbare pleinen, uitvoeringen geven. Desnoods zijn ze bereid hun podium in een weiland op te zetten.

Krob is er van overtuigd, dat zijn gezelschap op dit ogenblik het meest interessante is van het hele land. De inzet van de spelers is enorm. Zo is de heer Frajt in het dagelijks leven voorman bij een grote fabriek, de CKD, en om aan de repetities te kunnen deelnemen heeft hij een week vakantie opgenomen. Toen hij zijn vrouw vertelde dat hij in een toneelstuk van Havel zou gaan spelen, dacht ze dat hij een smoes verzon om een week lang van huis te kunnen zijn en wilde ze hem niet laten gaan. Krob moest een audiëntie bij de president op diens Praagse paleis Hradcany voor haar regelen, om haar ervan te overtuigen dat haar man de waarheid gesproken had. De audiëntie duurde slechts twee minuten, maar de president bevestigde het hele verhaal.Toch verbood mevrouw Frajt haar man om op zijn werk te vertellen, dat hij een week op een kasteel had doorgebracht waar hij zelfs een eigen kamer had. Dat zou op de fabriek toch niemand geloven.

De stationsbeambte bevestigt dat Havel alles voor dit toneelgezelschap over heeft. Hij gaat nu ook speciaal een stuk voor hen schrijven. En laatst nog had de president in een konvooi van zwarte regeringslimousines voor zijn station halt gehouden. Omdat hij in de buurt was, wilde hij even goeiedag zeggen. Ontzettend aardig van die Havel, die nu toch tot de meest bekende personen in de wereld behoort. Wel jammer dat ze hem toen niets te drinken konden aanbieden, want de veiligheidsagenten hadden niet het apparaatje bij zich waarmee ze kunnen vaststellen of iets vergif bevat.

Mimespeler J. Redinger brengt te berde dat het hem één keer gelukt is om Havel een glas wijn aan te bieden, omdat hij net iets sneller was dan de veiligheidsagenten. Dat was in Hrádecek, het buitenhuisje van Havel. Ook in de tijd dat Redinger en Havel nog dissidenten waren, kwam hij daar vaak. Het wachthuisje van de politie, van waaruit men Havel in de gaten hield, staat er nog steeds en is ook nog in gebruik, alleen met dat verschil, dat ze indertijd Havel het ergste toewensten en nu trachten te voorkomen dat er iets ergs met hem gebeurt. Wanneer je tegenwoordig op Hrádecek komt logeren, word je zorgzaam door de politie bewaakt, zelfs al slaap je in een tent of in je auto. Als je wilt, vragen ze zelfs bij het vliegveld in Ruzyne de weersverwachting voor je op.

Van de week zal het hele gezelschap afreizen naar Havels buitenhuisje om hem daar in eigen persoon Berghotel voor te spelen. De politie heeft al een stukje bos gekapt, zodat ze een podium neer kunnen zetten. Na de uitvoering zal een kampvuur ontstoken worden. Een van de acteurs, die Marecek wordt genoemd maar eigenlijk anders heet, weet te vertellen dat het liedje dat Havel het liefst bij het kampvuur zingt La Paloma is. Uiteraard kent Havel de originele Spaanse tekst niet, maar hij zingt er altijd de woorden van een ander Tsjechisch liedje bij, die goed bij de melodie passen: "Hrbitove, hrbitove zahrado zelená...' (Kerkhof, kerkhof, mijn groene tuin...)

Vanuit het kasteeltje wordt om actrice Lda geroepen. Er is telefoon voor haar, vanuit het veilinggebouw in Praag. Of ze levensmiddelen voor 80.000 kronen wil kopen. In de verte is het geluid van onweer te horen. Sommigen van de aanwezigen maken zich op om zich in een meertje in een nabijgelegen dorp te gaan wassen, voordat de eigenlijke generale repetitie begint. Douches zijn in het kasteel nog niet aangelegd. Als de lichtflitsen in de verte niet afkomstig zijn van de burgeroorlog in Joegoslavië, verklaart de psychologe, dan gaat ze ook mee.

Voordat iedereen verdwijnt, vraag ik of iemand me kan helpen aan het telefoonnummer van Ivan J., een bekende dissident die jarenlang in een gevangenis van de zwaarste categorie heeft gezeten. Men raadt me af hem op te zoeken. Ivan J. heeft laatst, tijdens een politieke discussie, zijn opponent in de wang gebeten. Het gaat niet goed met hem. Zelfs is het hem op het ogenblik niet toegestaan om Havel op Hrádecek te bezoeken, iets dat de president tot nog toe niemand heeft ontzegd.