Een andere kijk op het leven

Spannend is het. Ontspoort vandaag of morgen een trein in Nederland? Wordt juist nu de eerste passagier liggend in het bagagerek gesignaleerd omdat in de trein nergens meer een zit- of staanplaats was? Een calamiteit zit er dezer dagen dik in, want de Nederlandse Spoorwegen beginnen 23 augustus een advertentie-offensief en op reclamecampagnes van de NS rust geen zegen.

In dagbladen, op tv en door buitenreclame zullen de NS de komende maanden (potentiële) passagiers proberen bij te brengen dat weinig bezigheden zo ontspannend zijn als reizen per trein. Dat wilden ze eind vorig jaar al duidelijk maken, maar toen stak de onrust over de invoering in januari van de studentenkaart (en dus van overvolle treinen) de kop op, een vrees die werd gevoed door het verzet van de NS zelf tegen dit abonnement.

Dus werd de reclamecampagne uitgesteld. Tot 17 mei van dit jaar. Maar op 8 mei werd op het station van Harlingen een conducteur neergestoken, zijn collega's eisten vervolgens luidruchtig maatregelen tegen de onveiligheid in de trein en legden het verkeer op de rails hier en daar zelfs volledig stil. Wie zou daar nog over ontspannen reizen durven spreken? De reclamecampagne werd voor de tweede maal opgeschort. Sindsdien zijn stakingsacties van boze machinisten en blokkades door taxichauffeurs ook achter de rug, tenminste voorlopig.

Maar nog kan er van alles misgaan. Neem de vorige campagne van de NS, in februari 1990. Toen richtten de spoorwegen zich tot de automobilisten, wie werd voorgehouden dat het wegverkeer vol slipgevaar is, vooral bij slecht weer. Er werd gewezen op de 1460 doden die in 1989 in het verkeer waren gevallen. Woedend waren ze bij de BOVAG en de RAI, de organisaties die aan de belangenbehartiging van de autobranche hun dagelijkse benzine verdienen. “De een z'n dood is voor de NS kennelijk brood”, reageerden ze en herinnerden in advertenties, met een foto van gestrande treinpassagiers op stretchers, aan wat op 25 januari was voorgevallen. Op die avond van windkracht 12 moesten de NS gestrande passagiers slaapplaatsen aanbieden, omdat de trein hun woonplaats niet meer had kunnen bereiken. Op 27 februari wilden de NS opnieuw een poging wagen, maar op de 26ste stak de storm weer op. Dus werd plaatsing van de paginagrote advertentie (motto: "Waar zouden we zijn zonder de trein') ijlings uitgesteld.

Te verwachten valt dat morgennacht in Nederland een onweersbui losbarst die alle bovenleidingen vernielt en een verwoestend spoor langs de rails trekt. Of misschien breekt er een wereldbrand uit die elke advertentie een ranzige bijsmaak bezorgt. De NS willen namelijk overmorgen in vier dagbladen en op twee tv-zenders reizigers toeroepen: "De trein. Een andere kijk op de wereld'. Het reclame-adviesbureau FHV heeft de campagne bedacht. “Wij hebben gezocht naar een reframing van de trein”, zeggen de medewerkers in het NS-blad Koppeling.

Wat kun je zoal doen in de trein, behalve meerijden? Lezen. Slapen. Dagdromen. Nietsen. Uit het raam kijken. Naar koeien bijvoorbeeld. "U staat in het weiland en de koeien rijden voorbij', is een van de slogans uit de komende campagne. "Het leven gaat al zo snel, dus waarom U ook?' is een andere Bond-zonder-Naamachtige leuze die op posters en billboards te zien zal zijn. Want de NS willen zich niet beroepen op de snelheid van hun vervoermiddel, maar op dat andere, dat relaxte. Wie in de trein Het tuinfeest van György Konrád ter hand neemt, leest volgens FHV in één uur 38 bladzijden weg. Onder de gelovigen van V.S. Naipaul gaat iets trager (29 bladzijden per uur), maar relatief kan hier nog altijd worden gesproken van verslinden, want de lezer van de Almanak voor de loonbelasting 1991 komt volgens de reclamespecialisten niet verder dan 2 bladzijden per uur.

De leidinggevende reiziger wordt gewezen op de voordelen van management by looking out of the window oftewel de efficiency van het nietsdoen. Want kijk eens naar de runderen in de wei. Koeien herkauwen staat volgens de advertentie in managementstaal voor: "over een maand ligt de zaak niet meer zo gevoelig'. De stelling koeien maken geen drollen, maar vlaaien kan volgens de reclamecampagne de manager die uit het treinraampje kijkt dit idee bezorgen: "misschien moet ik het project een andere naam geven'.

Moet het morgen toch maar hefig en langdurig gaan onweren?