Nederlander gedood bij beroving op Filippijnen

SAN FERNARDO, 26 AUG. Een 26-jarige Rotterdamse computer-programmeur is gedood bij een beroving op het Filippijnse eiland Luzon. De man wachtte bij het bergplaatsje Sagada in Centraal-Luzon met een vriend op een bus naar het 320 kilometer zuidelijk gelegen hoofdstad Manila. Toen een groep van elf Filippino's hen een lift aanbood in een busje, besloten ze die te accepteren.

Onderweg dronken de reizigers een beker vruchtensap die vermoedelijk verdovende middelen bevatte. Ze werden vervolgens beroofd en achtergelaten langs een snelweg op de grens tussen de provincies Tarlac en Nueva Ecija. De 26-jarige M.F. is na de beroving overreden, en was al overleden bij aankomst van de politie.

Volgens de politie van het nabijgelegen Canatabuan City zijn er aanwijzingen dat de dood van M.F. een ongeluk was. De 25-jarige M.V. is verdoofd overgebracht naar het ziekenhuis van Cabanatuan City, 100 kilometer ten noorden van Manila. Een woordvoerder van de Filippijnse ambassade denkt dat de studenten beter niet naar Sagada hadden kunnen reizen, een dorp dat beroemd is wegens enkele eeuwenoude rijstterrassen, maar ook als bakermat van de de communistische verzetsbeweging New Peoples Army (NPA). De beweging is in een slepende guerilla-oorlog verwikkeld met het Filippijnse leger. Toeristen wordt geadviseerd het gebied te mijden. De tactiek om toeristen een lift aan te bieden en vervolgens te drogeren, is volgens dezelfde woordvoerder vaker vertoond in Luzon. (ANP)