Onder curatele

AAN DE LEER van de internationale betrekkingen wordt een nieuw hoofdstuk toegevoegd.

Het nog in naam soevereine Irak wordt in toenemende mate onder regelrechte curatele geplaatst van de Verenigde Naties. Wie wil kan dit zien als een precedent, ook al moet worden erkend dat Irak voor dit tijdsgewricht een bijzondere rol heeft gespeeld en daardoor in een bijzondere situatie is geraakt.

Evenals destijds de "vijandstaten' Duitsland en Japan - tegen wie de Verenigde Naties zich bij hun ontstaan aan het einde van de Tweede wereldoorlog wilden beschermen - heeft Irak vorig jaar internationale grenzen geschonden om een soevereine en volgens het volkenrecht gelegitimeerde staat zonder pourparlers in te lijven. Daarmee bracht Bagdad niet alleen het bestaansrecht van Koeweit in het geding maar tegelijkertijd de bestaansreden van de Verenigde Naties. Een staat moet het wel heel bont maken om samen met Irak in een categorie te kunnen worden geplaatst.

NIET ALLEEN zijn de directe gevolgen van Iraks agressie tegen Koeweit ongedaan gemaakt door het Iraakse leger uit het emiraat te verdrijven, maar met het instellen van een door de VN gecontroleerde veiligheidszone langs een nu internationaal vastgestelde en verzekerde grens tussen beide landen is bovendien toekomstige agressie van de kant van Bagdad praktisch onmogelijk gemaakt. Irak is vervolgens niet bezet, maar het toezicht waaronder het land is geplaatst komt een bezetting zeer nabij. De heersers in Bagdad werden er van verdacht met Koeweit hun machtshonger nog lang niet te hebben gestild. Vandaar dat Iraks militair-industriële complex tijdens de luchtoorlog werd aangegrepen en na de nederlaag door inspectieteams van de VN tot op de fundamenten wordt ontmanteld. Bagdad heeft, zo blijkt, hiertegen geen verweer.

Schimmiger is de toestand van de minderheden, Koerden en sji'ieten, maar ook ten behoeve van deze vervolgden heeft het door de VN uitgeoefende toezicht effect. Zeker de Koerden genieten in de hun gegarandeerde veiligheidszone in Noord-Irak een bewegingsvrijheid die voor hen ongekend is. Zoals onlangs werd aangetoond met de activiteiten van Turks-Koerdische opstandelingen in het Turks-Iraakse grensgebied.

Met het oog op de voortdurend verslechterende toestand van de Iraakse bevolking als geheel is de internationale curatele nu uitgebreid tot het terrein van de buitenlandse handelsbetrekkingen van Irak. Ingevolge een besluit van de Veiligheidsraad wordt de vorig jaar na Iraks inval in Koeweit ingestelde boycot, voorlopig eenmalig, verlicht. Er mag een zekere hoeveelheid olie worden uitgevoerd, maar de aanwending van de opbrengst daarvan is door de VN bepaald. Een deel is bestemd voor schadevergoeding aan slachtoffers van Iraaks agressie, een deel voor voedsel en medicamenten ten behoeve van de noodlijdenden in Irak zelf. De verdeling daarvan heeft plaats onder toezicht van de VN.

HET OPTREDEN van de Verenigde Naties stoelt op hoofdstuk VII uit het Handvest waarin de volkerenorganisatie haar leden en zichzelf de juridische middelen verschaft om zich tegen agressie te weer te stellen. Zodra de internationale vrede en veiligheid op het spel staan, kunnen die middelen worden aangewend. In de operaties tegen Irak is gebleken dat deze formulering een keur van handelingen dekt zolang er in de Veiligheidsraad een grote mate van eenstemmigheid bestaat. Dat is tot op heden met betrekking tot Irak gelukkig steeds het geval geweest.