Italiaanse WK-wielerploeg straalt kracht en macht uit

STUTTGART, 24 AUG. Zelden zal op een wereldkampioenschap een Italiaanse wielerploeg zoveel kracht en macht uitstralen als het twaalftal dat morgen in Stuttgart aan de start staat. Met Bugno, Chiappucci, Argentin, Fondriest, Ballerini, Chioccioli en Bontempi beschikt bondscoach Alfredo Martini over een grote hand vol potentiële winnaars. Maar de vraag is of de squadra azzurra met ten minste zeven titelkandidaten wel collectief genoeg is ingesteld om in de beslissende fase een geslaagde greep naar de regenboogrui te doen.

In geen enkele wielernatie zijn de sponsorbelangen zo groot als in Italië. De ploegleiders van Carrera (Chiappucci), Gatorade (Bugno), Ariostea (Argentin) en Del Tongo (Ballerini) zullen alles in het werk stellen opdat een van hen met het kampioenschap gaan strijken. Hoe goed Italianen onder dergelijke omstandigheden zich ook dank zij een altijd aantrekkelijk premiestelsel kunnen organiseren, op het cruciale moment zijn afspraken snel vergeten.

Sinds 1977 (Moser) hebben drie Italianen (Saronni, Argentin en Fondriest) de wereldtitel veroverd. Maar wanneer de opofferingsgezindheid in de andere edities tot het bittere eind was volgehouden, zouden zonder twijfel meer Italianen wereldkampioen zijn geworden. In 1981 in Praag gunden Moser, Baronchelli en Saronni elkaar niets, waardoor de laatste het op de eindstreep in de sprint moest afmaken. Nadat Saronni zich laten verrassen door Maertens brak de hel los in het azuurblauwe kamp.

Toen vorig jaar Bugno dreigde de titel mis te lopen omdat zijn "knecht' Ballerini zich in een vluchtersgroep kansen begon toe te dichten, maande Bugno's ploegleider Stanga (aan de kant van de weg staande) achter de rug van bondscoach Martini "zijn' Italianen in de achtervolging te gaan. De opzet slaagde bijna, Bugno werd nog derde. Maar Ballerini was furieus over de inhaalmanoeuvre van zijn landgenoten.

In onderling overleg hebben de Italianen besloten dat Bugno, Chiappucci en Argentin morgen worden beschermd. Fondriest (in dienst van het buitenlandse Panasonic) heeft een vrije rol. Stanga heeft echter al gezegd dat het in het belang van het Italiaanse wielrennen beter zou zijn als een renner van Gatorade (Bugno of Giovannetti) wereldkampioen wordt. De kapitaalkrachtigste van alle Italiaanse sponsors zou dan nog minimaal vijf jaar in de wielersport blijven. Zijn collega Ferretti van Ariostea, de sterkste ploeg van dit seizoen, wil daar niets van weten en schuift Argentin als belangrijkste troef naar voren.

Hoe sterk Argentin rijdt, demonstreerde hij woensdag op de tweede dag van Trittico Premondiale, drie zware wedstrijden in provincie Veneto die speciaal met het oog op het wereldkampioenschap door de Italiaanse wielerunie op de kalender zijn geplaatst. De wereldkampioen van 1986 toonde weer eens aan als geen ander de kunst van het soleren te verstaan en reed ruim honderd kilometer alleen alvorens zegevierend in Pieve di Solino te finishen. Als antwoord op deze demonstratie van macht won Chiappucci donderdag in Marostica, na een sprint met Theunisse.

Opvallend is dat de Italiaanse kopmannen nauwelijks over specifieke "knechten" in hun ploeg kunnen beschikken. Martini heeft elke grote ploegsponsor tevreden gesteld door hun beste renners te selecteren. Daarbuiten zullen de capi ongetwijfeld hulp kunnen krijgen van renners die in het dagelijkse leven deel uitmaken van hun eigen sponsorteam. De landenformule is volstrekt achterhaald en zelfs hypocriet. Weinig renners zullen zich tegen hun collega's van dezelfde werkgever keren. Martini meent dat op het parcours knechten nauwelijks nodig zijn. De moeilijkheidsgraad betekent volgens hem dat ieder voor zich zal moeten rijden.

Bondscoach Knetemann van het Nederlandse team heeft de beschikking over minder beschermde renners dan Martini: Rooks, Theunisse, Breukink en Maassen komen voor een hoofdrol in aanmerking, mogelijk Bouwmans. Over de conditie van Rooks en Theunisse bestaat geen twijfel, over die van Breukink wel. Maassen moet nog nog waarmaken dat hij op een dergelijk traject waar de klim naar de Fernsehturm zestien maal beklommen moet worden stand kan houden. En Breukink heeft de laatste weken met een slechte conditie te kampen. Slechter dan vorig jaar kunnen de Nederlanders niet rijden.

Favorieten kunnen op een titelstrijd op de weg hopeloos falen. Knechten kunnen boven zichzelf uitgroeien. Dhaenens, nooit meer dan een trouwe helper, verraste vorig jaar in de hitte van Utso nomiya. Evenals zijn landgenoot De Wolf. De Belgen waren vorig jaar heer en meester in Japan. De strakke leiding van bondscoach Merckx had resultaat. De drievoudige ex-wereldkampioen laat regelmatig zijn selectieleden tijdens trainingstochten zien dat hij nog veel fietst (wekelijks in gezelschap van oude ploegmakkers). Hij geeft het voorbeeld. En iedereen volgt hem.

Echte favorieten heeft de Belgische ploeg niet binnen de gelederen. De Wolf heeft twee weken lang elke dag 350 kilometer achter de auto van zijn ploegleider De Vlaeminck getraind. Maar hij is geen winnaar, te wispelturig. Van Lancker werd pas op het laatste moment (na zijn zege in de Wincanton Classic en zijn goede prestatie in het Kampioenschap van Zürich) aan de selectie toegevoegd. Hij is in staat tot een verassing. Dhaenens voelt al een jaar de last van het wereldkampioenschap op zijn schouders. Donderdag moest hij de trainingstocht van 200 kilometer staken omdat het tempo hem te hoog lag. Mogelijk is Roosen een Belgische favoriet.

Merckx zelfs wijst naar het 22-jarige Franse talent Jalabert, die de laatste weken over een opmerkelijk goede conditie blijkt te beschikken. Jalabert heeft echter nog niet de manier gevonden om te winnen; hij wordt te vaak tweede. In het Franse kamp worden Leblanc en Fignon als kanshebbers genoemd.

Een van de opvallendste renners van de laatste weken is Pedro Delgado. De Spanjaard moet vertrekken bij de Banesto-ploeg omdat de sponsor Tour-winnaar Indurain een astronomisch bedrag heeft beloofd. Delgado staat in de etalage. Hij won twee weken geleden de Ronde van Burgos, werd tweede in de wereldbekerklassieker San Sebastian - San Sebastian en een dag later met de voltallige bezetting van de klassieker de klimkoers van Urkiola. In het Kampioenschap van Zürich reed hij nadrukkelijk in de frontlinie en afgelopen dinsdag won hij de Hucha de Oro, waar hij ploeggenoot Indurain uit zijn wiel reed.

Delgado is misschien wel de grootste favoriet na Bugno, de Italiaan met wie hij volgend jaar waarschijnlijk bij Gatarode rijdt. Ook een belangrijk gegeven. Resten de Duitsers Ampler, Kappes en Ludwig, de Australiër Anderson (met ploegleider Priem) en de altijd sterke Scandinaviërs. En hoe zal LeMond zich gedragen?