Politieke winst Kok doelpunt in verloren wedstrijd; De PvdA ligt in de hoek, Brinkman lijkt als winnaar uit de strijd te komen

DEN HAAG, 28 AUG. PvdA-leider Kok zat er aangedaan bij toen hij gistermorgen aankondigde het inkomensbeleid voor volgend jaar “met opgeheven hoofd” te zullen verdedigen.

Met enige verbetenheid in zijn stem merkte hij op dat het hem om de "K van knikkers' gaat. Over de hoofden van de pers heen leek hij rechtstreeks zijn fractie toe te spreken: Kies maar, partijgenoten. Willen jullie liever de K van koppeling? Oké, maar houd er rekening mee dat het dan is gedaan met de K van kabinet en daarmee ook met de K van Kok.

Vier uur later zaten de PvdA-Kamerleden op de eerste officiële werkdag na het zomerreces wat witjes in de groene Kamerbankjes. Alle ogen waren op hen gericht. De 49 PvdA'ers voelden zich gevangen. Zouden zij hun leider volgen en de crisisgeur verdrijven die sinds vrijdag op het Binnenhof hing, of was voor hen dat andere boegbeeld, de koppeling, belangrijker? Het leek de keus tussen "hangen' of "tegen de muur'.

Aan de overkant van de PvdA-bankjes was de sfeer ontspannen. Het CDA maakte zich geen zorgen. Immers, het kabinet was er uit; de "inzet van fractievoorzitter Brinkman' had gewonnen; deze klus was ook weer geklaard. Dat de coalitiefractie nog wel eens roet in het eten zou kunnen gooien, drong tot menig christen-democraat slechts langzaam door.

In het ingewikkelde politieke kaartspel dat de laatste week in Den Haag is gespeeld, lag de zwartepiet gisteren open en bloot bij de PvdA-fractie. Als deze het WAO-pakket of het ontkoppelen van de uitkeringen aan de lonen niet zou pikken, zou ze het kabinet naar huis sturen. Voor een partij die dreigt terug te zakken van 49 naar 23 Kamerzetels voorwaar geen prettig vooruitzicht. Bovendien zouden de Kamerleden dan ook Kok voorgoed naar zijn Amsterdamse woning sturen. Hoewel kritiek op de PvdA-leider steeds minder onder stoelen of banken wordt gestoken, zou dat niet bijdragen aan het toch al slechte imago van de partij. Maar wat is het alternatief?

Minister-president Lubbers probeerde de PvdA-fractie gisteren een hart onder de riem te steken door Kok alle lof toe te zwaaien voor de wijzigingen in het WAO-pakket. Daartoe aangezet door de onrust in de samenleving, maar “vooral de eigen achterban”, had de PvdA-leider daarvoor “de kar getrokken”, meende de minister-president. “Ook naar mijn eigen oordeel is wat er nu ligt een verbetering van het pakket waartoe we in juli hadden besloten”, voegde Lubbers daar nog eens aan toe.

De PvdA-fractie besloot afgelopen weekeinde tijdens een bijeenkomst in Doorn al het nieuwe WAO-pakket op hoofdlijnen te steunen. Maar dat ging niet van harte. Kok mag dan volgens Lubbers politieke winst hebben geboekt, het voelt voor de fractie wel aan als een doelpunt in een verloren wedstrijd. De scherpe kanten van de WAO-maatregelen zijn er volgens menig PvdA'er slechts met een klein nagelvijltje afgehaald. De vrees dat de onrust bij de achterban er niet door zal afnemen, werd gisteren al meteen bewaarheid door de aankondiging van de vakbonden dat ze hun acties zullen verscherpen.

De woedende uitlatingen van de vakbondsbestuurders golden ook het kabinetsbesluit om volgend jaar de sociale uitkeringen niet te koppelen aan de lonen in het bedrijfsleven. De vakcentrales nemen geen genoegen met de belastingmaatregelen die het kabinet treft om de koopkracht van uitkeringsgerechtigden op peil te houden. De zes gulden extra vergeleken bij de koppeling kon hen niet vermurwen, hoe de PvdA-leider ook zijn best deed dit financiële voordeeltje en de gunstige effecten ervan voor de werkgelegenheid onder de aandacht te brengen. Zijn “zeer diep bewogen appel” aan vakbeweging en werkgevers om volgend jaar de lonen te matigen, was daarom aan oren gericht die al doof waren voordat de PvdA-leider wist of hij het fiat van zijn eigen fractie zou krijgen.

Dat bemoeilijkte de afweging voor de PvdA-fractie. Op de WAO-maatregelen kon ze met goed fatsoen het kabinet niet laten vallen, hoeveel pijn deze ook doen. Nu kreeg ze door politiek handig manoeuvreren van CDA-fractievoorzitter Brinkman ook nog een ontkoppeling in de maag gesplitst. Daarmee verliest de PvdA de laatste strohalm waaraan ze zich in deze stuurloze tijden vastklampte. Is de kiezer echter uit te leggen dat je een kabinet laat vallen omdat de coalitiepartner je ook dit laatste houvast ontneemt? Begrijpt de achterban een breuk als de coalitiepartner kan vertellen dat het door de PvdA afgewezen alternatief zou hebben geleid tot een “rechtvaardige inkomensverdeling”? Daar ging het toch altijd om. Maakt de PvdA zich dan niet schuldig aan woord-fetisjisme?

De enige reden waarom de PvdA nog met goed fatsoen tegen het inkomensbeleid kon zijn, is het effect ervan op loonmatiging en werkgelegenheid. De vakcentrales kondigen nu al aan hun looneisen niet laag te zullen houden. Zie je wel, zou de PvdA-fractie kunnen zeggen, dat lastenverlichting als lokkertje voor loonmatiging niet werkt. Maar de CDA-fractie zou haar om de oren slaan met de opmerking: heeft de belofte om te koppelen dan wèl vrucht afgeworpen.

Zo bleef voor de PvdA-fractieleden nog slechts één argument over om het op een breuk te laten aankomen: we hebben nu al zoveel moeten slikken, hoeveel komt er nog? Kunnen we ondanks alles dan maar niet beter nu het kabinet naar huis sturen, voordat we straks niet eens meer op twintig Kamerzetels kunnen rekenen?

De PvdA ligt in de hoek. CDA-fractievoorzitter Brinkman lijkt nu als winnaar uit de strijd te komen. Hij heeft het kabinet toch maar mooi even aangezet tot besluitvaardigheid, hèt criterium waarop deze CDA-fractievoorzitter het kabinet beoordeelt. Eerst riep hij in het voorjaar in de media dat er snel maatregelen moesten komen om het aantal WAO'ers te verminderen. Daar laaide de discussie weliswaar door op, waardoor Brinkman nu heel wat veroorzaakt lijkt te hebben. Maar het kabinetsbesluit kwam er geen dag eerder door. Afgelopen week profileerde de CDA-fractievoorzitter zich, alweer via de media, door Kok onder druk te zetten. Ook hier stoorde Brinkman een broedende kip die naar alle waarschijnlijkheid zonder zijn tussenkomst hetzelfde ei zou hebben gelegd.

Lubbers zei gisteren dat het kabinet versterkt uit de crisissfeer van de afgelopen dagen is gekomen. Dat zou Brinkman dan op zijn conto mogen schrijven. Een zeer prominente partijgenoot van de minister-president denkt daar echter anders over. Volgens hem is het aftellen voor deze coalitie begonnen. Als het kabinet vandaag zegt te kunnen leven met het voorbehoud van de PvdA-fractie, laat de volgende clash tussen Brinkman en Kok zich al raden. Als komend voorjaar blijkt dat de lonen harder stijgen dan het kabinet nu aanneemt, zal Kok worden gevraagd: waar blijf je nou met je rechtvaardige inkomensverdeling? Dat was toch wat je niet zou meemaken? En zullen Brinkman en zijn fractie dan een belastingverhoging accepteren om Kok uit de brand te helpen?