IMF stopt Sovjet-Unie in bakje "te behandelen'

DEN HAAG, 20 AUGUSTUS. De aanvraag van de Sovjet-Unie voor een volledig lidmaatschap van het Internationale Monetair Fonds en de Wereldbank zal voorlopig blijven liggen in het bakje "te behandelen'. Formeel is de aanvraag niet van de baan en zal de gebruikelijke procedure worden gevolgd, maar daarmee zal geen enkele haast worden gemaakt.

Eind juli, een week nadat de Westerse industrielanden de Sovjet-Unie een "speciale band' met de twee internationale instellingen aanboden, kondigde Sovjet-president Gorbatsjov aan dat hij een aanvraag voor volledig lidmaatschap had ingediend in Washington. Dit bracht de rijke landen in verlegenheid, aangezien het moeilijk zal zijn om de Sovjet-Unie, een supermacht op een lemen economische basis, in te passen in het IMF en de Wereldbank, waar de macht is verdeeld volgens het economische gewicht van de 155 lidstaten.

Een woordvoerder van het IMF zei gisteren desgevraagd: “De aanvraag ligt hier en zal te zijner tijd worden behandeld. Het proces stopt niet, maar dat wil evenmin zeggen dat het vorderingen zal maken.” De raad van bestuur van het IMF, die iedere aanvrage van lidmaatschap moet goedkeuren, is met vakantie.

Niet bekend

Als een land lid is van het IMF en de Wereldbank, heeft het recht op technische adviezen en kan het een beroep doen op de fondsen van beide instellingen. De omvang van de leningen die het IMF verstrekt hangt af van het aandeel van een land in de financiële middelen van het IMF. De Wereldbank kent een dergelijke beperking op zijn uitleenmogelijkheden niet.

Al voor de coup tegen Gorbatsjov waren de Westerse landen, in het bijzonder de Verenigde Staten, zeer terughoudend bij goedkeuring van een Sovjet-lidmaatschap van de multilaterale instellingen. Dat heeft te maken met een binnenlands Amerikaans probleem, de goedkeuring door het Congres van een verhoging van de middelen waarover het IMF beschikt met vijftig procent. Hiertoe werd anderhalf jaar geleden besloten, maar het Congres aarzelt over goedkeuring van de Amerikaanse bijdrage.

Los van politieke aspecten zijn de toewijzing van een quotum aan de Sovjet-Unie en de herschikking van de bestaande quota van lidstaten door de toetreding van de Sovjet-Unie ingewikkeld. Het IMF kent een wegingssysteem waarmee het economische gewicht van landen wordt bepaald. Hierbij tellen onder meer de omvang van het bruto nationale produkt, het aandeel van de buitenlandse handel en de financiële reserves van een land mee. Het quotum van een land in het IMF bepaalt het stempercentage dat een land krijgt toegewezen en is daarmee een zaak van groot nationaal prestige.

De Sovjet-Unie heeft weliswaar een omvangrijk bruto nationaal produkt, maar op andere punten scoort het laag. Deskundigen schatten dat de Sovjet-Unie na Frankrijk en Groot-Brittannië op de zesde plaats in de IMF-hiërarchie zou kunnen terecht komen. De eerste drie plaatsen worden bezet door de VS, Japan en Duitsland. Dit zou een Sovjet-quotum van ongeveer 10 miljard dollar inhouden (waarvan een kwart betaald moet worden in harde valuta, de rest in roebels), op grond waarvan het volgens de huidige regels in een periode van drie jaar maximaal 30 miljard dollar zou kunnen lenen van het IMF.