"Afspraken over minimumrechten asielzoeker nodig'; Een verslechtering van asielprocedures in EG waarneembaar

DEN HAAG, 28 AUG. De massale uitwijzing van Albanezen door Italië deze zomer roept de vraag op of er in Europa geen minimumrechten voor asielzoekers moeten worden afgesproken.

Dat zegt mr.drs. D. de Jong, hoofd van de “denktank” van de Dienst Vreemdelingenzaken van het ministerie van Justitie, de stafafdeling Beleidsontwikkeling. Hij stelt dat Italië een principiële grens heeft overschreden: “Voor het eerst hebben we in Europa een situatie gehad waarbij asielzoekers niet individueel zijn gehoord, maar als groep teruggestuurd. En dat met goedvinden van de VN-vluchtelingenorganisatie die de Italianen behulpzaam is geweest.” De Jong, die dit najaar voorzitter is van de subgroep-asielbeleid in het kader van het Nederlands EG-voorzitterschap, signaleert een tendens: ook Duitsland maakt aanstalten om asielverzoeken uit Oosteuropese landen bij voorbaat ongegrond te verklaren. “In heel Europa kun je een - door omstandigheden noodzakelijke - verslechtering van asielprocedures waarnemen. Misschien moeten de EG-partners eens met elkaar gaan praten over de grens waar je niet onder wil zakken.”

De aanpassing van de Nederlandse Vreemdelingenwet die morgen wordt behandeld door de Tweede Kamer plaatst De Jong tegen de achtergrond van internationale ontwikkelingen. Het kabinet wil dat de Kamer instemt met een reeks maatregelen die een versnelling van de asielprocedures inhouden: een snel onderscheid tussen gegronde en ongegronde asielverzoeken en twijfelgevallen. Op de hoorzitting die de Kamer afgelopen maandag hield, liepen maatschappelijke organisaties voorlopig voor de laatste maal te hoop tegen het voorgestelde beleid. Vluchtelingenorganisaties, juristenorganisaties, kerken en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten bepleiten een betere rechtsbescherming voor asielzoekers, zorgvuldigheid in procedures, en meer in het algemeen een beleid dat asielzoekers niet bij voorbaat als criminelen behandelt door de verschillende mogelijkheden tot internering.

De Jong ziet de voorgestelde maatregelen als een tussenfase naar een meer op Europese leest geschoeide Vreemdelingenwet. “De Europese Raad heeft in juni besloten dat het asielbeleid moet worden geharmoniseerd. En dat is nieuw. Tot dan toe was die harmonisatie alleen maar als een doelstelling op de achtergrond aanwezig. Maar nu is de aanzet gegeven om het hele migratiebeleid Europees te maken. Er is echt sprake van een omwenteling.”

Wordt dat op een of andere manier duidelijk met Europese maatregelen?

“Er zijn natuurlijk nog geen universeel erkende communautaire bevoegdheden op dit terrein. Maar het komend halfjaar willen we over een aantal onderwerpen spreken. Zoals: wat is een duidelijk ongegrond asielverzoek. Dat is een heel belangrijk punt. Je ziet dat alle landen speciale snelle procedures ontwikkelen voor duidelijk ongegronde verzoeken. Maar wat zijn dat? Uiteindelijk moeten we een Europese procedure kunnen vaststellen voor de afhandeling van dit soort verzoeken. Dit hang ook nauw samen met de kwestie of asielaanvragen niet langer individueel moeten worden beoordeeld. Om te voorkomen dat landen bijvoorbeeld asielverzoeken uit Roemenië niet langer in behandeling nemen, is het misschien nuttig voor bepaalde landen vast te stellen welke groepen vervolging te vrezen hebben. Misschien word je in Roemenië niet meer vervolgd als je anti-communist bent, maar wel als je zigeuner bent.

“Formeel zou je alleen van individuele toetsing van asielaanvragen af kunnen door in het VN-vluchtelingenverdrag een reserve in te bouwen waarmee je het verdrag voor bepaalde landen niet van toepassing verklaart. Daar moet dan wel opnieuw over worden onderhandeld. De huidige omstandigheden in Nederland zijn er niet naar dat je dat zou moeten doen. Maar de druk is heel groot. In ieder geval zal elke afspraak hierover in Europees verband leiden tot aanpassing van onze Vreemdelingenwet.”

Justitie maakt nauwelijks onderscheid tussen asielbeleid en immigratiebeleid.

“Pakweg 75 procent van alle asielzoekers is geen vluchteling. Die grote groep migranten maakt het niet uit om welke reden zij in Nederland wordt toegelaten. Sterker nog: die zal alle mogelijkheden zoeken, legaal of illegaal, om hier te blijven want dat is het enige wat telt. Wat dat betreft moet je het asielbeleid altijd bekijken in onderlinge samenhang met het immigratiebeleid, ook op Europees niveau. Het gaat dus ook over illegale immigratie en in dat verband heb ik grote vrees voor de stromen vreemdelingen die op weg zijn naar het Westen over de Middellandse Zee. In Noord-Afrika is nog steeds een grote bevolkingsexplosie gaande terwijl daar heel weinig kansen zijn voor jongeren. Ondertussen zijn er wel mogelijkheden om in Europa ergens een gemeenschap te vinden waarbij aansluiting gevonden kan worden en mogelijkheden voor illegale tewerkstelling zijn.”

Van de plannen voor een Europese buitengrenscontrole verwacht u weinig heil?

“Nee, daar ben ik heel pessimistisch over. Een echt effectieve grensbewaking krijg je alleen als je mijnen gaat leggen voor de kust van Spanje en Italië. En dat lijkt me niet de aangewezen weg. Dus voor de komende jaren moet je rekening houden met toenemende druk vanuit Noord-Afrika. Daar kun je twee dingen tegenover zetten: voor de korte termijn het opvoeren van het binnenlands vreemdelingentoezicht - ook in zuidelijk Europa. Dat betekent politiecontrole van hen die illegaal voet aan wal hebben gezet, maar vooral ook bestrijding van illegale tewerkstelling en geen toegang tot collectieve voorzieningen voor illegalen. Dat is iets wat je ook in Europees verband met elkaar moet bespreken. Dus afspraken maken met Griekenland, Italië en Spanje. Maar dat vreemdelingentoezicht - hoezeer noodzakelijk - blijft symptoombestrijding. Men is immers al binnen. Veel belangrijker op de langere termijn is praten met de Noordafrikaanse landen zelf. Het is ook niet hun belang als hun arbeidskrachten wegtrekken.

Daar wordt weleens anders over gedacht. Er is onderzoek waaruit blijkt dat veel van die landen voor een belangrijk deel afhankelijk zijn van de deviezenstroom die binnenkomt via in West-Europa werkende landgenoten.

“Toch is de enige echte oplossing voor de illegale immigratie het ontwikkelen van de regio zodat de kansen daar groter worden. Ik denk dat er voor de EG mogelijkheden zijn om allerlei bestaande akkoorden met Noordafrikaanse landen verder uit te werken. Je moet met die landen een balans vinden tussen economische steun en afspraken over het terugnemen van landgenoten die hier illegaal verblijven.”

Dus financiële pressie via handelsakkoorden en samenwerkingsovereenkomsten?

“In die akkoorden mag inderdaad best een paragraafje over het terugnemen van illegalen. Het paradoxale van zo'n preventief beleid is dat je moet accepteren dat er tijdelijk meer Noordafrikanen naar West-Europa zullen komen. Doordat je het ontwikkelingspeil in die regio verhoogt, krijgen meer mensen de mogelijkheid naar West-Europa te reizen. Toch zal je dat moeten doen, dat is een offer wat je vraagt.”