Problemen met tarwe-oogst versterken chaos in het land

ROTTERDAM, 19 AUG. De dreigende slechte voedselsituatie is ongetwijfeld mede aanleiding geweest voor de machtswisseling in de Sovjet-Unie. In de loop van de zomer werd duidelijk dat het land grote moeite heeft de tarwe-oogst van dit seizoen binnen te halen.

Niet alleen blijft de oogst, door moeilijkheden bij het inzaaien en lokale droogte, achter bij de recordoogst van vorig jaar (217 miljoen ton tarwe) maar ook zijn er technische problemen met de maaidorsmachines die door gebrek aan reserveonderdelen en brandstof maar voor een deel inzetbaar zijn. Bovendien werden de staats- en collectieve boerderijen ervan beticht de tarweoogst achter te houden tot daarvoor later hogere prijzen waren te bedingen als ze toestemming kregen de tarwe tegen "marktprijzen' in plaats van door de staat bepaalde prijzen te verkopen. De tarweoogst voor dit jaar wordt geschat op maar 190 miljoen ton. De Sovjet-Unie, nu al de grootste graanimporteur ter wereld, moet daarom opnieuw grote graaninkopen (naar schatting 33 miljoen ton) in het Westen doen. President Bush heeft daarvoor deze zomer, mede op aandringen van de Amerikaanse tarweboeren, opnieuw kredieten verstrekt.

Vooralsnog lijken de gebeurtenissen geen schokkende invloed te hebben op de agrarische handel met Nederland. Die is relatief beperkt en liep de laatste jaren terug. In 1989 werd volgens het CBS ter waarde van 455 miljoen gulden naar de Unie geëxporteerd, vorig jaar was dat maar 251 miljoen gulden. (De import uit de Unie lag dat jaar rond de 214 miljoen gulden). Het volume van de export van landbouwprodukten naar de Sovjet-Unie heeft een sterk wisselend karakter. “Zodra er ergens een gebrek aan is sluit de Unie ad hoc contracten voor aanzuivering van het tekort”, aldus een woordvoerder van het ministerie van economische zaken.

De uitvoer naar de Sovjet-Unie bestaat, voor zover valt na te gaan, vooral uit landbouwmachines, zaaizaden en pootgoed. Een goed overzicht over de handel tussen Nederland en de Unie ontbreekt omdat de Nederlandse bedrijven de laatste jaren individuele contracten sloten met afnemers in de Sovjet-Unie. Voorheen liep dat via de Nivaz, een instituut dat de handel in landbouwprodukten tussen Nederland en de Sovjet-Unie, China en Zuid-Korea coördineerde.

De laatste tijd richten verschillende Nederlandse bedrijven, zoals Cebeco Handelsraad, zich vooral op commerciële dienstverlening, op managementsondersteuning en begeleiding van afzonderlijke landbouwprojecten. Met presentaties in Leningrad, Kiev en Minsk werden de Nederlandse capaciteiten op dit gebied onder de aandacht gebracht.

In mei van dit jaar werd een partij pootaardappelen geleverd van ongeveer 50 miljoen kilo (voor ruwweg een even groot aantal guldens). Het was het grootste pootaardappelcontract dat ooit tussen de Unie en Nederland werd gesloten, aldus de Nederlandse Federatie voor de handel in pootaardappelen. Over de betaling van de transactie maken de exporteurs zich geen zorgen. “Dat is allemaal prima geregeld”, aldus Agrico in Emmeloord, een van de betrokken exporteurs.