Van Mierlo en de WAO

TERWIJL de opiniepeilingen onheil zaaien in de Partij van de Arbeid en de regeringspartijen alle aandacht opeisen, is D66 in diezelfde peilingen slapend rijk geworden.

Nu zegt dat weinig voor het moment dat het menens wordt en als het kabinet nu zou vallen over een belangwekkend en ingrijpend onderwerp als de WAO dan zou als vanzelf elke partij op zijn programma dienaangaande door de kiezer worden bekeken. Daarom is het goed dat nu ook de man die D66 belichaamt, zelf duidelijk heeft gemaakt waar hij staat. Weliswaar een maand na dato. Maar toch.

Dat Van Mierlo de plannen van de coalitie “een bende” noemt en dat wat hem betreft dit kabinet beter kan opstappen, is logisch. Daar is Van Mierlo oppositieleider voor en als zodanig is het goed die rol ook af en toe te spelen. Werkelijk interessant wordt het echter wanneer Van Mierlo zijn alternatief voor de WAO-plannen aan de kiezer aanbiedt. Net als het behoudende middenkader van de PvdA en net als de vakbeweging kiest Van Mierlo namelijk voor voortzetting van het bestaande WAO-regime. Met dien verstande dat iedereen wat meer zijn best moet doen om het aantal WAO'ers niet uit de hand te laten lopen. In het verlengde van een recente succes-tijding van een Gemeenschappelijk Administratie Kantoor heeft Van Mierlo het over “bedrijfsgebonden verzuimbegeleiding”.

Deze plaatsbepaling is opmerkelijk. Niet eens zozeer omdat een uitdijend administratief WAO-apparaat al een klein decennium betere resultaten bij betere inspanningen in het vooruitzicht stelt en dus enige skepsis bij zulke meldingen geleidelijk gewenst is. Opmerkelijk is het vooral, omdat het hele WAO-regime in zijn huidige vorm paternalistische en etatistische trekjes vertoont. De overheid zorgt niet alleen voor een bestaansminimum waarna het individu zich al naar gelang behoefte en luim kan bijverzekeren, maar de overheid schrijft dwingend voor. Wie spreekt over individualisering en eigen verantwoordelijkheid kan bij de hele gedachtengang van de huidige WAO vraagtekens zetten. D66 doet dat niet. Pragmatisme met het oog op de opiniepeilingen?