Blank botst met gekleurd bij disco in Landsmeer

LANDSMEER, 26 aug. - Burgemeester dr. H.J.G. Waltmans van Landsmeer woont al zeven jaar tegenover discotheek Robinson. Alles over de geluidsoverlast, vernielingen en vechtpartijtjes heeft hij van dichtbij meegemaakt. Nu de laatste twee zaterdagen botsingen dreigden na het sluiten van de disco, is voor hem de grens bereikt. Hij noemt de recente gebeurtenissen “een regelrechte aanslag op orde en veiligheid” en heeft beloofd morgenavond in de raadsvergadering met maatregelen te komen.

Op 17 augustus ontstond er diep in de nacht in de Dorpsstraat van Landsmeer, een dorp met 11.000 inwoners in Waterland net boven Amsterdam, voor het eerst een conflict tussen blank en gekleurd. Het bleef bij schelden en dreigen. Maar afgelopen zaterdagnacht na het sluiten van de discotheek om drie uur werden zo'n 75 uit Amsterdam afkomstige kleurlingen ingesloten door 50 Landsmeerders bewapend met staven en een brandblusser. De vier agenten van de plaatselijke politie vroegen assistentie van de korpsen in Amsterdam en Zaanstad. In totaal twintig politiemensen tenslotte zagen kans de partijen uit elkaar te houden.

De groepscommandant van de rijkspolitie in Landsmeer, M. van Barneveld, doet zijn uiterste best het racistisch element in de rel van zaterdagnacht af te zwakken. De jeugd van Landsmeer heeft het nu eenmaal moeilijk met de aanwezigheid van grote groepen buitenstaanders. Daarbij speelt het geen rol of dat Duitse toeristen, discogangers uit Purmerend of Surinamers zijn. Ook burgemeester Waltmans doet zijn best. “Ik zou niet willen spreken van rassenrellen”, zegt hij geschrokken refererend aan de kop in een ochtenblad, “maar van disco-rellen.”

Eigenaar J. Hartog van de discotheek Robinson heeft het maar moeilijk met de belangstelling van de media. Personeelsleden hebben verslaggevers op een afstand gehouden door te verklaren dat de baas in het buitenland zit, een radioverslaggever is hardhandig verwijderd. “Ik moet heel voorzichtig zijn nu er over racisme wordt gepraat”, luidt zijn verklaring. “De televisie zei dat het een mooie reclame voor de zaak zou zijn als ik in beeld kwam, maar ik kijk wel uit.” Hij taxeert de verhouding blank en gekleurd in de disco op fifty-fifty. “Als ik groepen mensen zou weigeren, is dat discriminatie en wordt mijn zaak door de gemeente gesloten.”

De discotheek Robinson functioneert overdag ook nog als een jachthaven met roeibotenverhuur. “In mijn zaak zijn nooit problemen”, wil Hartog nog kwijt. “Als de disco sluit, loop ik met de klanten mee tot op de weg. Wie zegt er eigenlijk dat ze bij mij vandaan komen, als er dan verderop rottigheid is?”

De relativerende uitlatingen van politiecommandant Barneveld over het racistische karakter van de rellen worden niet gedeeld door de gehele burgerij. “'s Nachts om drie uur lopen die negers allemaal terug naar Amsterdam”, zegt de avond na de rel een blonde jongen in het kantoortje bij de witte pomp aan de dorpstraat. “De laatste bus gaat om half een en geld voor een taxi hebben ze niet. Ze lopen over de hele breedte van de weg zodat je er niet langskunt met je auto. Pure pesterij, maar als je even gasgeeft rotten ze wel op.”

De pompbediende verklaart dat hij vrijdagavond zelf al om elf uur “in zijn mandje lag”, zoals de nachtrust hier wordt omschreven. Maar de schuldvraag levert ook voor hem geen problemen op. “Een week geleden hebben vier van die apen nog een jongen in elkaar geslagen”, weet hij. “Het bloed lag op straat.”

Het woonhuis van handelaar in eieren en eierprodukten A.D. Goede grenst aan discotheek Robinson. In de zaterdagnacht gaat zijn gezin nooit voor half vijf naar bed zegt Goede. “Ook de mensen van de snackbar aan de overkant staan tot die tijd voor hun zaak om vandalisme te voorkomen. Nu roept iedereen wel die arme zwarten, maar ze hebben de afgelopen weken een spoor van vernieling achter gelaten.”

Vanaf elf uur niemand meer naar binnen in de disco en sluiten voor de laatste bus naar Amsterdam vertrekt, reikt Goede aan als oplossing voor de problemen. Negentig procent van de bezoekers bij Robinson is volgens hem buitenlander. “Onderling verhouden die zich nog veel slechter”, luidt zijn visie. “Er is zo'n haat en agressie. Een paar uur van die rotmuziek, wat drank en nog wat middelen en ze slaan elkaar voor een kleinigheid op de bek.” Naar zijn zeggen heeft Goede buurman Hartog geadviseerd “zelf maatregelen aan te dragen”, om het klimaat rond zijn discotheek te verbeteren. “Als er kinderen van vijftien, zestien jaar diep in de nacht als dweilen op straat liggen, moet je toch optreden.”