Defensie passeert Fokker bij order voor F-100 toestellen

DEN HAAG, 29 AUG. Na de KLM passeert nu ook het ministerie van defensie Fokker voor de levering van zes middelgrote F-100 transportvliegtuigen. De luchtmacht wil een keuze maken tussen het Spaanse Casa CN-235M toestel of de Italiaanse Alenia G-222. Tevens wil de luchtmacht, mogelijk in Italië, twee verouderde DC-10 toestellen aanschaffen en laten ombouwen tot vliegende tankers. Met de order is een bedrag van 500 miljoen gulden gemoeid.

Dit heeft staatssecretaris Van Voorst tot Voorst (defensie) in een brief aan de Tweede Kamer aangekondigd. In de Kamer stuitten de voorstellen op verzet van CDA en PvdA. Omdat Nederland sneller en flexibeler wil opereren in crisis-situaties zegt Defensie gedwongen te worden de verouderde vloot van 12 F-27 transporttoestellen snel te vervangen. Weliswaar wordt binnen de NAVO gewerkt aan het oprichten van een pool voor transportcapaciteit, maar Defensie geeft er de voorkeur aan te beschikken over eigen middelen, waardoor ook bij crises buiten het NAVO-verdragsgebied sneller kan worden opgetreden met eigen middelen.

Voor de aanschaf van middelgrote transporttoestellen moet ongeveer 200 miljoen gulden beschikbaar zijn volgens de luchtmacht. Fokker valt buiten de boot omdat de F-100 vliegtuigen niet helemaal voldoen aan de eisen die de luchtmacht aan de transportcapaciteit stelt. Er kunnen volgens Defensie net niet voldoende manschappen in (80 in plaats van 90) en de afstand die de toestellen kunnen vliegen zonder tussenlanding bedraagt 2.200 kilomter, terwijl de Italiaanse of Spaanse versie 3.800 kilometer zonder bijtanken kan afleggen.

Het vorderen van transportcapaciteit in tijd van crisis bij de KLM of Martinair stuit volgens de luchtmacht op "juridische bezwaren en vergt te veel tijd.'

Waarom Nederland op een moment van afnemende oorlogsdreiging over de mogelijkheid wil beschikken om F-16 gevechtsvliegtuigen in de lucht van brandstof te kunnen voorzien is een vraag die door de Luchtmacht met veel slagen om de arm wordt beantwoord. Weliswaar kon er in het verleden een beroep worden gedaan op de Amerikaanse tankerluchtvloot, maar tijdens de Golfcrisis hadden die Amerikaanse tankers het druk met het bevoorraden van hun eigen gevechtstoestellen. Dat Nederlandse F-16 vliegtuigen tijdens de Golfcrisis nergens welkom waren werd vanochtend bij de toelichting op de brief aan de Tweede Kamer niet gememoreerd. Door in de lucht bij te tanken kunnen de oefenvluchten langer duren en kan de lawaai-overlast worden beperkt, aldus de luchtmacht.

In een reactie op de keuze van Defensie voor nieuwe middelgrote transport-vliegtuigen zegt Fokker dat gezien de eisen van de luchtmacht de F-100 inderdaad niet in aanmerking komt. Fokker had echter met de luchtmacht tot een dialoog willen komen over aanpassing van die eisen. Fokker zegt geen enkel officieel gesprek met Defensie te hebben gehad en betreurt die gang van zaken.

Een meerderheid van de Kamer wil naar aanleiding van de brief van de staatssecretaris beter worden geïnformeerd over de mogelijkheid om de Nederlandse vliegtuigfabriek Fokker in te schakelen bij de aanschaf van nieuwe toestellen. Frinking (CDA): “Voor ons is niet goed genoeg uit de doeken gedaan waarom Fokker wordt gepasseerd. Ook willen we beter worden geïnformeerd over de mogelijkheid om vliegtuigen te huren of te leasen of te vorderen.”

Zijlstra (PvdA): “Produkten uit eigen land zijn niet zaligmakend, maar ik vind dat Fokker in deze fase bij het bestuderen van de transportcapaciteit niet uit de boot mag vallen. En of Nederland eigen tankers nodig heeft nu het veiligheidsrisico is afgenomen, dat lijkt me niet onbetwist.”