Parlement Colombo geschorst, wil president aanklagen

COLOMBO, 30 AUG. De Sri-Lankese president Ranasinghe Premadasa heeft vanmiddag het parlement voor een maand geschorst nadat twee ministers uit zijn kabinet hadden aangekondigd af te treden en een motie te steunen om hem aan te klagen wegens corruptie en machtsmisbruik.

Waarnemers in Colombo menen dat Premadasa dit besluit nam om te voorkomen dat de motie tegen hen in stemming zou komen. Naar verluidt kan die rekenen op de steun van 120 van de 225 leden van het Sri-Lankese parlement. Onder de aanhangers van de motie zouden zich ook veertig leden van de Verenigde Nationale Partij, de regeringspartij, bevinden. Vermoedelijk zal de motie nu op 24 september worden besproken.

De beide ministers, Lalith Athulathmudali van onderwijs en G.M. Premachandra van arbeid, waren de eersten om de motie in het openbaar te steunen. In Sri Lanka zijn bewindsleden eveneens lid van het parlement. De motie - waarin Premadasa op 24 punten wordt beschuldigd van corruptie, onwettige zaken via familieleden en machtsmisbruik - werd dinsdag ingediend bij de voorzitter van het parlement. Politieke waarnemers wezen er vanmorgen op dat de voorzitter de motie moet steunen alvorens deze in stemming kan worden gebracht.

Om de president uit zijn macht te zetten moet de motie bovendien worden gesteund door ten minste tweederde van de parlementsleden. Daarna wordt de motie aan het hooggerechtshof voorgelegd. Als ook dat instemt met de beschuldigingen, mag het parlement zich opnieuw buigen over de kwestie. (AP, Reuter)