Debat wijziging asielbeleid ; Kamer tegen aparte centra voor kanslozen

DEN HAAG, 30 AUG. Een meerderheid van de Tweede Kamer is tegen het instellen van aparte centra waar afgewezen asielzoekers in afwachting van hun uitzetting worden ondergebracht.

Dit bleek gisteravond tijdens de voorzetting van het debat over de wijziging van het asielbeleid. De Kamer gaat overigens in grote lijnen wel akkoord met de voorgestelde versnelling van asielprocedures.

Woordvoerders van de verschillende partijen zeiden te vrezen dat opsluiting van afgewezen asielzoekers in zogeheten kort-verblijfcentra zal leiden tot grote spanningen in die centra. PvdA-woordvoerder B. Middel sprak in dat verband over “een opeenhoping van ellende”. Ook de woordvoerder van de CDA-fractie, J.G.H. Krajenbrink, sprak zich uit tegen de “geconcentreerde kansloosheid inclusief openbare-ordeproblemen” in de kort-verblijfcentra.

De beide coalitiepartijen bleken meer te voelen voor opvang van alle categorieën asielzoekers in asielzoekerscentra en voor het in bewaring stellen van degenen die zich onttrekken aan de in te voeren stringente meldingsplicht voor kennelijk ongegronde asielzoekers.

De PvdA bleek ook niets te voelen voor de vier geplande Onderzoeks- en Opvangcentra waar binnen een maand een eerste schifting wordt aangebracht tussen duidelijk ongegronde asielverzoeken, gegronde asielverzoeken en twijfelgevallen. PvdA-woordvoerder Middel stelde dat er ten minste “een tiental” van dergelijke centra moeten komen. Eerder heeft ook VluchtelingenWerk deze suggestie gedaan.

De fracties van CDA en PvdA verschilden gisteravond van mening over het opnemen van zogeheten fatale termijnen in de asielprocedure. De Commissie-Mulder, die de bewindslieden van justitie en WVC dit voorjaar adviseerde over het asielbeleid, had voorgesteld dat Justitie binnen een bepaalde termijn dient te beslissen over het asielverzoek. Bij overschrijding van de termijn dient de vreemdeling te worden toegelaten. Terwijl CDA en ook de VVD de regering steunen in haar voornemen geen fatale termijnen op te nemen, bleek PvdA-woordvoerder Van Traa daar wel voor te voelen. Hij stelde voor gedurende een jaar daarmee te experimenteren.

Zowel CDA als PvdA plaatste kanttekeningen bij het door het kabinet voorgestelde beleid ten opzichte van vreemdelingen die om humanitaire redenen niet kunnen worden uitgewezen naar hun land van herkomst omdat daar sprake is van een noodsituatie. Deze zogeheten gedoogden gelden als de voornaamste oorzaak voor de “verstopping” van het huidige asielbeleid. Naar schatting zo'n 12.000 gedoogden wonen op dit moment in gemeentelijke woningen die vallen onder de rijksopvangregeling asielzoekers (ROA). Doordat asielzoekers niet kunnen doorstromen naar die woningen blijven zij aangewezen op plaatsen in asielzoekerscentra. Hierdoor, zo vreest het kabinet, dreigen de kosten bij een voortdurend aanwassen van de stroom asielzoekers onbeheersbaar te worden. Een plaats in een asielzoekerscentrum brengt aanzienlijk meer kosten met zich mee dan een plaats in een ROA-woning, omdat een asielzoeker hier zelfstandig woont. Daarom wil het kabinet de gedoogden een aparte status geven, die na drie jaar uitzicht geeft op een permanente verblijfsvergunning. Om voor de gedoogdenstatus in aanmerking te komen zou de asielzoeker wel eerst het asielverzoek moeten intrekken.

PvdA-woordvoerder Middel sprak zich uit tegen de gedoogdenstatus omdat die volgens hem een lagere status oplevert “dan die waarop hij wellicht recht heeft”. Hij pleitte ervoor gedoogden gedurende drie jaar een, jaarlijks te verlengen, reguliere verblijfsvergunning te geven. Ook het CDA-Kamerlid J.G. de Hoop Scheffer verklaarde zich mordicus tegen de gedoogdenstatus. “Het beleid mag en kan niet op een generaal pardon neerkomen”, aldus De Hoop Scheffer. Het debat wordt dinsdag voortgezet