Popkinderen

Het lijkt me vervelend om een beroemde vader of moeder te hebben. In het begin is het misschien wel leuk en zijn de andere kinderen jaloers op je. Maar later, als je zelf gaat werken, is het alleen maar lastig. De mensen zullen je steeds vergelijken met je vader of moeder: dat deed je vader of moeder anders of beter, zullen ze dan zeggen. En als ze het niet zeggen, zullen ze het wel denken of je denkt dat ze het wel zullen denken.

Als ik een beroemde vader of moeder had gehad, was ik in ieder geval ander werk gaan doen dan zij. Dan kunnen de mensen je niet zo goed vergelijken met ze. En ook zullen je ouders zich dan ook niet zoveel met je bemoeien.

Toch gaan kinderen vaak hetzelfde doen als hun ouders. Dokterskinderen worden vaak dokter en voetballerskinderen worden vaak voetballer. Ook bij popmuzikanten zie je vaak dat hun kinderen ook muzikant worden. Heel vaak zijn ze inderdaad lang niet zo goed als hun ouders. Dweezil Zappa, de zoon van Frank Zappa, speelt bijvoorbeeld gitaar in een hardrockband en altijd denk ik: hij speelt knap, maar zijn muziek is lang niet zo goed als die van zijn vader. En wat dacht je van het meisjestrio Wilson & Phillips dat de laatste jaren hits heeft met suikerzoete, lief gezongen liedjes? De muziek van de meisjes vind ik niet zo leuk als die van hun ouders, die in de Mamas & Papas en de Beach Boys zaten. (En dat terwijl ik ook al niet zo van de Mamas & Papas en de Beach Boys houd).

Het kan natuurlijk nog erger. Van Nona Gaye, de dochter van de in 1984 doodgeschoten Marvin Gaye, wist ik tot voor kort helemaal niet dat ze ook zong. En van Otis Redding III, de zoon van de in 1967 bij een vliegtuigongeluk omgekomen Otis Redding, was me wel bekend dat hij ook platen maakte, maar die heb ik nog nooit gehoord.

De kinderen van de echt heel grote sterren hebben het het moeilijkst. Zoals Julian Lennon, de zoon van de (ook al!) doodgeschoten ex-Beatle John Lennon. Hij heeft wel een stem die lijkt op die van zijn vader, maar hij zal nooit zo beroemd of goed worden. Nu zingt hij ook erg slappe liedjes. Maar al maakte hij nog zulke mooie nummers, altijd zullen de mensen zeggen: “Mooi, ja, maar toch niet zo goed als zijn vader.” Dat zullen ze ook van Ziggy Marley wel altijd blijven zeggen. Ziggy is de zoon van de in 1981 overleden Bob Marley. Ziggy's laatste plaat is goed, maar zijn vader is degene die de reggae-muziek van Jamaica in de rest van de wereld populair heeft gemaakt. En dat is iets dat Ziggy nooit kan herhalen.

Toch lukt het popkinderen soms om beroemder te worden dan hun muzikantenouders. Ik weet niet of Candy Dulfer beter saxofoon speelt dan haar vader Hans, want ik ken de muziek van Hans Dulfer niet zo goed. Maar ze is nu in ieder geval wel beroemder. En de moeder van Whitney Houston is niet Thelma Houston, maar schijnt wel ook zangeres te zijn geweest. Wie weet komt dat wel veel vaker voor: beroemde popmuzikanten met popouders die nooit verder zijn gekomen dan nachtclubs.