Een vacante sokkel

De rode vlag die nu nog op het Kremlin wappert, zal eerdaags ook welgestreken worden. Of is dat vanochtend al gebeurd? Voor het overige is elke poging om verder dan gisteren vooruit te denken over wat vroeger de Sovjet-Unie was, ietwat potsierlijk gebleken, mijn eigen speculaties niet uitgezonderd. Toch is de behoefte om te verklaren en te redeneren in deze draaikolk van gebeurtenissen, niet uit te roeien. Nu lezen we voor de tweede keer in één week dat Gorbatsjov "exit' is. Zou deze overlevingskunstenaar echt van zijn balk zijn gevallen? Het lijkt erop, maar hoe vaak leek iets niet ergens op in de afgelopen week?

Door de euforie over het mislukken van de staatsgreep zijn we tot grote mildheid jegens de overwinnaars bereid. Al die decreten van Jeltsin zijn natuurlijk niet helemaal rechtmatig, maar dat is toch begrijpelijk. Misschien vraagt de weg uit het communisme, met al zijn voorspelbare ellende, wel om leiders met een autoritair temperament. Is het land niet in één week vrijer geworden dan het ooit is geweest? De demoralisering van de conservatieven is toch een uitgelezen moment om het communisme te ontmantelen?

En zo ging het van de ene staatsgreep naar de andere, dit maal namens het volk. Het was een fascinerend, maar geen prettig schouwspel afgelopen vrijdag in het Russische parlement. Met een groot gevoel voor intimidatie vereffende Jeltsin enige oude rekeningen en eigende zich en passant een reeks bevoegdheden toe. En de toeschouwers in de arena, die naar verluidt een parlement is, juichten mee. Zoals altijd schreeuwden de medeplichtingen het hardst om wraak.

Werd hier een symbolische executie uitgevoerd om straks echte doodstraffen te vermijden? Of was deze publieke vernedering de eerste stap in een hardhandige afrekening, waarbij uit naam van het aangedane onrecht nieuw onrecht wordt begaan? Gorbatsjov wankelde op zijn voetstuk en gaf niet zonder morren toe. Het lijkt erop dat hij nu maar zelf de vlucht naar voren maakt en het verbieden van de communistische partij voorkomt door de partij te ontbinden.

Sacharov schrijft in zijn autobiografie over Jeltsin: “Ik respecteer hem, maar hij is een persoon van een ander kaliber dan Gorbatsjov. De populariteit van Jeltsin is tot op zekere hoogte afhankelijk van de "impopulariteit' van Gorbatsjov, omdat Jeltsin wordt gezien als oppositie tegen en slachtoffer van het bestaande regime”. Hoe hij nu zou oordelen weet niemand, maar de observatie dat de lotgevallen van Gorbatsjov en Jeltsin communicerende vaten zijn, is treffend.

Jeltsins populisme wortelt in dictatoriale omstandigheden, zijn grofheid is evenredig aan de onbehouwen machtsstrijd die zich voltrekt, zijn ressentiment doet niet onder voor de diepgevoelde wrok van de gemiddelde Sovjet-burger en ten slotte, zijn burgermoed overtrof alles en iedereen. Kortom, Jeltsin is dè man van dit moment. Maar hoe verdragen deze eigenschappen zich met de opbouw van een democratisch stelsel? Het is dezelfde vraag die over de Poolse president Lech Walesa wordt gesteld.

De stijl waarmee het ancien régime wordt afgeschaft zegt veel, zo niet alles over de aard van het nieuwe bewind. Daarom is juist in revolutionaire situaties een zo zorgvuldig mogelijke omgang met de rechtsstaat van groot belang. Welke waren de dwingende redenen om vrijdag, toen alles ten goede was gekeerd, door te gaan met het demonstratief ondertekenen van decreten, in plaats van ze ter goedkeuring aan zijn eigen parlement voor te leggen?

Het vaak gebruikte argument dat uitzonderlijke omstandigheden uitzonderlijke maatregelen vereisen, is verraderlijk. Nood breekt wet, maar de coupleiders beriepen zich ook op een soort zelfverdediging. Volgens Janajev en de zijnen maakte de voortdurende chaos het afkondigen van de noodtoestand onvermijdelijk. Hopelijk komt aan de decreten-regen van Jeltsin een einde voordat verdere inbreuken op de parlementaire beginselen worden gepleegd.

Landsbergis roept om een "Neurenberg voor het communisme'. Wat hij daarmee voor ogen heeft is niet helemaal duidelijk. Criminelen moeten natuurlijk worden vervolgd, maar het overgrote deel van alle partijleden zijn burgers met slappe knieën en een handjevol privileges. Niet echt het soort mensen dat voor een tribunaal hoort te worden gedaagd. Het voorbeeld van Midden-Europa is het navolgen waard. Ook daar klonken stemmen op die om wraak schreeuwden, maar vrije verkiezingen deden geruisloos en buitengewoon effectief het werk.

Zal het einde van de Sovjet-Unie in het teken staan van de vergelding of de verzoening? Voorlopig lijkt het de goede kant op te gaan en schuilen de gevaren voor de nog prille democratie wellicht elders. Zullen de hervormers die zich zo vereenzelvigen met nationale aspiraties tovenaarsleerlingen blijken te zijn? Gyorgy Konràd stelde die vraag al eerder, toen hij zich afvroeg of de liberale dissidenten niet de weg effenen voor een autoritair nationalistisch bewind.

Na de beeldenstorm die door de republieken raast zijn er veel vacante sokkels. Wie en wat komen er na het communisme? De meest voor de hand liggende plaatsvervanger is het nationalisme, met als goede tweede de parlementaire democratie. Nu gaan ze nog hand in hand. Uit naam van de democratie en de nationale onafhankelijkheid wordt gebroken met het eens almachtige centrum in Moskou. En daarna, hoe zal het de autonome en afgescheiden republieken vergaan?

De onafhankelijkheidsverklaring van de Oekraïne - als deze ook daadwerkelijk wordt doorgezet - zal de ontbinding van de Sovjet-Unie pas echt in een stroomversnelling brengen. Een rijke republiek met vijftig miljoen inwoners is wel iets anders dan het perifere Georgië of de Baltische republieken die zich onafhankelijk verklaren. Als we denken aan de gevolgen van zo'n uiteenrafeling van het geweldsmonopolie in de Sovjet-Unie dan komen bange vragen op. In dit opzicht zou de Sovjet-Unie wel eens een Joegoslavië kunnen worden op de schaal van een wereldmacht. En het is niet moeilijk om te raden dat de democratie het eerste slachtoffer zal zijn wanneer de nationale tegenstellingen een hoge vlucht nemen.

Maar misschien dat de allerbelangrijkste vraag straks wel is: waar trekt het Russische nationalisme zijn eigen grenzen? Dat nationalisme is natuurlijk heel dubbelzinnig. Het wil af van de rol van Moskou als centrum van het Sovjet-imperium, maar tegelijk is dit wereldrijk een produkt van datzelfde Russische nationalisme. Rusland poseert als onderdrukte republiek, terwijl het in de ogen van de andere republieken de oorsprong van de onderdrukking is.

Een waarachtig nationalisme in Rusland bijt dus in zijn eigen staart. Het was niet voor niets dat het voorstel van Solzjenitsyn ter omvorming van de Sovjet-Unie, naast de "afstoting' van vele republieken, voorzag in een nieuwe Russische Unie, waar de Oekraïne, Wit-Rusland en het grootste deel van Kazachstan deel vanuit maken. Hoe zullen de Russische nationalisten reageren op de onafhankelijkheidsverklaringen van de Oekraïne en Wit-Rusland?

Dat zijn wellicht te sombere vragen die een toeschouwer door het hoofd spoken na een week van zeldzame turbulentie. Nu overheerst de opluchting over de ineenstorting van het communisme is de Sovjet-Unie. Tegelijk kijken we met huivering naar de doodstrijd van het laatste wereldrijk, die waarschijnlijk niet zonder verder geweld zijn beslag zal krijgen.