Lof der leugen

Onze zielen leven van verraad, zoals Rilke heeft gezegd. Niet soms, in bepaalde situaties, maar domweg altijd. Het staat aan het eind van een liefdesgedicht. Twee mensen in bed drukken zich tegen elkaar aan, om niet te zien hoe om ze heen de buitenwereld dreigend naderbij komt. Maar ondertussen - want uiteindelijk is toch iedereen alleen, en de versmelting van de zielen maar schijn - kan elk ogenblik een wapen worden getrokken, uit de een of uit de ander... want onze zielen leven van verraad.

Het is dus maar goed dat er zo veel gelogen wordt in de wereld. Het zou anders een mooie boel worden.

Er zijn natuurlijk nodige en onnodige leugens, hoewel de grenzen niet scherp zijn. De enige echt noodzakelijke leugen, tenminste van de lieger uit gezien, is de leugen uit lijfsbehoud. Nee, ik heb het niet gedaan. Nee, ik heb toevallig helemaal geen zin in deze drank. Nee, de vluchteling bevindt zich niet onder mijn bed. Maar over de noodzaak van alle andere soorten leugens kan worden getwist.

Neem het leugentje-om-bestwil. Als er één soort leugen is die vroeger noodzakelijk werd gevonden en nu niet meer, is het die wel. De waarheid spreken tegen een patiënt werd beschouwd als onbarmhartig, dus verwerpelijk. Zorgzame ouders en opvoeders vertelden hun kinderen liever tien bloeddorstige sprookjes dan een onaangename waarheid. Maar zulke leugentjes-om-bestwil zijn uit de mode geraakt.

Alleen over de tegenovergestelde soort, de krasse, botte leugen, is iedereen het (theoretisch althans) eens. Ja, in Leiden afgestudeerd, mijn bul ligt bij mijn ouders thuis. Blijf maar niet op me wachten, die vergadering kan wel eens heel erg uitlopen. De president is even ziek.

Maar tussen lijfsbehoud en puur bedrog ligt zowat het hele leven, een doolhof van leugens in alle soorten en maten. Uitsluitend iemand die op wel heel hopeloze wijze ergens in de vroege jaren zeventig is blijven steken, zal de waarheid als onwrikbare leidraad in het sociale verkeer willen propageren.

Aan tafel, waar zouden we zijn zonder de beleefde leugen? In een Frans boek publiceerde iemand een tabelletje waaruit gastvrouwen kunnen aflezen wat gasten eigenlijk bedoelen met hun commentaar op het eten. Dit is fan-tas-tisch! betekent: 't is lekker. Heel verfijnd betekent: erg saai. Bijzonder betekent: aanstellerig, raar, vies. Doet me denken aan vroeger betekent: even smerig als in de mensa. Maar wie kent niet het koude gevoel dat langzaam langs je rug omhoogkruipt als gasten een hele maaltijd lang over het eten zwijgen?

Het grote gevaar van de beleefde leugen, aan tafel en elders, is dat je er net zo goed in verstrikt kunt raken als in de grovere soort. Wat te doen, als de gastvrouw vis voor, vis tussen, vis hoofd en vis na heeft bereid en je houdt niet van vis? Een gematigde leugen (in het algemeen niet zo dol op, maar dit...) is al gauw doorzichtig - maar wie zegt dat hij van zo'n menu altijd gedroomd heeft, riskeert herhaling van de ellende. En bovendien wordt een eventuele ontmaskering, later, des te pijnlijker. Gezichtsverlies voor alle betrokkenen, en dat is nu juist wat wij wilden vermijden.

En in bed, ach, in bed. Kijk naar de gelieven, zei Rilke in een ander gedicht, als ze eenmaal beginnen met hun ontboezemingen, hoe gauw ze dan liegen... Het bed, waar je nu eenmaal zo aan elkaar bent uitgeleverd, is ook berucht om de verstrikkende variant van de beleefde leugen. Wie één keer liefdevol heeft gesuggereerd dat zij toppen van vervoering heeft bereikt, zit voor zij het weet in de val. Typisch een moderne leugen, overigens, hoe communis ook de opinio die hem afkeurt.

Vrouwen grijpen eerder naar de beleefde leugen. Een teken van flexibiliteit - of van zwakte? Maar zoals dat gaat met de wapens van de zwakken, het zijn natuurlijk weer de sterken die ze met de meeste flair hanteren. Evelyn Waugh bij voorbeeld, die in een brief zijn vriend Harold Acton bedankte voor het boek dat die hem had toegestuurd. Ik heb er pas hier en daar vol verrukking in gelezen, schrijft Waugh, en voegt daaraan toe dat hij het voor een zeereis bewaart. Maar intussen heeft hij het alvast over een rijk en geleerd werk, over de juweeltjes van vrolijkheid die de ernst van het betoog verluchten, en haalt hij uit naar de critici die te stom waren om zoiets moois op zijn waarde te schatten. ”Onleesbaar', schreef hij in zijn dagboek over hetzelfde boek.

Romantici, die een principiële afkeer hebben van de beleefde leugen, zijn geneigd om de uitvoerige variant met nog meer verontwaardiging van de hand te wijzen dan de sobere. Juist principieel is dat natuurlijk onzin. Het is meer dat zij zich liever kort schamen dan lang, te beroerd zijn om er een beetje werk van te maken. En bovendien vergeten zij, niet alleen hoe ontzettend blij je iemand zo kunt maken, maar ook, hoe graag de ontvanger van een mooie beleefde leugen alles voor zoete koek slikt. Bij een normaal mens wordt vrijwel ieder vermogen tot twijfelen op slag uitgeschakeld als hij gecomplimenteerd wordt. De kok, de minnaar, de schrijver, iedereen gaat voor de bijl, op de aangenaamst denkbare wijze.

Vergeleken bij de leugen is de waarheid maar een simpel instrument. Soms kan het worden toegepast, en dan is het wel zo elegant om het te doen. Eenvoud blijft altijd te verkiezen. Maar de leugen, in al haar schakeringen en varianten, inclusief de valkuilen, is het ware kenmerk van de beschaving.