Hollywood vreest geldstop Crédit Lyonnais

Vandaag is de aandeelhoudersvergadering gehouden van Crédit Lyonnais Bank Nederland, de bank die in grote moeilijkheden is gekomen met de financiering van films. Hollywood wacht angstig af welke stappen de bank zal nemen om het hoofd boven water te houden. "Dit is verschrikkelijk voor de filmindustrie'

"Een miljoen dollar nodig voor film', staat op een kartonnen bord langs een van de autowegen in Century City, het prestigieuze zakencentrum van Los Angeles waar ondermeer de filmstudio 20th Century Fox kantoor houdt. Wie als onafhankelijke producent vandaag de dag nog een film in Hollywood gefinancierd wil krijgen, moet aan de weg timmeren. Een jong echtpaar tracht op deze wijze de produktie van een psychologische thriller van de grond te krijgen. Vooralsnog zonder succes, want de bede veroorzaakt slechts gegrinnik bij de passerende filmmakers, bankiers en advocaten.

Hollywood bereidt zich voor op erger. Met ingehouden adem volgen de financiers en producenten in de hoofdstad van de Amerikaanse filmindustrie het gevecht tussen de Italiaanse zakenman Giancarlo Parretti en Crédit Lyonnais Bank Nederland over de miljarden die deze bank in de noodlijdende filmstudio MGM-Pathé heeft gepompt. Hoewel CLBN maar een kleine bank is, is zij de grootste financier van onafhankelijke filmproducenten in Amerika, producenten die niet behoren tot de grote studio's als Disney, Paramount en Warner Brothers.

Hoe de strijd ook afloopt, deze groep van filmmakers en distributeurs vrezen in ieder geval het kind van de rekening te worden. Er bestaat binnen deze groep weinig twijfel dat CLBN onder druk van de problemen met Parretti voorlopig een rem zet op de kredietverstrekking aan de filmindustrie. Daarmee zou een belangrijke geldbron in Hollywood drooggevallen.

“Dit is verschrikkelijk, absoluut verschrikkelijk voor de filmindustrie”, zucht Peter Hoffman, topman van Carolco, een van de grotere onafhankelijke produktiemaatschappijen. Carolco, producent van ondermeer de succesvolle Schwarzenegger-films Total Recall (van regisseur Paul Verhoeven) en Terminator 2, de huidige Amerikaanse zomerhit, heeft zijn bestaan te danken aan de kredieten die CLBN de afgelopen jaren heeft verstrekt, zo maakt Hoffman duidelijk. Maar nieuwe leningen van de de Rotterdamse bank zitten er voorlopig niet in, zo concludeert de producent op de zevende verdieping van zijn kantoor aan Sunset Boulevard.

Carolco heeft tijdig andere banken bereid gevonden voor het beschikbaar stellen van nieuwe leningen, zodat de financiering van nieuwe producties niet echt een probleem vormt, maakt Hofman duidelijk. Maar voor minder gevestigde producenten is het wegvallen van CLBN een belangrijke tegenslag. “Dit is een destabiliserende factor in de markt. Velen van ons zouden niet bestaan hebben zonder de bank”, aldus Hoffman.

Daar komt bij dat de hele affaire rond Parretti andere banken voorlopig kopschuw heeft gemaakt. “Banken die het te riskant vonden, zien hun gelijk bevestigd en banken die er wel in zitten, zullen zeker niet snel hun belangen in de filmfinanciering sterk uitbreiden”, meent de Carolco-topman. “De affaire met Parretti is heel slecht voor het vertrouwen in de industrie”.

Paul Kijzer - voormalig Amsterdams bioscoopexploitant en al jaren actief als onafhankelijk financieel adviseur in Hollywood - ziet eveneens een schrikreactie bij veel banken die aktief zijn in Hollywood. “Alle banken die in de filmfinanciering actief zijn, hebben de afgelopen maanden aan gewetensonderzoek gedaan”, zegt hij.

Pag.16:

HOLLYWOOD; Problemen CLBN frustreren Amerikaanse filmindustrie

Ruim vijf miljard gulden heeft CLBN op dit moment in de Amerikaanse filmindustrie gestoken en dat is zelfs voor Hollywood-begrippen een groot bedrag. Van dit bedrag neemt MGM-Pathé, de als min of meer grote filmstudio niet tot de onafhankelijke filmstudio's gerekend wordt, de helft voor zijn rekening.

Bij de financiering van de overige, onafhankelijke filmproducenten en -distributeurs heeft CLBN zich verzekerd van een zeer specifiek deel van de filmmarkt. Het gaat voor een belangrijk deel om leningen die per filmproject worden afgesloten. Een arbeidsintensief deel van de markt, omdat iedere film zijn eigen produktievoorwaarden kent en onderpand voor de leningen in de vorm van distributiecontracten telkens anders is gestructureerd.

“Het gaat hier om maatwerk, geen één contract is eender aan het andere”, bevestigt John Miller, directeur entertainment van de Chemical Bank. Deze Amerikaanse bank was lange tijd de nummer één in het financieren van onafhankelijke filmprodukties, maar werd in de loop van de jaren tachtig van de troon gestoten door CLBN. Die ontwikkeling is volgens Miller vooral een verdienste geweest van filmfinancier Frans Afman, die tot voor kort CLBN adviseerde. Miller houdt zich verder zorgvuldig op de vlakte over de huidige gang van zaken binnen de Rotterdamse bank. “Het vertrek van Afman is een groot verlies voor de bank”, wil hij nog wel kwijt. “Hij kon met zijn kennis en contacten veel ballen tegelijk in de lucht houden.”

Ook Miller maakt zich zorgen over het gat dat dreigt te ontstaan door het mogelijk wegvallen van de belangrijkste concurrent. Het totaal aantal in roulatie gebrachte filmprodukties in Hollywood is volgens zijn schatting teruggelopen van rond de 500 per jaar midden jaren tachtig tot rond de 300 nu. “Het is niet gezond als er te weinig partijen in de markt zijn”, meent hij. “Wij kunnen zo ook niet goed functioneren.”

De voor de hand liggende gedachte dat de Chemical Bank een buitenkansje in de schoot geworpen krijgt is een misverstand, aldus de filmbankier. “Het is een markt die een grote zorgvuldigheid vereist. We moeten selectief blijven en kunnen niet plotseling sterk uitbreiden.”

Andere banken zijn door de problemen bij uitgerekend een ervaren bank als CLBN ook niet enthousiaster geworden om zich in de filmmarkt te begeven. Het imago van de filmindustrie als een onbetrouwbaar terrein waar een bank zich beter verre van kan houden wordt weer eens bevestigd. Een onjuiste gevolgtrekking meent Miller. “Het is niet de bedrijfstak die niet deugt. Als een bank in de problemen komt, betekent het gewoon dat de kredieten niet goed zijn afgedekt met onderpand of dat de bank zijn klanten niet goed heeft gevolgd.”

Hollywood drijft van oudsher voor een belangrijk deel op buitenlands kapitaal. Amerikaanse banken hebben zich altijd terughoudend opgesteld, zeker zodra het filmprojecten betrof die bedoeld zijn voor distributie op de internationale markt. “Amerikaanse banken hebben een heilige angst voor internationale financiering”, meent Ernst Goldsmith, directeur van de onafhankelijke distributiemaatschappij Sovereign.

CLBN heeft een belangrijke rol gespeeld bij de oprichting van Sovereign, drie jaar geleden. Goldsmith maakt duidelijk dat Sovereign zelf eerder over meer dan minder krediet van de bank kan beschikken, al is het hem wel duidelijk geworden dat CLBN aanmerkelijk voorzichtiger is geworden bij het verstrekken van kredieten.

Goldsmith verwacht, evenals een groot aantal andere producenten en distributeurs in Hollywood, dat banken buiten de VS op termijn toch wel weer geïnteresseerd zullen raken in filmmarkt. Een aantal Japanse banken, waaronder Daiwa Securities, zijn al aktief in de filmfinanciering, al richten ze zichdaarbij vooralsnog vooral op de grote filmstudio's. Voorts timmert een groot aantal Europese banken aan de weg: de Franse banken Crédit du Nord, Société General, Banque National de Paris en Paribas.

Nederland is in de filmfinanciering naast CLBN tevens vertegenwoordigd door Pierson, Heldring & Pierson en sinds kort ook de NMB Postbank. Vooral over de laatste bank is men in Hollywood te spreken. Degelijk en conservatief, zo luidt het oordeel over de bank, die met behulp van bij Pierson en CLBN weggekochte krachten nu twee jaar aan de weg timmert. De bank heeft dit jaar al voor een bedrag van 100 miljoen gulden aan contracten afgesloten.

Over Pierson - ondermeer betrokken bij de financiering van films als The Last Emperor, Dances with Wolves en Sheltering Skies - bestaat in filmkringen wat meer zorg. Het is de laatste tijd opmerkelijk stil rond de bank en van nieuwe projecten waarin Pierson betrokken is, is weinig bekend. De bank bevestigt desgevraagd dat de financiering zich op dit moment meer op de Europese markt richt.

Als gevolg van het opdrogen van de kredieten hebben een veertigtal onafhankelijke producenten en distributeurs het initiatief genomen tot de oprichting van een eigen financieringsmaatschappij. Deze maatschappij zou institionele beleggers uit Europa en Japan moeten interesseren in investeringen in de filmindustrie, aldus een van de initiatiefnemers. Vooralsnog bevindt het plan zich echter nog in een zeer pril stadium en ook voor de toekomst wordt vanuit de markt met de nodige scepsis naar de plannen gekeken.

Blijft de frustratie in Hollywood over de enorme problemen die CLBN zich op de hals heeft gehaald met de financiering van MGM-Pathé van de Italiaanse zakenlieden Giancarlo Parretti en Florio Fiorini. “Het is uitermate ongelukkig dat de hele bedrijfstak zo'n enorme schade heeft opgelopen door de invloed van buitenstaanders”, concludeert Ernst Goldsmith.