"Wanneer maak je dat nou mee, dat je ze echt kan zien vallen?'

DEN HAAG, 27 AUG. Ze was tóch in Den Haag om te winkelen. Toen hoorde ze van die toestand hier. Nee, van politiek heeft ze geen moer verstand. Maar 's ochtends in de auto gaat het radiootje aan, gewoon gezellig een beetje gepraat. Dus zij zegt tegen haar vriendin: Daar gaan we even stoppen. Wanneer maak je dat nou mee, dat je ze echt kan zien vallen?

Het Binnenhof had gisteren iets van een openluchtvoorstelling waar het wachten is op het belangrijkste nummer. Al vroeg in de ochtend klontert het samen voor de deuren van Binnenhof 20a. Daarachter, in de Trêveszaal en in de kamertjes en gangen er omheen, proberen de ministers van het kabinet-Lubbers III de crisis af te wenden. Microfoons, sprieten, snoeren en opschrijfboekjes. De pers kuiert in het zonnetje. Maar telkens als de zware deur op een kier gaat, weten ook de "crisistoeristen' zich een plaats te verwerven. In groten getale zijn ze aanwezig. “Toch wel te gek hè, om ze dan eens in het echt te zien”, zegt een brede mevrouw in een bloemetjesjurk. Ze elleboogt zich naar een goed plaatsje. “Hé, hé, een beetje democratie!”, roept een man tegen een fotogaaf die probeert een glimp op te vangen.

Het is weer loos alarm. Een woordvoerder van de Rijksvoorlichtingsdienst meldt dat het overleg binnen nog aan de gang is: “Geen zwarte rook en geen witte rook”. De mevrouw met de bloemetjesjurk ziet geen rook. Nee, ze hoopt niet dat het kabinet valt. Dan moeten ze weer iets nieuws gaan klussen. Wat er ook in die regering zit, een rotzooi blijft het. “Maar ik ben CDA'ster en dat blijf ik hoor. Ik ben gelovig en daar doe je het voor.” Haar man - “kijk daar staat-ie, hij is nog flink” - zit in de WAO. Volgend jaar gaat hij met pensioen. Dus met de WAO heeft ze niks te maken. Mensen die niets mankeren moeten ze afschaffen. Dat vindt zij van wel.

Haar bruinverbrande buurvrouw knikt beamend. Nee, van haar mogen ze die hele WAO afschaffen. “Daar moeten wij maar voor betalen.” Haar man had volgend jaar in de VUT zullen gaan, en dat gaat nou ook mooi niet door. Haar eerste man heeft ze verloren. Dat heeft ze ook allemaal al meegemaakt. Er zijn zoveel profiteurs in dit land en je mag nog geen roos in je eigen tuin afknippen. “Was passiert jetzt?”, vraagt een Duitse toerist. Hij komt uit de vroegere DDR en is speciaal hier naar toe gekomen om aan Lubbers te vragen of hij "Invalidenrenten' kan krijgen. Hij heeft een stoflong opgelopen en zit in de Duitse WAO. Maar hij wil naar Nederland komen en daarom moet hij Lubbers even spreken.

“Gebeurt het nou nog!”, roept een jongen, hangend op zijn rode moter. Een beetje op afstand, langs het hekje, vertoeft het Haagse crisistoerisme. Oude heren op fietsen, een man in een rolstoel van vooroorlogs model: “Die Brinkman is net zo'n gladbekker als Schmelzer. Weet je nog Schmelzer van die nacht?” Nou, hij hoopt dat het nu weer zo afloopt. Driftig schokt hij een stukje vooruit met een zwengel van zijn handmolen. “Hoe eerder hoe beter”, knikt de jongen op de rode motor. Hij heeft de pils al koud gezet om het te vieren. “Het is gewoon bezopen wat er gebeurt”. Eerst hebben die mensen zich kapot gewerkt om het land op te bouwen en dan worden ze nog eens dubbel gepakt. Die Kok is van: hoe de wind waait, waait m'n jasje. Vroeger stemde hij nog PvdA. Nu op de Centrumpartij. Ja, je mag het niet hardop zeggen. Maar het land is overvol. En dan gaan ze nu ook nog de Nederlanders pakken.

Het is laat in de middag. De zon staat al laag. Twee pubers staan naar boven te staren. “Wie is jouw favoriete minister?”, vraagt de jongen. “Maij-Weggen”, antwoordt het meisje. Achter de ramen met de gestreepte baldakijnen kijkt een gezicht met blond haar op het Binnenhof neer. “Kijk, daar is ze!”, roept de jongen. Het meisje begint te zwaaien. Maij-Weggen zwaait terug. “Is dat de koningin?”, vraagt een groepje Italiaanse toeristen. Ze waren speciaal voor haar gekomen. “Oh, het is alleen een crisis.” Teleurgesteld lopen ze het Binnenhof af.

Iets over half acht 's avonds komt de kluit voor de deur opnieuw in beweging. Minister De Vries (sociale zaken) komt naar buiten. Het dromt om hem heen. “We zijn het op hoofdlijnen eens geworden”, zegt de minister. En: “Ik wil de discussie over koppelen of ontkoppelen niet voeren. We zorgen dat de mensen krijgen wat ze nodig hebben”. De mevrouw met de bloemetjesjurk is er nog steeds. “Spannend hè”, zegt ze genietend. Twee jongens fietsen langs: “WAO'ers!”, roepen ze smalend.