UPI tracht faillissement te vermijden

NEW YORK-WASHINGTON, 29 AUG. Het persbureau United Press International (UPI) heeft gisteren bij de rechter opnieuw bescherming tegen schuldeisers aangevraagd om een faillissement te kunnen afwenden.

In 1985 vroeg UPI ook al bescherming krachtens artikel 11 van de Amerikaanse faillissementswetgeving om in staat gesteld te worden uit zijn financiële problemen te komen.

UPI zegt bezittingen te hebben ter waarde van 22,7 miljoen dollar en schulden ter grootte van 65,2 miljoen dollar. Het Amerikaanse concern Infotechnology, dat UPI door overneming in 1985 van een bankroet redde, geniet zelf al sinds 1988 bescherming onder artikel 1 van de faillissementswet.

De financiële moeilijkheden voor UPI zijn acuut geworden doordat aandeelhouders stukken ter waarde van 2 miljoen dollar wilden verzilveren die de onderneming in 1985 uitgaf om aan extra kapitaal te komen. De schuldeisers hebben UPI drie maanden de tijd gegeven om te betalen.

UPI-president Pieter VanBennekom verklaarde gisteren dat het persbureau verschillende scenario's voor reorganisatie overweegt, variërend van verzelfstandiging tot allerlei vormen van participatie door derden. Volgens hem zijn verschillende kopers genteresseerd in het persbureau, maar hij noemde geen namen.

De Nederlandse financier drs J.J. Kuijten was zijdelings bij UPI betrokken. Hij had via zijn Amerikaanse onderneming Avacus een belang in Infotechnology die weer een groot belang had in UPI. Via Infotechnology probeerde Kuijten in 1989 UPI over te nemen, maar begin dit jaar gaf Kuijten aan geen interesse meer te hebben in UPI en zijn aandeel in Infotechnology als een goede belegging te beschouwen. (Reuter, AP)