Bar loopt vol bij PvdA-debat over WAO

AMSTERDAM, 23 AUG. “Laat die brokkenmakers zelf met alternatieven komen, onze mening kennen ze allang!”. Het was gelijk raak op de openbare discussiebijeenkomst van het PvdA-gewest Amsterdam over de WAO-plannen van het kabinet.

Een paar honderd mensen in de grote zaal van de omgebouwde kerk "De Rode Hoed' aan de Amsterdamse Keizersgracht. Aan een rode tafel voor het orgel legt voorzitter Annemarie Grewel de opzet uit: na het "plenaire' gedeelte zal de vergadering worden gesplitst in drie werkgroepen, die "inhoudelijk' zullen discussiëren over de WAO, alternatieven zullen uitwerken, en vervolgens moeten "rapporteren' aan de vergadering. “Het lijkt de sociale academie wel”, fluistert een jongen met rode konen.

Dan stormt partijlid P. Radhakishum naar voren: “Hou toch op. Dit is verlakkerij!” Hij wil geen discussie over de WAO maar over de leiding van de partij. Geschreeuw in de zaal, gestamp en geroep. “Ik wijs u erop dat u met een ordedebat de orde hier aanzienlijk verstoort”, merkt voorzitter Grewel op. “Maar ik zal u heel democratisch behandelen. Wie is er vóór het ordevoorstel?” In de zaal gaan maar weinig vingers omhoog. “Wie is er tégen?” Een woud van handen gaat de lucht in. Er volgen nog wat schermutselingen, het partijlid wordt onder zachte dwang afgevoerd en de vergadering kan beginnen.

“De plannen van het kabinet vind ik onterecht en onzorgvuldig”, begint WAO-deskundige J. Suschitzky zijn verhaal. “Hartstikke goed hoor”, wordt er achter in de zaal gesmaald. Maar dan is de rust echt weergekeerd. De deskundige ontvouwt zijn mening: WAO'ers zijn de meest kwetsbare groep, de kosten van de WAO op het nationaal inkomen zijn de laatste jaren niet gestegen maar gedaald. “Wat het kabinet bezielt is dus gewoon een botte bezuinigingsdrift.” Vakbondsbestuurslid I. Van den Burg gebruikt er andere woorden voor: “Het commitment aan de doelstelling van volumebeperking wordt eigenlijk vertroebeld door de prijsdoelstelling van het kabinet”, luidt haar conclusie. Aan PvdA-econoom en SER-Kroonlid Wolfson ten slotte de taak om uit te leggen hoe het “in vredesnaam mogelijk is dat een fatsoenlijk man als Wim Kok zo'n probleem maakt van de WAO”. Een beperking van de kosten van de WAO is nodig voor de werkgelegenheid, vertelt Wolfson. In de zaal wordt geknikt en ook Wolfson krijgt een bescheiden applaus.

Klokslag kwart voor negen is het tijd voor de werkgroepen. Gedwaal door de gangen. Een groep van twintig dromt het ene zaaltje binnen, een groep van dertig in het andere. Onder de neonbuizen wordt er vlijtig gediscussieerd. Een districtsbestuurder van de FNV legt uit dat de oorzaken van de WAO in het bedrijfsleven liggen. Een oude man in een bodywarmer stelt voor een driedaagse werkweek in te voeren: “Dat is ook goed tegen de files.” Vervolgens worden de voors en de tegens afgewogen van een bonus-malussysteem voor werkgevers die arbeidsongeschikten in dienst nemen of houden. Maar uit de bar van het gebouw klinkt gekrakeel en gerinkel.

“Waarom ik niet naar de werkgroepjes ga?”, lacht een Surinaams partijlid uit de Bijlmermeer. Hij staat bij de tap met een glas in zijn hand. Een groot deel van de vergadering heeft zich hier verzameld. “Een discussie over de WAO hadden we vorig jaar moeten voeren. Nu is het een gezellig tijdverdrijf om de weerstand van het kader weg te masseren.” Andere pilsdrinkers vallen hem bij. “We kunnen wel leuk alternatieven bedenken”, zegt een jongeman in een bloemetjesshort, “maar morgen beslist de fractie toch. Ze gaan gewoon hun eigen gang. Het is te laat. Tegen de WAO'ers mag je alleen nog maar zeggen hoe erg het is, hoe bedroefd je bent, maar dat er niets meer aan te doen is.” Er wordt wat geproost en er worden grappen gemaakt: “Weet je wat de WAO heeft aangetoond”, vraagt het partijlid uit de Bijlmer. “Dat de PvdA potentieel de grootste partij had kunnen zijn'.

Terug in de werkgroep gaat het er nog steeds serieus aan toe. Een man vindt dat de partij de moed moet hebben om een "fundamentele discussie' aan te gaan. “Vinden we echt dat een piloot met slechte ogen zijn hele leven in een riante WAO-uitkering mag zitten, terwijl een jonge invalide die nooit heeft gewerkt het tot het eind van zijn dagen met 800 gulden moet doen?” De voorzitter van de werkgroep kapt het af: “We hebben nog tien minuten voor de politieke crisis, dan moeten we met onze conclusies plenair.”

Na de pauze vat Grewel samen. “We moeten dus concluderen dat er geen draagvlak is voor een bekorting van de duur van de WAO”. In de zaal wordt gehoest en gesnoven. Achter de tafel, naast Grewel, zit Kamerlid Jurgens die de boodschap in ontvangst mag nemen. Hij is het met de conclusie eens: “Er moet 4,4 miljard worden bezuinigd, dat hebben we zo afgesproken. Maar je moet proberen de collectieve sector daar niet mee te belasten.” Nu wordt er geroepen en gefloten. Velen lopen de zaal uit naar de bar.

“Wilt u nou bezuinigen op de WAO of niet?”, wil een man in de zaal weten van Jurgens. “We moeten met z'n allen beslissen”, luidt de repliek van het Kamerlid. “Ze moeten gewoon luisteren naar hun achterban”, roept een man. “En anders moeten ze weg. Zo simpel is dat, hoor.” De verwarring is compleet. Grewel komt het parlementslid te hulp met de mededeling dat het heel eenvoudig is: het kabinet heeft een beslissing genomen, maar de partij en de fractie komen nog aan de beurt.

“Wat een feest”, grinnikt de jongen met de rode konen. “Iedereen danst weer om de hete brij heen. Geen conclusie, geen besluiten, en iedereen is weer tevreden.”

Om half twaalf 's avonds sluit de voorzitter van het gewest inderdaad tevreden de deuren van de zaal. Het was een goede discussie, vond hij, en hij denkt “echt wel dat de fractie de geluiden van deze avond mee zal nemen en zich er vreselijk goed over zal beraden.”