Kurort Heiligendamm is zelf aan een kuur toe

“Hoe vreugdevoller en geruster men het baden tegemoet treedt hoe beter”, schrijft Dr. Samuel Gottlieb Vogel, Medizinalrat van het Groothertogdom Mecklenburg en Schwerin in zijn badreglement van 1817. Maar ook waarschuwt de hofarts: “Onmiddellijk na een heftige gemoedsbeweging dient het baden ten enen male ontraden te worden.”

Oostzee, Heiligendamm. Duitslands oudste, nu weer ontsloten, maar nog sluimerende badplaats en kuuroord aan de Oostzee, bestaat uit veertien in klassicistische stijl gebouwde villa's die er vanuit de Mecklenburger Bucht inderdaad hertogelijk uitzien. Maar een wandeling door het lommerrijke, door zware beuken en linden omzoomde park (hier reikt het Duitse woud tot aan de zee) leert anders. Villa nummer 14, het "Fritz Reuter Haus' op de uiterste oostflank van het "Kurhaus', is om technische redenen gesloten en op het achterbalkon van villa 13 hangen versleten theedoeken. Voor de deur van nummer 12, het "Karl Liebknecht Haus', staat een gepensioneerd echtpaar uit Weissenfels bij Halle. De lucht is er slecht, zeggen ze. Tien jaar geleden al hadden ze zich aangemeld voor een kuur. “Maar wij gewone stervelingen konden het wel vergeten”, zegt de man die zwaar op zijn wandelstok leunt. Zijn vrouw knikt. Alleen verdienter Parteimitglieder en Opfer des Faszismus werden toegelaten.

Die zijn na de Wende uitgekuurd en dus zie je vooral onwennige, voormalige DDR-families in schreeuwerige joggingpakken over de grindpaden lopen. Ook huisnummer 11, de villa die vernoemd is naar Rosa Luxemburg, is nog in gebruik. In de hal staan kinderwagens en op het prikbord is in onhandig grote letters een mededeling geschreven: “De klachten van medepatiënten over het gedrag van rokers aan het therapiestrand nemen toe!” Daarover vermeldt Dr. Samuel Gottlieb Vogels badreglement niets. Wel ontraadt de lijfarts van de hertogen van Mecklenburg-Vorpommern het baden bij “darm en maagstoornissen, de maandelijkse reiniging, zwangerschap, verstopping van meerdere dagen, ontstekingen, gezwollen voeten, duizelingen, hoge leeftijd, hoofdpijnen en andere gebreken.”

Op instigatie van diezelfde Dr. Vogel, die toen nog professor was aan de Universiteit van Rostock, stichtte de groothertog van Mecklenburg-Schwerin Friedrich Franz I de badplaats Heiligendamm. "HEIC TE LAETITIA INVITAT POST BALNEA SANUM' - Vreugde wacht u hier indien u gezond en wel het bad ontstijgt' staat er in diepblauwe letters boven de terrasvormige zuilenrij.

Die vreugde werd min of meer tot plicht toen de zomerresidentie van de Mecklenburgse aristocratie van 1948 tot 1952 was verbouwd tot sanatorium voor Werktätige.

Aan de andere, westelijke zijde van het "Kurhaus' zijn de villa's ruimer bemeten maar ook hier is de verf afgebladderd: "Haus Mecklenburg', "Haus Magdeburg' en, het dichtst bij zee op nummer 1, "Haus Weimar' staan vol met niervormige tafeltjes, zitelementen, gietijzeren stoeltjes en andere goedkope DDR-chic uit de jaren vijftig. Op nummer 2 is door een kier een collectie medische apparatuur te zien.

"Aerosol-Einzel' staat er op een dikke slang die verbonden is met een bolvormig glas. Dit doet me denken aan een vroege verfilming van De toverberg van Thomas Mann (In zijn Buddenbrooks overigens schetst Mann de definitieve neergang van de voorname ontspanning aan de Oostzee) waarin uitgemergelde patiënten recupereren tegen de achtergrond van getekende Alpenspitsen. Hier valt het noordelijke licht over de veranda van "Haus Weimar' dat ook dichtgespijkerd nog allure heeft. Op de voordeur hangt een klein briefje: “Opgelet! Vanaf woensdag 10 juli 1991 zal de gymnastiek in de gymnastiekzaal van Huis 4 ("Glück Auf') worden gehouden.” "Glück Auf' ofwel Haus Mecklenburg is voor chronische patiënten. Daar ontmoet ik de bibliothecaresse van het kuuroord. De villa's zijn chronisch verwaarloosd, de arbeidsplaatsen staan op de tocht, maar de paden zijn netjes aangeharkt. Zo ook de tuin met geneeskrachtige kruiden: melisse, venkel, salie en valeriaan “kalmerend middel bij opwinding, angst en spanningen”. Een middel dat collectief (nou ja, collectief...) voorgeschreven zou kunnen worden, want vrijwel niemand weet hoe de naaste toekomst er uit zal zien. Ook de bibliothecaresse niet. Ze is met haar bibliotheek tijdelijk verhuisd van het Maxim Gorki-huis op nummer acht, dat evenals nummer zeven, het Käthe Kollwitz-laboratorium gerenoveerd moet worden, naar het Walther Rathenau-huis op tien. Daar liggen de boeken nu verspreid over het linoleum, vertelt ze. De "Treuhand', die de failliete DDR-boedel heeft overgenomen, is nu ook de tijdelijke beheerder van Heiligendamm. Maar nog steeds zijn de eigendomsverhoudingen niet duidelijk. Twee kandidaat-exploitanten hebben derhalve inmiddels afgehaakt. En tot overmaat van ramp heeft een oude, bijkans demente nazaat van groothertog Friedrich Franz I, de stichter van Heiligendamm voor wie in 1843 een 210 ton zware gedenksteen op een molshoop met panorama over zee is geplaatst, Haus Weimar' en "Haus Magdeburg' teruggevorderd.

Intussen gaat alles in Heiligendamm nog steeds zijn normale, langzame gang. Uiterst vriendelijk maar nog op z'n elf-en-dertigst is de bediening in het nagelneue Kurhaus-café. Het espresso-apparaat lijkt een robot die bij elke bestelling opnieuw voor paniek zorgt. Veertig jaar communisme gevoegd bij de meer dan stugge Mecklenburgse landsaard maken dat angst, achterdocht en onwennigheid overheersen. Nog blaast de "Molli', het lokale treintje dat sinds 1866 tussen Bad Doberan en Kuhlungsborn aan de Oostzee tuft, vrolijk stoom af als hij het stationnetje van Heiligendamm binnenrijdt.

“Een duidelijk teken”, schrijft Dr. Vogel, “dat het baden u goed is bekomen is als u het nadien weer spoedig warm krijgt en u zich verder onbezorgd, monter en verkwikt voelt.”

Heiligendamm, de hoogbejaarde adellijke dame onder de badplaatsen aan de Oostzee, schminkt zich voor een nieuwe, onzekere toekomst. Maar monter, onbezorgd en verkwikt is anders.