Kabinetsbesluit over WAO heeft een lange voorgeschiedenis

26 oktober 1989: In het regeerakkoord van het kabinet wordt over de WAO opgemerkt dat er sprake is van een “verontrustende ontwikkeling waartegen weerwerk moet worden geboden”. Met “maatregelen in de sfeer van preventie en arbeidsomstandigheden” moet het “mogelijk zijn tot een situatie te komen waarin het beroep op de arbeidsongeschiktheidsregelingen in elk geval niet meer groeit”.

27 november: In zijn regeringsverklaring stipt Lubbers het probleem van de WAO kort aan. Het kabinet zal "op korte termijn' een standpunt bepalen over de aanbevelingen die een werkgroep van de Stichting van de Arbeid een maand eerder deed.

1 december: Kabinet en sociale partners maken afspraken over preventie.

22 juni 1990: Kabinet en sociale partners doen de werkgevers het voorstel in te grijpen in de WAO en de duur van de uitkering afhankelijk te maken van het aantal jaren dat iemand gewerkt heeft. In ruil daarvoor willen werkgevers gedeeltelijk arbeidsongeschikte werknemers in dienst houden.

3 september: “Nederland is ziek”, zegt premier Lubbers bij een rede aan de Universiteit van Nijmegen. Volgens Lubbers is er net als honderd jaar geleden sprake van een "sociale kwestie' waarvan moet worden vastgesteld dat de “de politiek het probleem niet alleen aankan”.

2 oktober: Kabinet en sociale partners spreken nieuwe preventieve maatregelen af. Als het aantal arbeidsongeschikten na 1991 toch stijgt, dan komt het kabinet met wettelijke maatregelen.

11 oktober: Lubbers verklaart in de Tweede Kamer dat hij opstapt als het aantal arbeidsongeschikten een miljoen bereikt.

18 september: Minister De Vries en staatssecretaris Ter Veld (sociale zaken) verklaren de aanpak van arbeidsongeschiktheid hoofdpunt van beleid.

8 februari 1991: Lubbers laat proefballon op over het koppelen van de WAO aan het aantal jaren dat iemand heeft gewerkt. Kok is tegen.

19 februari: Het kabinet zegt dat voor het einde van de kabinetperiode een bedrag van 3,8 miljard gulden moet zijn bespaard. Aan de SER wordt een adviesaanvraag gedaan. Een van de voorstellen is het afhankelijk maken van de duur van de uitkering van leeftijd en-of aantal jaren dat iemand gewerkt heeft. Ter Veld laat weten dat oudere WAO-ers moeten worden ontzien.

4 maart: SER vraagt kabinet met meer uitgewerkte voorstellen te komen.

13 april: CDA-fractievoorzitter Brinkman spreekt over "aanstellers' in de WAO en eist dat het kabinet op korte termijn “knopen doorhakt”. Hij stelt voor de WAO op te heffen en daarvoor in de plaats een minimum-basisuitkering te verstrekken. Minister De Vries sluit zich hierbij aan.

17 april: De PvdA-fractie spreekt zich uit tegen ingrijpen in de WAO.

20 april: Brinkman dreigt het kabinet te laten vallen als het niet snel met maatregelen komt.

23 april: Lubbers onthult dat het ministerie van sociale zaken ingrepen aan het uitwerken is om de duur van de uitkering voor WAO-ers te bekorten en de uitkering voor gedeeltelijk arbeidsongeschikten af te schaffen.

25 april: Ter Veld zegt dat De Vries “eerst mij zal moeten afschaffen” als hij de WAO wil afschaffen.

1 mei: Kok zegt dat hij bereid is de duur van de WAO-uitkering te bepaalde groepen te beperken.

15 mei: Kok zegt dat de PvdA het kabinet verlaat als de WAO wordt afgeschaft.

26 mei: Kroonleden in de SER proberen werkgevers en werknemers op één lijn te krijgen met het voorstel het begrip "passende arbeid' te schrappen in de WAO.

29 mei: FNV-bonden spreken zich uit tegen afschaffen "passende arbeid'.

30 mei: PvdA-fractievoorzitter Wöltgens meent dat “pijnlijke ingrepen in de WAO onvermijdelijk zijn”, maar garandeert dat WAO-ers van 50 jaar en ouder worden ontzien.

18 juni: Kroonleden in de SER stellen voor de WAO-uitkering van jonge arbeidsongeschikten met tien procent te verlagen. Werkgevers stellen de eis dat moet worden ingegrepen in de duur en de hoogte van de uitkering.

19 juni: Ter Veld schrijft de SER dat het aantal arbeidsongeschikten sneller groeit dan verwacht. Kok verhoogt het te bezuinigen bedrag van 3,8 miljard naar 4,4 miljard.

29 juni: Kroonleden en vakbeweging bereiken in de SER een compromis over het inleveren van maximaal vier vakantiedagen bij ziekte en het afschaffen van "passende arbeid'.

3 juli: Kok schrijft dat hij duur en hoogte van de WAO-uitkering ongemoeid wil laten. Werkgevers houden vast aan ingreep in de WAO-uitkering.

9 juli: De Federatieraad van de FNV keert zich tegen het compromis tussen Kroonleden en werknemers in de SER.

12 juli: De SER komt met een meerderheidsadvies van Kroonleden en werkgevers. De hoogte van de WAO-uitkering moet afhankelijk worden van de leeftijd waarop iemand arbeidsongeschikt wordt. De meerderheid spreekt zich uit tégen ingrijpen in de duur van de uitkering.

13 juli: In de beroemde "WAO-nacht' besluit het kabinet in te grijpen in de duur van de uitkering. Voor arbeidsongeschikten onder de 50 jaar wordt de duur afhankelijk gesteld van het aantal jaren dat iemand gewerkt heeft. Werkgevers krijgen een boete van een jaar loonkosten als een werknemer in de WAO komt. Werknemers moeten een vakantiedag per ziekmelding inleveren. Kok noemt de maatregelen “sociaal goed verdedigbaar”. Het kabinet gaat op vakantie.

15 juli: Woedende reacties van de vakbeweging die protest aankondigen. Uit de PvdA-achterban komen de eerste protesten.

16 juli: Wöltgens zwakt zijn instemming met de kabinetsplannen af, en wil dat huidige WAO-ers worden ontzien. Partijvoorzitter Sint is op vakantie.

17 juli: Kok vindt dat de ergste gevallen moeten worden ontzien.

12 augustus: Sint terug van vakantie. FNV, CNV en MHP kondigen harde acties aan en beloven een "hete herfst'. De Vries is bereid tot onderhandelen maar “de marges zijn buitengewoon smal”.

24 augustus: De Vries en Ter Veld kondigen nieuw WAO-plan aan.